Voor vrede is nooit gevochten

Het is volkomen misgegaan met het vredesproces in Israël en de Palestijnse gebieden. Oorzaak: de Israëlische leiders en Arafat hebben hun geloof in vrede nooit uitgedragen. De intifidah heeft het conflict weer existentieel gemaakt: wie verwoest wie?

`Je moet op de foto. En je verhaal doen op het journaal, en aanbuitenlandse media. De Palestijnen doen het ook, het is je nationale plicht.'' Vanaf haar hospitaalbed schudde de zwaar gewonde joodse koloniste nog eens van nee naar de steeds geagiteerdere Israëlische voorlichters. Ze wilde niet, ze kon het niet. Maar de voorlichters in het Hadassa-ziekenhuis in Jeruzalem hielden aan. Vers van de operatietafel moest en zou ze de wereld vertellen hoe ze door een Palestijnse strijdgroep was beschoten toen ze hoogzwanger met haar vader door de bezette gebieden reed: vader dood, zij een kogel in de buik, kind met keizersnede gehaald. Eerder op die dag, eind februari, hadden Israëlische soldaten namelijk een Palestijnse auto beschoten met daarin een hoogzwangere vrouw en haar man: kind gered, man dood. Uiteindelijk verscheen de joodse koloniste inderdaad op televisie.

Zover is het gekomen hier. De Palestijnse zelfmoordterroriste die zich eind januari opblies in Jeruzalem, was de stad binnengekomen in een ambulance. Twee weken geleden werd opnieuw een Palestijn betrapt die in een ziekenauto een bom naar Israël probeerde te smokkelen. Regelmatig executeren of lynchen Palestijnen nu landgenoten die worden verdacht van collaboratie met Israël. In Bethlehem hingen ze het lijk van een van hen aan een lantaarnpaal. Deze week verschansten Palestijnse strijdgroepen zich in de geboortekerk in Bethlehem, naar wordt verondersteld de geboorteplaats van Jezus Christus. Ze hopen dat Israël de kerk aanvalt, en zo een internationaal religieus schandaal veroorzaakt.

Of neem die scène medio januari in Rafah in het zuiden van de Gazastrook. Nadat Hamas-strijders vier Israëlische militairen hadden gedood, stuurde Israël de bulldozers erop af. Niet naar de plek waar Hamas had toegeslagen, maar naar het vluchtelingenkamp verderop. Daar werden zeventig huizen met de grond gelijk gemaakt, de bewoners moesten hun bezittingen achterlaten. Allemaal Palestijnse propaganda, reageerde de Israëlische regering op beelden van dakloze families in lekkende tenten. ,,Die huizen waren onbewoond'', zei Ben Eliezer, minister van Defensie en leider van de Arbeidspartij, ooit pro-vrede. ,,En als de huizen toch bewoond blijken te zijn geweest'', vervolgde hij, ,,dan geven we die mensen gewoon een caravan.'' Premier Sharon voert dezer dagen nauwelijks nog overleg met zijn kabinet, laat staan met het parlement, terwijl de opperbevelhebber van het leger zich intensief bemoeit met de politiek. In een opiniepeiling blijkt 49 procent van de Israëlische bevolking voorstander van de etnische zuivering (`transfer') van alle vier miljoen moslims en christenen uit Israël en de bezette gebieden. De peiling is van begin maart, nog van voor de laatste golf bloedige zelfmoordaanslagen.

Je zou het niet denken als je de luidkeelse verontwaardiging over het lot van de Palestijnen ziet in de Arabische en islamitische wereld en bij linkse Europeanen. Maar de strijd tussen Israël en de Palestijnen is, in aantallen slachtoffers, altijd het beschaafdste conflict geweest van de hele regio. En het democratische Israël was althans tot het begin van deze intifadah met afstand het fatsoenlijkste land in de regio. Ter vergelijking: toen de vorige Syrische president Assad in 1982 te maken kreeg met een fundamentalistische oppositie, liet hij in de stad Hama naar schatting 20.000 mensen vermoorden. Toen koning Hussein van Jordanië botste met de Palestijnse guerrilla's in zijn land, bracht hij er op Zwarte September achtduizend om het leven – het viervoudige van wat Israël in twee intifadah's aan Palestijnse slachtoffers maakte. En in 1988 vergaste en executeerde Saddam Hussein de inwoners van een aantal Koerdische dorpen. Ruim 180.000 doden is de schatting.

