`Iedereen houdt van boeken over een wees'

De Amerikaanse schrijver Jonathan Lethem schreef een spijkerharde maar menselijke, prijswinnende roman die zich afspeelt in een Italiaanse wijk van Brooklyn. Ze noemen hem een postmodernist, maar `eigenlijk ben ik heel traditioneel'.

Aan het eind van ons gesprek zet Jonathan Lethem zijn handtekening in mijn exemplaar van Motherless Brooklyn. Zelf verzamelde hij vroeger gesigneerde eerste edities van boeken, vertelt hij. Want in zijn jeugd in New York zag Lethem (1964) schrijvers als onbereikbare grootheden. ,,Ik had allerlei fantasieën over de schrijvers van dierbare boeken. Een gesigneerde uitgave was voor mij een manier om met de persoon achter het boek in contact te komen. Als een bewijs van zijn menselijkheid.' Inmiddels is het uitwisselen van gesigneerde boeken tussen hem en collega-schrijvers een vast onderdeel van het begroetingsritueel geworden: ,,Het gaat wel ten koste van the thrill of the chase', zegt hij spijtig.

Want zijn roman Motherless Brooklyn, dat in 1999 in Amerika verscheen (en nu in het Nederlands is vertaald als De Minna Mannen) veranderde Lethem van een cultschrijver in een gevierd publieksauteur. Zijn bizarre, maar gesmeerde verhaal over een detective die lijdt aan het syndroom van Tourette combineert het speurders-genre met de psychologische case-studie: hoe verhoudt iemand met Tourette zich tot zijn omgeving? Het boek beschrijft de zoektocht van hoofdpersoon Lionel Essrog naar de moordenaar van zijn baas en werkgever. Deze Frank Minna leidde een agentschap voor verhuizers annex detectives in Brooklyn. Minna recruteerde zijn werknemers uit het plaatselijke weeshuis, vandaar de titel. Het boek won in Amerika de National Book Critics Circle Award, en in Engeland de Golden Dagger voor misdaad-auteurs. De Amerikaanse acteur Edward Norton heeft de rechten gekocht om het te verfilmen.

Lethems toon is hardboiled, met veel straatjargon en New-Yorks bargoens. Dankzij het Tourette-syndroom van Esrogg kon Lethem vrijelijk met de taal aan de haal te gaan. Geheel conform de wetten van deze aandoening (Lethem baseerde zich op de boeken van Oliver Sachs over het onderwerp) laat hij Essrog improviseren met de woorden, als een freestylende rapper. Essrogs brein haakt zich vast op bepaalde woorden en roept uit: `Characteristic autistic mystic my tic dipstick dickweed' (zinnen die door Dons Reerink in De Minna Mannen inventief werden vertaald in ritmisch Nederlands: `Karakteristiek ethiek mystiek mijn tic elastiek pikziek'). Vandaar dat zijn bijnaam onder collega's `Freakshow' is.

Tactiel

Ook zijn handelingen worden bepaald door Tourette: het eindeloos schakelen met lichtknopjes, het dwangmatig mensen aanraken. Er zijn drie dingen die Essrog kunnen kalmeren: cheeseburgers eten, masturberen en luisteren naar het nummer `Kiss' van Prince (`Want de muziek van Prince is op zichzelf al Tourette-achtig, met al die nerveuze kreetjes en afgepaste ritmes', zegt Lethem.)

De aanwezigheid van Essrog legde Lethem een bepaalde schrijfstijl op. ,,Ik was in mijn eerdere boeken gewend om me vooral te wijden aan de gedachtenwereld van mijn hoofdpersonen. De dagelijkse werkelijkheid bestond nauwelijks. Maar Essrog is door zijn ziekte een tactiele man die zich juist intensief bezighoudt met zijn omgeving. Door hem ben ik in die concrete zaken geïnteresseerd geraakt. Vroeger vond ik die alledaagse beslommeringen maar prozaïsch. Dat was meer iets voor een ander soort schrijver, John Updike bijvoorbeeld. Ik was surrealistischer. Ik liet mijn hoofdpersonen graag ronddwalen in een soort pop-art-landschap. Lionel Essrog heeft mij als schrijver definitief veranderd. Hij heeft een stem gegeven aan de banale dingen.'

