Olieprijs dans als jojo op en neer

De toestand in het Midden-Oosten houdt de oliemarkten nerveus. Als een jojo dansen de olieprijzen op en neer. Vanmorgen daalden de prijzen nadat ze gisteren waren gestegen.

Op de termijnmarkt van Londen stond de prijs van het toonaangevende Brent (olie uit de Noordzee, levering in mei) omstreeks het middaguur bijna een halve dollar lager dan de slotprijs van gisteren.

Gisteren was de prijs nog met 1,03 dollar gestegen tot 27,02 dollar per vat (159 liter). Dat was niet omdat de Iraakse leider Saddam Hoessein zijn exportstop met onmiddellijke ingang afkondigde. Daarop reageerden de olieprijzen nauwelijks. De stijging had zich gistermorgen al voltrokken wegens het verscherpte Israëlisch-Palestijnse conflict. In de loop van de dag kwamen de prijzen nauwelijks meer van hun plaats.

Op de termijnmarkt van New York sloot gisteravond de prijs van het toonaangevende West Texas Intermediate (levering in mei) 67 dollarcent hoger op 26,88 dollar per vat. Een minder grote stijging dan in Londen dus.

Volgens cijfers van de OPEC, het oliekartel van elf olieproducerende landen dat naar eigen zeggen zo'n 40 procent van de mondiale olieproductie voor zijn rekening neemt, heeft Irak momenteel een productiecapaciteit van 2,3 miljoen vaten en een olie-export van 1,8 miljoen vaten per dag. Te weinig om het mondiale olieaanbod te verstoren. Te meer omdat Saoedi-Arabië, de grootste olieproducent te wereld, tegen een olieboycot van het Westen is en heeft gezegd eventuele tekorten uit zijn reserves te zullen aanvullen.

Irak mag onder het `olie-voor-voedselprogramma' van de Verenigde Naties onbeperkt olie exporteren om, onder controle van de VN, humanitaire goederen voor de bevolking aan te schaffen en zo de nadelige gevolgen van het internationale handelsembargo voor de bevolking op te vangen. De gisteren afgekondigde exportstop, die dertig dagen zou duren, heeft daardoor gevolgen voor de Iraakse bevolking, die direct te lijden heeft van het gebrek aan olie-inkomsten.

Irak heeft het oliewapen eerder gebruikt. Zo legde Saddam in december 2000 voor twee weken de olie-export stil wegens een dispuut met de VN over de olieprijs. Volgens cijfers van de VN verloor Irak toen in twee maanden tijd twee miljard euro aan inkomsten voor het voedselprogramma. Ook toen leed de Iraakse bevolking. Overigens verdient Saddam via oliesmokkel volgens een schatting van de Verenigde Naties jaarlijkse 2 miljard dollar. Dit geld gaat rechtstreeks naar het regime.