Advocaat: met taps is geknoeid

Het openbaar ministerie heeft in de zaak tegen de Turks-Koerdische zakenman Hüseyin B. aan de rechter het verslag van een afgeluisterd gesprek overgelegd waarmee is geknoeid. Die beschuldiging staat in een brief die de advocaten Bakker-Schut en Van der Plas vandaag aan het gerechtshof van Den Bosch hebben gestuurd. De advocaten staan de in 2001 voor moord en drugshandel tot levenslang veroordeelde B. bij in hoger beroep.

Een gesprek dat volgens het door de politie opgestelde tap-rapport is opgevangen via een basisstation voor mobiele telefoons in Amsterdam blijkt te zijn gevoerd in Turkije. In het bewuste gesprek zegt B.: ,,Ik ben in Istanbul.''

Uit onderzoek dat de advocaten van het Amsterdamse kantoor hebben laten verrichten bleek eerder dat het mogelijk is om verslagen van afgetapte gesprekken te manipuleren. De overheid heeft met name geen ,,afdoende controle'' op de werking van de door de Israëlische firma ComVerse aan de politie geleverde software en apparatuur. Die zit in ten minste 14 van de 39 tapkamers van de politie, van waaruit wordt getapt in het kader van strafrechtelijk onderzoek.

Een van de deskundigen, R.Gonggrijp, verklaarde voor het hof dat het ,,op heel veel verschillende manieren'' mogelijk is om met taps te rommelen. Tevoren geprepareerde gesprekken kunnen bijvoorbeeld zo afgedraaid worden dat de computer in de tapkamer niet kan vaststellen of die gesprekken daadwerkelijk op het moment van registratie zijn gevoerd. Volgens Gonggrijp is het makkelijk om in de bestanden van de computer in te grijpen.

De bewerking van tapverslagen zou zo werkelijkheidsgetrouw zijn dat zij niet van echt zijn te onderscheiden. B. heeft van meet af aan betwist dat de tapverslagen een juiste weergave van zijn gesprekken waren. De zaak wordt donderdag voortgezet.

Een woordvoerder van het hof wilde vanochtend geen commentaar geven.