Eerbetoon

Vlak voor mijn fiets buitelen twee vechtende mannetjesmerels. Met een onverantwoorde zwenking kan ik ze ontwijken. Op het trottoir vechten ze verwoed verder.

Het vrouwtje waarvoor ze hun leven wagen, zit er op een kleine afstand schijnbaar onbewogen bij.

Ik ben er niet gerust op. Op de weg terug fiets ik naar de plaats van het gevecht. Er rijden daar veel auto's, die niet zonder risico kunnen remmen of uitwijken voor een stel verliefde vogels. En ja, daar ligt een van de merels op het trottoir. Uit zijn oranje snavel lekken druppeltjes bloed.

Wie liefde met de dood moet bekopen verdient eerbetoon. Ik pak de merel voorzichtig op. Het lijfje is nog warm. In een beschut kuiltje onder een heg leg ik de vogel neer.

Even verder hipt zijn rivaal onverstoord achter het vrouwtje aan.