Maar dezer dagen glijden Israël en de Palestijnen naar een onbeschaafder niveau, zowel qua slachtoffers als strijdmethodes. Stel dat Amerika met zijn 250 miljoen inwoners op dezelfde schaal verliezen zou lijden als de drie miljoen Palestijnen nu. Dan zouden er in de Verenigde Staten nu 80.000 doden zijn, en een miljoen gewonden. Voor Israël was deze maand met 120 burgerdoden de bloedigste in twintig jaar.

Hoe kon het vredesproces zo ontsporen? Hoe dreef Israël zo ver af van de democratische en humanitaire normen op grond waarvan het al decennia de steun van het Westen verdient en krijgt? En hoe kon de droom van de Palestijnen tien jaar geleden om de eerste Arabische democratie te worden, zo ontaarden? Bij de Palestijnen is nu de vrijheid van meningsuiting afgeschaft, zijn corruptie, verwijtbare incompetentie en machtsmisbruik eerder regel dan uitzondering en is er nog altijd geen onafhankelijke rechterlijke macht. Over dat laatste: de Europese Unie zou voor de Palestijnen rechtbanken bouwen. Maar, zei de EU enkele maanden terug, dan moet Arafat, leider van de Palestijnse Autoriteiten, eerst het protocol ondertekenen dat onafhankelijke rechtspraak mogelijk maakt. De EU kon billijken dat de intifadah het houden van eerlijke en open verkiezingen niet toestaat, maar onafhankelijke rechtspraak kon en moest er nu echt komen. Arafats reactie vat in enkele woorden samen waar zijn prioriteiten liggen: dan maar geen rechtbanken.

Dit is wat er is misgegaan met het vredesproces: de Israëlische leiders en Arafat zijn allebei blijven hangen in oude patronen. Ze zijn nooit werkelijk gaan geloven in vrede. Arafat heeft niet één keer zijn bevolking in alle openheid geconfronteerd met de offers die een historisch compromis met Israël inhouden: een eigen Palestijnse staat op 22 procent van het te verdelen grondgebied van Palestina (Gaza, Westelijke Jordaanoever en Oost-Jeruzalem) in ruil voor erkenning van Israël in de overige 78 procent, en afzien van het recht op terugkeer door de Palestijnse vluchtelingen naar Israël. Dit is het hoogst bereikbare voor de Palestijnen, stemt overeen met resoluties van de Verenigde Naties en blijkt, zo suggereren de opiniepeilingen althans, aanvaardbaar voor een meerderheid van de Palestijnen in de bezette gebieden.

Maar Arafat heeft deze keuze nooit voorgelegd aan zijn volk, en is tegelijkertijd blijven schermen met de gewapende strijd: zomerkampen waarin jongetjes een soort militaire training krijgen, toespraken in het Arabisch die suggereren dat een Palestijnse staat naast Israël slechts de eerste stap is naar de vernietiging van de joodse staat. Tijdens deze intifadah gaf Arafat periodes lang de zelfmoordcommando's van Hamas alle ruimte. Volgens documenten die donderdag door Israël zijn gepresenteerd, heeft Arafat zelfs financieel terreuroperaties ondersteund.

De man die de Palestijnse kwestie op de internationale agenda wist te krijgen, bleef kortom altijd een guerrillaleider en werd nooit een staatsman. Een corrupte guerrillaleider bovendien die met Europees geld in acht jaar een flink eind opschoot met de opbouw van een klassieke Arabische dictatuur van patronage, corruptie en repressie. Het is niet ongewoon dat de Palestijnse politie de zoon van een rijke Palestijn onder een vals voorwendsel een tijdje opsluit. Papa mag dan zijn kroost komen vrijkopen. Hadden de Palestijnen, terwijl Arafat in ballingschap zat in Tunis, daarvoor de eerste intifadah gevoerd (zie kader)?

