`Gelukkig kon ik zonder krantenwijk'

Naam:

Thomas Verbogt (1952)

Laatste boek:

Onze dagen (2001)

Subsidiestatus:

sinds begin jaren tachtig gesubsidieerd,

sinds 1995 met zes maanden beurs per jaar (E13.500)

,,Sinds mijn debuut in 1981 krijg ik een beurs van het Fonds. In het begin kreeg ik weinig toegekend, de laatste vijf jaar aardig wat. Maar omdat ik naast de beurs veel andere inkomsten heb, ontvang ik de laatste jaren niet het volledige bedrag. Bij subsidieproza denk ik aan schrijvers waar ik in de jaren zeventig, toen ik in Nijmegen studeerde, mee te maken kreeg: het Rasterproza van schrijvers als Sybren Polet, Jacq Vogelaar en Lidy van Marissing. Die tijd is nu wel voorbij. Ik denk ook niet dat er in Nederland sprake is van een gesloten circuit. Iedereen zit wel op elkaars lip, en dat komt door de grootte van het taalgebied. Als ik geen subsidie van het Fonds had gekregen, dan had ik absoluut minder geschreven dan ik nu heb gedaan. Ik was niet minder intensief met schrijven bezig geweest, maar ik had mijn tijd anders moeten verdelen. Mijn eerste boek was niet zo'n succes als Blauwe Maandagen van Arnon Grunberg, dan had ik vanaf het begin mezelf kunnen subsidiëren. Nu heeft het fonds me enorm geholpen om te komen waar ik nu ben. Toen ik begin jaren tachtig vertrok als docent bij het HBO, hoefde ik dankzij de subsidie niet in paniek een krantenwijk te nemen. Er is ook wel eens iets afgewezen. De bundeling popverhalen My generation kreeg helaas geen additionele honorering. Ze vonden het boek wat te columnachtig. Ik ben het daar niet mee eens, maar ik mag niet klagen, want mijn toneelstukken en romans krijgen altijd subsidie.'