Kwakje eiwitverlies

We zouden het vergeten in een tijd waarin de medische wetenschap een steeds grotere stem krijgt in de sportprestatie, maar het bijgeloof speelt nog altijd een grote rol. Nog altijd wordt de seksuele onthouding gezien als een probaat middel om de krachten in de juiste richting te leiden. Deze techniek is nog altijd zeer populair in het professionele wielerpeloton. Verlies van lichaamssap betekent verlies aan kracht. Op cruciale momenten worden de sappen liefst binnengehouden. Dit geloof is diep geworteld en kent een zeer lange traditie.

Zo kende ik een groot renner die de dag voor een belangrijke klassieker een leren riempje rond zijn penis snoerde opdat, in het geval van kwaaie dromen, de hom het lichaam niet kon verlaten.

B., de grote Italiaanse campionissimo uit de jaren veertig, maakte er geen geheim van alleen te neuken met de kerst. Hij zou zelfs uitgeroepen hebben: op eerste kerstdag komt er alleen maar poeder!

Of wat te denken van het volgende: Renner X ligt op zijn hotelbed en concentreert zich op de dag van morgen die zíjn dag moet worden. Hij is in bloedvorm en wekenlang heeft hij zich met succes weten te behoeden voor een zaadlozing. Maar hij wordt het slachtoffer van een overval. Een vijftal concurrenten dringt zijn kamer binnen. X wordt overmeesterd. Vier man grijpen hem vast bij armen en benen, nummer vijf trekt hem af. De volgende dag verlaat X, lang voordat de finale wordt ingezet, verzwakt en misselijk het strijdtoneel.

Recent wetenschappelijk onderzoek heeft echter aangetoond dat een zaadlozing meer of minder er niet toe doet. Maar dertig jaar geleden zei de beroemde sportarts Rolink al: ,,Het is niet erg om met een wijf naar bed te gaan, maar de flauwekul eromheen, het geouwehoer en het geflikflooi, daar ben je uren mee bezig, dát is pas slopend.'' Een andere sportarts: ,,Dat kwakje eiwitverlies is te verwaarlozen.''

De Hongaarse Haich heeft zich verregaand in de kwestie verdiept. Ze schrijft: `Ervaren sportlui zijn reeds lang tot het besef gekomen dat ze met een leven van matiging en onthouding veel krachten kunnen verzamelen. Maar de onrijpe ziel die dwangmatig de onthouding beoefent zal ziek worden. In de meeste gevallen zal in de eerste plaats de schildklier overprikkeld raken waaruit dan mogelijk hartstoornissen, maar in elk geval een onverdraaglijke stroom van gedachten, angsttoestanden en nog andere, veel ergere stoornissen voortvloeien. Dit alles kan een zware zenuwinstorting, misschien een nog gevaarlijker situatie veroorzaken die men tegenwoordig aanduidt met de woorden gespletenheid, krankzinnigheid of schizofrenie. Tussen aanvallen van razernij en onbevredigde seksuele geladenheid bestaat een niet te loochenen samenhang.'

De renner zal niet terugschrikken voor de bijwerkingen die Haich hier schetst. Sterker nog, deze bijwerkingen zijn eerder voorwaarden om klassiekers als de Ronde van Vlaanderen of Parijs-Roubaix winnend af te sluiten. De onrijpe ziel die volgens Haich in gevaar is kan het door dwangmatige onthouding nog een heel eind schoppen.