Israël op zijn beurt heeft tijdens acht jaar vredesproces het aantal joodse kolonisten in Palestijns bezet gebied verdubbeld. Israël onderhandelde met de Palestijnen volgens het principe `land in ruil voor vrede', terwijl het tegelijkertijd dat te ruilen land volbouwde met joodse nederzettingen die het zegt nooit meer te zullen ontmantelen. Verder is Israël doorgegaan met het vernederen, koeioneren en onderdrukken van de gewone Palestijnse bevolking. Ook in het zogeheten A-gebied onder direct bestuur van Arafat hebben de Palestijnen toestemming uit Jeruzalem nodig voor iedere reis naar het buitenland of van Gaza naar de Westoever, voor ieder rijbewijs, iedere waterput, ieder huwelijk.

De afgelopen achttien maanden is het Arafat geweest die er al dan niet actief voor zorgde dat Palestijnen zich hebben kunnen opblazen. Maar het is de voortdurende Israëlische kolonisatie- en onderdrukkingspolitiek van de afgelopen acht jaar die ervoor heeft gezorgd dat Palestijnen zich willen opblazen.

Was het wantrouwen, racisme of gebrek aan durf? Hoe dan ook, net als Arafat zijn ook de Israëlische politici geen staatslieden gebleken. Ook zij hebben hun eigen bevolking nooit eerlijk het historische compromis met de Palestijnen voorgelegd: een veilige joodse staat met als offer de bezette gebieden. Zoals Arafat bleef schermen met de gewapende strijd, zo bleven de Israëlische politici, inclusief de Arbeidspartij, het eigen electoraat voorhouden dat Israël allebei kon hebben: niet vrede in ruil voor de bezette gebieden, maar vrede plus de bezette gebieden – althans belangrijke delen daarvan.

Het vredesproces wist de strijd tussen Israël en de Palestijnen te reduceren tot een territoriaal conflict: wat worden de grenzen? Maar deze intifadah maakt het conflict weer existentieel: wie verwoest wie? Een gemiddeld gesprek met een Israëliër dezer dagen:

,,De Arabieren haten ons. Ze willen ons dood omdat we joods zijn.''

,,Misschien. Sommigen haten jullie inderdaad. Maar de meesten willen gewoon vrijheid en een eigen staat.''

,,Maar die hebben we ze geboden bij Camp David.''

,,Daar boden jullie vijf thuislandjes.''

,,Wij zijn zoveel sterker, we hadden ze veel minder kunnen bieden. En het is toch nooit genoeg. Je kunt Arabieren niet vertrouwen, dat zit in hun cultuur.''

Vervolg op pagina 24

Vrede

Vervolg van pagina 23

En een gemiddeld gesprek met een Palestijn dezer dagen:

,,De joden vinden zichzelf superieur. Ze doden onze kinderen. Ze haten ons.''

,,Misschien. Sommigen haten jullie inderdaad. Maar de meeste willen gewoon leven in vrijheid en vooral in veiligheid.''

,,Maar die hebben we ze geboden, vorige week nog op de Arabische top in Beiroet. Ze hebben vanavond nog vrede, als ze zich terugtrekken uit de bezette gebieden. Waarom doen ze dat dan niet?''

,,De meeste Israëliërs zijn bang dat die terugtrekking uit de bezette gebieden slechts stap één is op weg naar de vernietiging van Israël. De joden worden al 2000 jaar vervolgd. Is het bij hen niet uiteindelijk angst in plaats van superioriteitsgevoel?''

,,Wij Palestijnen hebben de joden nooit vervolgd. Als jullie je schuldig voelen in Europa, geef hun daar dan een stuk land. Vrede met de joden kan niet, kijk maar naar de afgelopen acht jaar. Ze zijn onbetrouwbaar, dat zit in hun geloof.''

