Het onbegrip heerst nog steeds

De droom om met Feyenoord kampioen te worden en de UEFA-Cupfinale in de Kuip te spelen, is tastbaarder dan ooit, beseft de 32-jarige spits Pierre van Hooijdonk. ,,Niemand in Nederland wist hoe ik het beste functioneer.''

Met keizerlijke allure waakt Pierre van Hooijdonk over het welzijn van Feyenoord, maar de dirigent is ook bereid om vuile handen te maken. De 32-jarige spits staat in het seizoen van zijn leven niet alleen garant voor magische vrije trappen en cruciale doelpunten. Een beeld uit het eerste duel met Internazionale in de halve finales van de UEFA Cup illustreert hoe Big Pete zichzelf ondergeschikt kan maken aan het collectief. Na een krachtige sliding verovert hij de bal aan de zijlijn om vervolgens met een uitgekiende breedtepass teamgenoot Van Persie in stelling te brengen. Van Hooijdonk verenigt zowel de arbeider als de aristocraat in zich.

De droom om een UEFA-Cupfinale in eigen huis te mogen spelen, is tastbaarder dan ooit, mijmert Van Hooijdonk in Milaan. Donderdag zal de Kuip weer aan zijn voeten liggen, want ook het Rotterdamse legioen koestert inmiddels zijn Pi Air, de aanvaller die boven alle lof is verheven. Hoe anders was de stemming na het moeizame debuut van Van Hooijdonk voor Feyenoord, dat hem voor twee miljoen euro overnam van Benfica. Enkele dagen voor de eerste ontmoeting met Inter filosofeerde Van Hooijdonk uitvoerig over de aanpassingsproblemen, die hij bij Feyenoord heeft gekend.

Misschien waren de verwachtingen wel te hoog, veronderstelt Van Hooijdonk. ,,Ik kwam in een elftal terecht dat niet gewend was te spelen met een spits als ik. Dat heeft tijd gekost. Kritiek vindt niemand leuk. Kritiek is een motie van wantrouwen. Toch heb ik het idee dat ik gehoor heb gevonden bij de trainer en de spelersgroep. Ik hoef geen vrienden over te houden aan mijn periode bij Feyenoord. Ik wil kampioen worden en het winnen van de UEFA Cup zou helemaal bijzonder zijn voor een Nederlandse club.''

Het duurde even voor de noodkreet van Van Hooijdonk werd begrepen. ,,Ik pas alleen in de puzzel als alle stukjes goed op zijn plaats vallen en dat gebeurde bij Feyenoord niet'', meent hij. ,,Ik heb gewezen op mijn geringe rendement en daarbij zijn soms harde woorden gevallen. Je kunt niet altijd met vleugelaanvallers voetballen. De spelers bepalen het systeem. Je moet het niet omdraaien, dan word je juist de gevangene van je systeem. Kalou speelt nu fantastisch. Maar hij is lange tijd onzichtbaar geweest. Nu laat Leonardo weer flarden zien van zijn vorm uit het vorige seizoen en zorgt Van Persie voor veel dreiging vanaf de linkerkant. Zo ga ik automatisch beter spelen.''

Van Hooijdonk stuit nog immer op onbegrip over zijn speelwijze. ,,Ik ontdekte dat bijna niemand in Nederland weet hoe ik het beste functioneer. Dat is ook logisch, want ik heb sinds mijn vertrek bij NAC in 1995 nauwelijks meer in Nederland gespeeld. Zelfs de kenners reageerden verbaasd dat ik zo vaak op het middenspel speel, maar zo speelde ik altijd. Van Hooijdonk wordt in Nederland beschouwd als diepste spits. Maar dat ben ik dus juist niet. Bij Feyenoord hadden mensen het idee dat ik vanwege mijn postuur een tweede Houtman was. Alsof je bij Van Hooijdonk alleen de stekker erin hoeft te stoppen. Maar ik kan die ballen toch moeilijk over de grond in het doel koppen, dan moeten er wel voorzetten komen.''

