Arbeiders volgen wals uit Wales

Het staalconcern Corus heeft sinds de fusie meer dan zesduizend Britse werknemers op straat gezet, terwijl de Nederlandse vestiging in IJmuiden juist meer capaciteit kreeg. Acht mannen uit Wales maken nu de overstap van Ebbw Vale naar IJmuiden.

Met hun kort geschoren hoofden zijn ze eenvoudig te herkennen tussen de Nederlandse collega's. Als ze beginnen te praten, wordt de laatste twijfel weggenomen: deze drie mannen komen uit het Verenigd Koninkrijk. Ze zijn meegekomen met een staalwals uit een failliete Corus-fabriek in Wales. Op zoek naar een toekomst.

In een klein klaslokaal in het Kraanvogelgebouw op het voormalige Hoogovensterrein in IJmuiden zitten Dale Jordan (25), Nick Woolf (39) en Alan Hancock (36) naast elkaar in de schoolbanken. Ze krijgen een spoedcursus Nederlands.

Lachend lezen ze elkaar om de beurt een stukje Nederlandse tekst voor. ,,De Niederlanders houden erk van sporten. Zoals sjaatsen, voetbal en volleybal'', klinkt het. Vooral de harde `g' en de lange `a' leveren na vier weken nog steeds grote problemen op.

Het Brits-Nederlandse staalconcern Corus leed sinds de fusie tussen British Steel en Hoogovens in 1999 ruim 2,5 miljard euro verlies. De Britse staalmarkt lijdt onder een afnemende binnenlandse vraag naar staal en de hoge koers van het Britse pond. In het Verenigd Koninkrijk zijn sinds de fusie 6.300 banen verloren gegaan en de reorganisaties gaan door.

De drie staalarbeiders werkten tot maart 2002 in de staalfabriek van Corus in het Ebbw Vale in Wales, die sinds begin vorig jaar wordt ontmanteld. Toen Jordan negen jaar geleden aan de slag ging in de fabriek – destijds onder de vlag van British Steel – werkten er 1.300 man. In juli van dit jaar sluit de fabriek haar poorten.

De streek Blaenau Gwent waar de staalfabriek staat, gaat al tijden gebukt onder slechte economische omstandigheden. De werkloosheid heeft inmiddels de 10 procent overschreden. Toen ruim een jaar geleden de sluiting van de verliesgevende Corus-fabriek werd aangekondigd, besloot de Corus-top een moderne staalwals van Wales naar IJmuiden te verplaaten. Meer dan 400 man personeel kreeg de kans om de machine, die verpakkingsstaal voor bijvoorbeeld conservenblikken maakt, naar Nederland te volgen. Verwacht wordt dat 30 à 40 medewerkers van die gelegenheid gebruik zullen maken.

Een kleine groep werknemers heeft inmiddels een bezoek aan IJmuiden gebracht en slechts acht nemen nu deel aan het inburgeringstraject dat 1 juli afloopt. Dan beslissen ze officieel of ze blijven, maar voor deze drie staat het besluit al vast. Sterker nog, ze hebben enkele twijfelaars over de streep gestrokken. Onder oud-collega's in Wales staans ze inmiddels bekend als de `ambassadeurs' in Nederland.

Vorige week zijn er weer drie mannen met partners en familie op bezoek geweest. In de komende maanden worden er meer verwacht. Veel zullen het er echter niet zijn, want de stap om huis en haard te verlaten voor een toekomst in het buitenland blijft groot.

,,Het is heel simpel'', licht Woolf zijn besluit toe, ,,Als we waren gebleven hadden we een `bestaan' kunnen opbouwen. Nu we zijn vertrokken hebben wij een `toekomst'. Er is weinig werk in Wales. Het minimumloon ligt rond de vier pond per uur (6,68 euro). Om weer terug te gaan naar 300 euro in de week is moeilijk. Zeker als je drie kinderen hebt.''

De vakbond FNV Bondgenoten heeft van meet af aan achter de komst van de arbeiders uit Wales gestaan. FNV-bestuurder J. Duynhoven, verantwoordelijk voor Corus bij de bond, ging ten tijde van de sluiting in Ebbw Vale pas akkoord met de komst van de staalwals naar IJmuiden, nadat de werknemers de kans werd geboden mee te reizen. ,,Het was onacceptabel dat duizenden werknemers in het Verenigd Koninkrijk op straat werden gezet, terijl wij in Nederland de productiecapaciteit van hun fabriek erbij kregen'', aldus Duynhoven.

Ook een woordvoerder van Corus is blij met de komst van de Welshmen: ,,Het is tegenwoordig een probleem om geschoold personeel te vinden. De tendens is dat jongeren steeds minder belangstelling hebben voor technische opleidingen. Deze jongens kunnen met een lichte omscholing meteen aan de slag.'' De kosten van het vier maanden durende inburgeringstraject, die in de duizenden euro's per persoon lopen, worden voor lief genomen.

Voor de mannen uit Wales blijft het voorlopig een groot avontuur. Het openbaar vervoer vinden ze hier goed geregeld, maar aan het rechts rijden moeten ze nog wennen. Net zo als de schuimkraag van twee vinger op het ,,lekkere'' Nederlandse bier. Hancock: ,,zeker met die dikke vingers die de barmannen hebben.''