Ook het Rode Kruis kan niet helpen

De Palestijnen verwachten veel te veel van het Rode Kruis. ,,Wij moeten overal zijn en dat kan helemaal niet.''

De Palestijn Zuheir smeekt de hulpverleners van het Rode Kruis voor het ziekenhuis in Beit Jala, bij Bethlehem, hem te helpen. Hij schreeuwt en huilt tegelijk. ,,We moeten de mensen daarbinnen helpen.'' Hij wijst naar Bethlehem. ,,U bent van het Rode Kruis, en u moet mij helpen, mijn vrouw gaat dood zonder haar pillen. U draagt dat uniform van het Rode Kruis maar u weigert mijn vrouw te helpen.'' Hij zwaait met het zakje met de pillen. ,,Het is jullie werk. Jullie kunnen daar binnenkomen. Ik heb niets om mij mee te beschermen, en ik moet naar mijn vrouw. Doe toch iets!''

,,U moet ons begrijpen. Het is onze taak om voor de zieken en gewonden te zorgen, maar wij kunnen alleen werken als wij toestemming krijgen van de autoriteiten. Het Israëlische leger heeft het uitgaansverbod nu opnieuw ingesteld en wij kunnen er niet meer in.'' Jessica Barry, woordvoerster van het Internationale Comité van het Rode Kruis (ICRC) voor Gaza en de Westelijke Jordaanoever, zucht: ,,Dat is het moeilijke aan het werk in deze intifadah. De mensen verwachten veel te veel van het Rode Kruis. Wij moeten overal zijn en dat kan in deze oorlog helemaal niet. Het is heel moeilijk om dat aan de mensen, de familie en kennissen van de slachtoffers, en de hele Palestijnse gemeenschap duidelijk te maken.''

De witte voertuigen en vrachtwagens van het ICRC en de ambulances van de PRCS, de Palestijnse Rode Halve Maan, zijn een kwartier eerder bij het ziekenhuis van Beit Jala teruggekeerd van een voedselverstrekking in het centrum van Bethlehem. Het Israëlische leger had vandaag, voor de tweede keer in een week, de inwoners van Bethlehem en Beit Jala de toestemming gegeven om gedurende een paar uur de straat op te gaan. ,,De bevolking stormt gewoon de straat op op zoek naar eten. Het is als een zak confetti die uitgeschut wordt'', zegt Barry.

Zuheir heeft daarvan gebruik gemaakt om met een taxi de medicijnen die zijn vrouw nodig heeft te gaan zoeken, maar hij is te laat aangekomen bij het hospitaal van Beit Jala. Hij durft Bethlehem, waar de tanks weer te horen zijn, niet alleen meer in. ,,Het uitgaansverbod is in theorie opgeheven van één tot vijf, maar het duurt in de praktijk altijd minder lang. Zo gauw er ergens geschoten worden vluchten de meeste mensen weer naar binnen'', zegt Jessica Barry.

Barry stelt dat er geen enkel respect meer is voor de emblemen van het ICRC of de PRCS. ,,Wij kunnen niet werken zonder toestemming van Israël. Het gaat in de eerste plaats om de veiligheid. De PRCS-ambulances hebben de grootste moeite om ergens te komen. Ze kunnen niet helpen als er op hen geschoten wordt, en wij van het ICRC zorgen voor het contact met de Israëlische kant, zorgen dat ze de toestemming geven om de gewonden te helpen. Maar zelfs als we het groene licht krijgen komen de ambulances toch onder vuur of ze worden toch dagenlang opgehouden'', verklaart Barry.

Volgens Barry wordt een aantal basisprincipes van de Geneefse conventies geschonden, bij voorbeeld door het niet toelaten van ambulances om gewonden en doden op te halen. Ze zegt dat er geen enkel bewijs is dat ambulances van de Rode Halve Maan zijn gebruikt om explosieven of wapens te vervoeren, zoals Israël zegt. Het is normaal om ambulances te controleren, zegt ze, maar ze dagenlang ophouden is een grove schending van de Geneefse conventies. ,,In Nablus en Jenin blijven de doden dagenlang in de straten liggen omdat wij de lijken niet kunnen ophalen. En veel van de honderden Palestijnse gewonden zijn gewoon doodgebloed omdat er geen hulp bij hen werd toegelaten.''

Het resultaat van deze oorlog is ,,een humanitaire ramp'', zegt Barry. ,,Veel ziekenhuizen hebben geen water meer, en de ingenieurs kunnen er niet bij komen om reparaties uit te voeren, en de elektriciteit is uitgevallen, zodat de doden niet langer in de hospitalen kunnen worden bewaard en begraven moeten worden op het terrein van het hospitaal zelf. In Bethlehem en in Beit Jala is het opheffen van het uitgaansverbod veel te kort om veel uit te maken. De mensen stormen gewoon de straat op op zoek naar voor voedsel en brengen enkele gewonden naar het hospitaal. Wij kunnen op die manier niet eens de ergste nood lenigen.''

Het is vijf over vijf en de straten van Beit Jala die tien minuten geleden nog vol leven waren, met overal wandelende groepjes mensen en druk pratende buren, liggen er nu weer volkomen verlaten bij. Enkele gele taxi's rijden met piepende banden in paniek de stad nog uit en er weerklinken salvo's van machinegeweren, vanaf de Israëlische tanks die opnieuw tot de orde van de dag overgaan.