Meerdere keren geselde Van Hooijdonk zijn ploeggenoten met een klaagzang over het spelconcept. ,,Het feit dat ik mijn kritiek regelmatig moest herhalen, onderstreepte dat het niet goed ging bij Feyenoord. In de Champions League zijn we veel te kort gekomen. Zo moedeloos voelde ik me in de thuiswedstrijd tegen Sparta Praag dat ik me niet meer kon beheersen. In die rode kaart zaten mijn frustraties verpakt in de wetenschap dat ik mijn meerwaarde voor het elftal niet kon tonen. Ik vergeet ook niet dat we nu in de tweede divisie van het Europese voetbal de halve finales hebben bereikt. Natuurlijk heerste bij ons een crisis, toen we ook thuis van FC Twente verloren. Maar de positie van de trainer heeft nooit ter discussie gestaan. We hebben elkaar de waarheid gezegd en het resultaat is nu zichtbaar.''

Van Hooijdonk hield Feyenoord op de been met 23 doelpunten, waarvan negen uit zijn fameuze vrije trappen. Bij RBC, NAC, Celtic, Nottingham Forest, Vitesse, Benfica en Feyenoord heeft hij op die wijze al 44 keer gescoord. Van de studie van dit wapen heeft Van Hooijdonk een wetenschap gemaakt. Over de techniek: ,,Ik trap de bal nooit op dezelfde manier, soms trap ik met de binnenkant van de voet, soms met de wreef. Het is afhankelijk van de afstand naar de goal, hoeveel vaart ik de bal mee moet geven. Heb ik meer kracht nodig of draait het om de precisie? Die factoren laat ik meewegen in mijn keuze. Ik tel mijn passen bij de aanloop niet van tevoren af, dat doe ik op gevoel. Ik probeer er wel voor te zorgen dat de bal droog is, dan heb ik een beter contact. Vaak voel ik meteen nadat ik de bal heb geraakt of het een doelpunt oplevert.''

Van Hooijdonk heeft zijn specialisme dit seizoen verfijnd door een tactisch programma om de vrije trap heen te bouwen. ,,De tegenstanders gingen allerlei trucs uithalen in de hoop dat mijn rendement lager zou worden. Sommige ploegen stelden een muurtje van drie spelers op, in plaats van vijf. Dan zette ik gewoon twee medespelers in de muur. Het is ook een misvatting te denken dat een muur geen zin heeft, want dan wordt het helemaal een gokspel voor de doelman. Tegen het te snel uitlopen van spelers in de muur kan ik me niet wapenen. Daar kan ik alleen de scheidsrechter op attenderen. Het gebeurde tegen Inter ook weer dat de muur niet op de vereiste afstand stond. Daar erger ik me aan. Bij mijn laatste poging had ik echt het gevoel dat het raak zou zijn. De keeper reageerde al niet eens meer, helaas kwam de bal op de lat.''

Op de meeste afweermechanismen heeft Van Hooijdonk een antwoord gevonden. ,,Het is bovendien in ons voordeel dat onze tegenstanders als de dood zijn om een overtreding in de buurt van het strafschopgebied te maken. Maar het blijft een kunst om daar gebruik van te maken, want ik zou mijn vrije trappen nog geen penalty willen noemen.'' Voor de tegenstanders heeft de vrije trap van de maestro wel het psychologisch effect van een strafschop. Zo was zijn tweede doelpunt tegen Glasgow Rangers een logisch gevolg van de totale paniek bij de verdedigers van de Schotse club. Toen Van Hooijdonk libero Amoruso angstig naar zijn keeper zag lopen en weer terug, wist hij genoeg. ,,De chaos bij Rangers versterkte mijn gevoel dat de bal alleen maar over het muurtje hoefde om opnieuw te scoren. Dat beeld maakte me nog sterker.''

De mooiste treffer uit een vrije trap produceerde Van Hooijdonk tegen het Duitse Freiburg, waarmee hij zijn ploeg bij een 2-0 achterstand voor een blamage behoedde. ,,Toch had ik juist bij die vrije trap niet voor honderd procent de intentie om te scoren.'' Hij schetst de situatie op een stuk papier. ,,Ik probeerde de bal keihard voor de goal te schieten, zodat diverse medespelers konden inlopen. Door die lopende mensen is de keeper altijd geneigd de andere hoek te kiezen. Dat moment werd de doelman van Freiburg fataal.''