Maar al heeft Lethem in Motherless Brooklyn de werkelijkheid van een wijk in Brooklyn beschreven, en speelt het boek in een tijd waarin mobieltjes en het oeuvre van Prince al een rol spelen, de sfeer neigt naar de jaren vijftig. Brooklyn wordt voornamelijk bewoond door Italiaanse Amerikanen, en de misdaad beperkt zich goeddeels tot dreigende honkbalknuppels. ,,Dat komt doordat ik me aan de wetten van een bepaald genre wilde houden', zegt Lethem, ,,dat van de hard-boiled detective-roman uit de jaren vijftig: de stijl van Humphrey Bogart en de kettingrokende rechercheur. Dat is de iconografie van boeken van Chandler en Ross MacDonald. Bovendien wilde ik nadrukkelijk een strenge vorm in combinatie met een bizar onderwerp: de vertelstem van Essrog is chaotisch, maar de structuur waarbinnen hij bestaat is vertrouwd bij de lezer.

,,Daarom koos ik voor dit type harde detective, iedereen kent de wetten waaraan die voldoet. Ik hou me graag bezig met structuur en de balans tussen taal, verhaal en personage. Mijn voorbeelden zijn dan ook Engelse `klassieke' romanschrijvers als Iris Murdoch, Anthony Powell en Muriel Spark. Ik word versleten voor een postmodernist, maar eigenlijk ben ik veel traditioneler dan ze allemaal denken.'

Jonathan Lethem groeide op in Boerum Hill, een wijk in Brooklyn. Zijn ouders waren idealistische hippies (vader kunstenaar, moeder mensenrecht-activiste) die een arme zwarte wijk uitkozen om met hun jonge gezin te gaan wonen. Boerum Hill heeft in de afgelopen decennia een metamorfose ondergaan. Van arm en verwaarloosd is het nu welgesteld en populair bij vooral witte jonge mensen, aldus Lethem, die er inmiddels zelf ook weer woont.

Rassenkwestie

Brooklyn, en zijn eigen opgroeien aldaar, is het onderwerp van zijn volgende boek. Het moet zeshonderd pagina's dik worden en zal juist de ontwikkelingen in Boerum Hill beschrijven. ,,Daar heeft zich een grote omwenteling voltrokken in de jaren zeventig. Ik hou van dat soort overgangsperioden. Ik was nu net in Berlijn en daar herkende ik hetzelfde gevoel in het voormalige Oost-Berlijn, je vóelt de vibraties en groeipijnen van zo'n stad. Dat is interessant; interessanter dan een nette woonwijk vol witte mensen. Maar het is er prettig rustig wonen nu, dat moet ik toegeven. Daarom wordt het zo'n dik boek: er zitten zoveel, bitterzoete kanten aan de zaak.'

In zijn nieuwe boek wil Lethem een omissie in zijn vorige goedmaken: de rassenkwestie. ,,In Motherless Brooklyn is alles Italiaans omdat Frank Minna dat is, en ik niet te veel buiten die sfeer wilde treden. Maar toen ik in Brooklyn opgroeide hing alles samen met verschillen tussen zwart en wit. In Boerum Hill woonden toen nog maar een stuk of vier witte gezinnen. Er waren tijden dat ik me een opgejaagde prooi voelde, op weg naar school en weer naar huis. Het was een vreemde situatie: hoewel ik hier de underdog was, was ik me er als klein kind al van bewust dat ik niets te klagen had. En ik wist dat mijn plaaggeesten het moeilijker zouden hebben dan ik.

,,Die periode heeft me enigszins weerbaar gemaakt. Mijn reactie was om veel te gaan lezen. Ik zat altijd binnen, in de boeken. Ik sloot me af voor de cultuur op straat. Nu ben ik een liefhebber van hiphop, maar ik besteede er geen aandacht aan toen dat fenomeen onder mijn neus werd geboren. Integendeel, ik ging zo vaak mogelijk naar Manhattan om daar de nieuwe punk en new wave-bands te zien: Blondie, The Ramones en de Talking Heads in CBGB's of de Mudd Club.'

We spreken over Lethems keuze om de hoofdpersonen van Motherless Brooklyn ouderloos te maken. ,,Ik dacht aan Dickens en vond het een goede manier om te benadrukken dat de personages sterk op elkaar aangewezen waren. En het gaf ze ook nog eens een extra gevoel ergens van beroofd te zijn. Motherless Brooklyn is een romantisch boek; alle emoties zijn nogal overdreven. Daarin past een gevoel van eenzaamheid. Het versterkte ook de speurtocht naar een identiteit bij mijn hoofdpersoon Lionel Essrog, die door zijn aandoening toch al een buitenbeentje was. ,,Bovendien, iedereen houdt ervan om boeken over wezen te lezen, door de eeuwen heen. Omdat iedereen zich eigenlijk een wees voelt.'

De Minna Mannen is verschenen bij Prometheus. Vertaling Dons Reerink. 374 blz. €16,50