Toch nog een signaal van UPC

Bel tien beleggingsexperts over kabelexploitant UPC en hoon is uw deel. In de financiële wereld nemen weinigen een van Europa's grootste kabelbedrijven nog serieus. Het bedrijf staat op het randje van faillissement, blijft excelleren in financiële hoogvliegerij en kent nauwelijks meer serieuze aandeelhouders. Ooit was het bedrijf meer waard dan ABN Amro of Heineken. Nu is het minder waard dan Ajax en vergelijkbaar met de transfersom waarmee de Franse sterspeler Zidane naar Real Madrid vertrok.

Doet het bedrijf daarom niet meer ter zake? Juist niet. Voor de samenleving blijft UPC een historische stoomcursus privatisering. UPC is ontstaan uit lange reeks overnames van van gemeentelijke en provinciale kabelbedrijven. UPC is de spil in een van de grootste privatiseringsoperaties uit de jaren negentig. Aardige kost voor de Tweede Kamer die zich volgende week over de privatisering van Schiphol en het elektriciteitsnet buigt.

Een geprivatiseerde kabelsector zou beter in staat zijn te concurreren, zo was destijds de gedachte. De prikkel van markt en competitie zou zich voor de consumenten vertalen in meer keuze, lagere prijzen en klantvriendelijkheid. Daarnaast lonkte voor de verkopende overheden het geld en maakte de beursgang van UPC een lange reeks overnames betaalbaar.

In het laatste is UPC zeker geslaagd. De veelvraat haalde miljarden op om zijn overnamehonger te stillen. De klanten van de regionale monopolist wachten daarentegen nog altijd op de zegeningen van de privatisering. Nog even geduld aub, als het gaat om meer keuze op de buis, het betalen per bekeken programma en lagere tarieven. Tot nu toe weet de consument niet beter dan dat de winkelnering gedwongen blijft. Amsterdam werd geconfronteerd met een bedrijf dat moeilijk ter verantwoording was te roepen nadat het CNN en MTV van de kabel haalde.

De tucht van de markt brengt UPC nu aan de rand van het faillissement. De Amerikaanse mediatycoon John Malone heeft inmiddels de controle verworven. In Duitsland hielden de kartelautoriteiten zijn opmars tegen. In het Verenigd Koninkrijk probeert hij het nu opnieuw.

De Nederlandse kartelwaakhond kon de tycoon moeilijk buiten de deur houden. De Nederlandse markt is, anders dan bijvoorbeeld het vijf maal grotere Duitsland, al snel te klein om voldoende concurrentie voort te brengen. In veel sectoren kan een bedrijf alleen levensvatbaar zijn met weinig tegenspelers. Of het nu om de banksector gaat of om kabel, energie, spoorvervoer of vliegvelden. Dat is de logische keerzijde van een kleine open economie. En voor zijn privatiseringsoperaties.