En waag het niet publiekelijk de autoriteit van Van Hooijdonk op dat gebied te betwisten, ontdekte de pas 18-jarige Robin van Persie vorige week. Die revolte van de jeugd drukte de `teamchef' van Feyenoord hardhandig de kop in. Zijn charisma geeft Feyenoord immers meer inhoud, zeker in de grote wedstrijden. ,,Jezelf manifesteren in het hol van de leeuw, zoals bij Glasgow Rangers en Internazionale, daar kan ik echt van genieten.''

Toch werd Van Hooijdonk lange tijd niet herkend als een vedette. ,,Het gebrek aan waardering loopt als een rode draad door mijn carrière. Daar heb ik de motivatie uit geput. Ik heb altijd gevoeld dat mensen twijfelden aan mijn capaciteiten. Er is ook veel aan te merken op mijn spel. Ik maak geen doelpunten met de fluwelen voeten van Bergkamp. Ik mis de elegantie van Van Basten. Als ik de magnifieke bewegingen van Kluivert zou imiteren, breek ik mijn benen. Bij mij kan een bal drie meter van mijn voet springen, ik ken mijn beperkingen. Maar ik heb ook kwaliteiten, die een elftal beter maken en die houden me al twaalf jaar overeind.''

Bondscoach Advocaat verklaarde onlangs even niet meer naar Van Hooijdonk om te kijken na zijn afmelding voor de oefeninterland tegen Spanje. ,,Het Nederlands elftal is niet populair meer'', stelt Van Hooijdonk. ,,Het is dan ook heel gemakkelijk van de bondscoach om in deze fase een signaal af te geven met loyaliteit en eer als trefwoorden. Ik vind het niet netjes mij daarvoor te gebruiken. Ik vind het onprofessioneel dat Advocaat zijn onvrede over de afmeldingen van Bosvelt en mij zo naar buiten heeft gebracht. Als iemand de afgelopen jaren loyaal is geweest ten opzichte van het Nederlands elftal ben ik dat. Ik heb daar zelfs mijn clubs op afgestemd. Als ik geen international was geweest, had ik andere keuzes gemaakt in mijn leven.''

Van Hooijdonk wacht immers nog steeds op zijn eerste hoofdprijs. Tranen vloeiden reeds over zijn wangen na de miraculeuze ontsnapping tegen PSV in het UEFA-Cuptoernooi. ,,Het scenario was ook perfect. Scoren in blessuretijd en de vijfde en laatste penalty benutten, mooier kon het niet. Het was een unieke avond, hier had ik als kind van gedroomd.''

Want juist als kind hielp het voetbal hem over een psychologische barrière. Zijn donkere huidskleur is tevens de enige herinnering aan de Kaap-Verdische man, die Van Hooijdonk slechts als zijn biologische vader beschouwt. ,,Na een of twee maanden was hij reeds uit mijn leven verdwenen, ik heb mijn blanke stiefvader altijd als mijn echte vader gezien. Ik ben dus oer-Hollands opgegroeid, met zuurkool en worst. Ik heb nooit de behoefte gevoeld om op zoek te gaan naar mijn wortels, want die liggen in Steenbergen, bij mijn blanke ouders. Voor mijn moeder is het niet gemakkelijk geweest. Maar ik heb nooit gewild dat ze zich schuldig zou voelen. Ik heb een perfecte jeugd gehad.

,,Het heeft me aan niets ontbroken. Ik weet waar ik vandaan kom en ik heb daar vrede mee. Ik heb ook nooit een thema willen maken van mijn achtergrond, omdat je zo snel een stempel krijgt opgedrukt. Natuurlijk viel ik op als kind, ik was de enige donkere jongen in het dorp. Maar ik kreeg niet het idee dat ik iets uit moest leggen. Ik blonk al snel uit in het voetballen en dat heeft mijn integratie zeker bevorderd. Ik weet niet of ik anders zou zijn behandeld als ik dat talent niet had meegekregen. Ik heb gelukkig altijd een sterk karakter gehad, daarom heb ik me nooit kwetsbaar gevoeld. Geestelijk ben ik altijd onafhankelijk geweest.''