Tortelier verbaast in Franse muziek

De Franse dirigent Yan Pascal Tortelier dirigeerde twee weken geleden het Concertgebouworkest in omstreden uitbundige uitvoeringen van de Symfonie in d van César Franck en La mer van Debussy. Dit weekend was Tortelier opnieuw te gast bij het orkest voor een tweede, interessant opgebouwd Frans programma. Het voerde van Ravel via Berlioz naar de oermuzikale wereld van Henri Dutilleux' Tout un monde lointain (1967-1970) voor cello en orkest.

Spanning is in muziek een complex, niet altijd analytisch ontrafelbaar begrip. De vijf evocatieve delen van Dutilleux' celloconcert, ontleend aan gedichten uit Baudelaires Les fleurs du mal, voeren voor de solist van vonkende virtuositeit in Énigme naar breed elegisch lijnenspel in Miroirs. Die uitersten werden door Godfried Hoogeveen, de eerste cellist van het orkest die hier de solopartij voor zijn rekening nam, gepresenteerd met een grote diversiteit en een gonzend intense klank. Hoogeveen verzorgde in 1979 de Nederlandse première van dit werk, en betoonde zich hier opnieuw een zichtbaar en hoorbaar bevlogen pleitbezorger van Dutilleux' klankwereld.

Een andere kwestie is hoe een dirigent spanning doseert. Yan Pascal Tortelier staat steeds voor een duidelijke visie, en in Ravels Valses nobles et sentimentales realiseerde hij in de opeenvolging van walsen een breed spectrum aan sferen en kleuren. Nu eens glansrijk en helder, dan weer ronkerig robuust was het orkestspel, dat fraai uitkristalliseerde in de ongrijpbare, surrealistisch spannende sfeer van het slotdeeltje.

In de fragmenten uit Berlioz' `symphonie dramatique' Roméo et Juliette nam Tortelier zijn toevlucht tot opmerkelijke extremiteiten. Ter bevordering van de dramatische opbouw klonken er véél generale pauzes, maar de twinkelende en sprookjesachtige scherzosfeer van La Reine Mab – een minifee in een karretje – werd door al die cesuren eerder versnipperd dan geïntensiveerd. Yan Pascal Tortelier is een dirigent die het orkest met vurige gebaren oppookt tot uiterste uitbundigheid (de feestscène) en inbindt tot intense, traag uitgesponnen intimiteit (Scène d'amour). Het leidde hier tot mooie momenten en een indrukwekkend etaleren van de klankmogelijkheden van het orkest. Maar de wijze waarop Tortelier muzikale uitersten uitlichtte en tegen elkaar uitspeelde in zijn streven naar dramatiek, maakte duidelijk dat spanning met meer samenhangt dan met felle contrasten en agogische uitroeptekens.

Concert: Koninklijk Concertgebouworkest o.l.v. Yan Pascal Tortelier. Gehoord: 5/4 Concertgebouw, Amsterdam.