Iedereen lijkt uit het oog te hebben verloren dat dit conflict niet gaat tussen Israëliërs en Palestijnen. Het gaat tussen die Israëliërs en Palestijnen die geloven in coëxistentie en een historisch compromis, en die Israëliërs en Palestijnen die geloven dat de Ander de zee in moeten worden gedreven.

En het zijn de gewone door-de-weekse Israëliërs en Palestijnen die de prijs betalen voor het onvermogen of de onwil van hun leiders om een brug te slaan naar de vredelievende mensen in het andere kamp. De Israëliërs worden nu vrijwel volledig geleefd door de zelfmoordaanslagen. Tot voor kort zag je in Israël zwervers bij het rode stoplicht om geld bedelen. Maar als zo'n man nu naar de wachtende auto's toescharrelt, stuiven ze alle kanten op. Want wie weet, is het een verklede Palestijnse zelfmoordterrorist.

Of loop door Ramallah, Gazastad of Hebron. Niets is meer normaal, geen straat loop je nog onbevangen in. Overal staren nieuwe `martelaren' en slachtoffers je vanaf knullig vervaardigde posters aan. Gewone jongens en meisjes, oudere vrouwen en mannen.

Hoe gaat dit verder? In het Witte Huis, de Europese hoofdsteden en op CNN is het vredesproces de afgelopen jaren vaak omschreven met de metafoor van een trein. Die gaat vooruit (,,get the peace process moving'') of loopt juist even vast (,,get the peace process back on track'').

Maar wie de rokende puinhopen van de afgelopen achttien maanden overziet, beseft dat dit beeld niet klopt. Eerder was het vredesproces een langzaam opgebouwde piramide van wijnglazen die, eenmaal ingestort, nooit meer op die manier is op te bouwen. De vredeskampen aan beide zijden zijn kapot.

Al die linkse Israeliërs die al anderhalf jaar vrezen voor hun leven en dat van hun kinderen, en die vergeefs wachten op ondubbelzinnige veroordelingen van de zelfmoordaanslagen door prominente Palestijnen. En al die pro-vredes- Palestijnen die zagen hoe vrijwel heel Israël de mythe van Camp David (,,we hebben ze alles gegeven'') omarmt, en hoe de voormalige pro-vredes Arbeidspartij inclusief Shimon Peres al anderhalf jaar de meedogenloze onderdrukking van gewone Palestijnse burgers goedpraat.

Afgelopen maandag zat ik in Jeruzalem in een gedeelde Palestijnse taxi toen de radio berichtte dat bij een bomaanslag flink wat Israëlische burgers waren gedood. Het nieuws werd door de twaalf passagiers in de auto – mannen en vrouwen, kinderen en bejaarden – unaniem instemmend begroet. Sommigen grinnikten zelfs.

Eergisteren nam ik een Arabische taxi naar de luchthaven van Ben Gurion nabij Tel Aviv om iemand af te halen. Voor je Ben Gurion binnen mag, kijkt een Israëlische veiligheidsagent bij iedere auto naar binnen. Joden mogen doorrijden, Arabieren worden apart genomen. Mijn Arabische taxi-chauffeur liet het zich welgevallen, net als het incident dat daarop volgde, en dat duidelijk maakt hoezeer het hier mis is.

Op de weg terug stonden we te wachten bij een druk kruispunt in het joodse deel van Jeruzalem. Net toen we het kruispunt opdraaiden, stapte een joodse kolonist op onze auto af. Een ontelbare seconde keek hij naar binnen, zag dat de chauffeur een Arabier was, ging voor de auto staan en hield een groot bord omhoog met de tekst: dood aan de Arabieren.

Het meest indrukwekkende was de manier waarop de jonge kolonist onze blikken vermeed. Terwijl hij pal voor onze motorkap stond, keek hij continu over de auto heen.

De Israëlische medeweggebruikers toeterden en gebaarden intussen woedend naar de man. Niet vanwege het bord, want dat soort kreten tref je overal in Israël op muren en bushokjes aan. De automobilisten waren boos omdat de joodse kolonist het verkeer ophield.