Milaan is nog steeds een beetje van Faas Wilkes

Faas Wilkes (79) is nog altijd de meest succesvolle Nederlandse voetballer in de geschiedenis van Inter Milaan. Deze week keerde de oud-international terug naar het stadion, waar hij tussen 1949 en 1952 triomfen vierde.

Voor de oudere aanhangers van Feyenoord is de terugkeer naar het Giuseppe Meazza-stadion in Milaan omgeven door sentimenten. Het is alweer 32 jaar geleden dat Feyenoord in deze, imposante arena de Europa Cup 1 won door Celtic na verlenging met 2-1 te verslaan. De beelden staan coach Bert van Marwijk nog helder voor de geest. ,,Ontelbare keren heb ik de doelpunten van Israel en Kindvall teruggezien'', vertelt de voormalige linksbuiten, die in 1970 bij Go Ahead speelde. ,,Milaan is een beetje van ons'', jubelde de toenmalige commentator Herman Kuiphof. Maar wie weet nog dat Milaan ooit een beetje van Faas Wilkes was?

Clarence Seedorf is de vijfde Nederlandse voetballer in dienst van de Nerazzurri, de zwart-blauwen van Internazionale. Aron Winter (1996-'99), Wim Jonk en Dennis Bergkamp (1993-'95) en Faas Wilkes (1949-'52) gingen hem voor. Seedorf zou dit seizoen de eerste Nederlander kunnen zijn die met Inter Milaan de landstitel wint. Bergkamp en Jonk (in 1994) en Winter (1998) veroverden met hun club de UEFA Cup. Wilkes was met 47 doelpunten in 94 duels de meest succesvolle Nederlander die voor Inter speelde. Deze week keerde de 79-jarige oud-international op uitnodiging van TV Rijnmond terug naar de stad waar hij vijftig jaar geleden triomfen vierde.

Peinzend staart Faas Wilkes over het veld, waar Feyenoord de laatste training afwerkt voor de ontmoeting met Inter in de halve finales van de UEFA Cup. ,,De herinneringen doen me gloeien'', zegt het voormalige idool van Johan Cruijff. Wie met Wilkes door het stadion van Inter en AC Milan wandelt, proeft bij elke stap de nostalgie. Voorzichtig bestijgt Wilkes aan onze arm de trappen van de voetbaltempel in de Milanese wijk San Siro. ,,De knieën willen niet zo best meer'', verontschuldigt Wilkes zich. ,,En ik heb ook nog een blaar onder mijn voet van alle wandelingen door de stad. Maar ik wilde deze training niet missen. Ik geniet van elke seconde in Milaan.''

Jonge Feyenoord-fans willen met Wilkes op de foto. ,,Mag het Faas?'', roept een supporter, die door zijn vrienden bestraffend wordt toegesproken. ,,Faas is meneer Wilkes voor jou.'' En zeker voor de Interisti, die hun spits uit de jaren vijftig nog niet zijn vergeten. In het museum van Inter hangt een elftalfoto uit 1951 met de legendarische Nederlandse voetballer, wiens fameuze dribbels op zwart-wit beelden van het Polygoon-journaal zijn vastgelegd. Luister naar de sonore stem van Philip Bloemendaal en daar danst Wilkes opnieuw door de verdediging van stadgenoot AC Milan. ,,Het moet in 1950 zijn geweest'', zegt Wilkes. ,,We stonden bij rust met 4-1 achter en we wonnen met 6-5. Ik scoorde die wedstrijd niet, maar ik heb diverse goals voorbereid.''

Twee oud-ploeggenoten ontmoette Wilkes bij zijn bezoek aan Inter. Ontroerd omhelsden Lorenzi en Pian de man, die volgens hen ,,de beste speler van Inter'' was in die periode. ,,Ik weet nog dat ik in een wedstrijd voortdurend de bal aan mijn voet had'', mijmert Wilkes. ,,Die kleine Lorenzi riep voortdurend dat ik de bal moest afgeven, maar dat deed ik niet. Na afloop vroeg Lorenzi in de kleedkamer of ik hem niet gehoord had. Ik antwoordde: `ik hoorde je wel, maar ik zag je niet. Het gras was te hoog'. Ik heb bij Inter mooie jaren gehad. Voor een bedrag van 60.000 gulden wilde ik in 1949 graag mijn amateurstatus bij Xerxes opgeven, hoewel mijn vertrek naar Milaan me destijds automatisch mijn plaats in het Nederlands elftal kostte. Een jaar later kreeg ik al een ton bij Inter en dat was een fors bedrag voor die tijd.''

Op zijn revers blinkt een met robijnen ingelegde broche van een andere club, waar Wilkes in de jaren vijftig voor speelde. ,,Die is van Valencia, ter herinnering aan de beker, die ik daar heb gewonnen.'' En lachend: ,,Ik heb tegen de huidige Inter-voorzitter Moratti gezegd dat ik nooit een broche van zijn club heb gekregen.'' Sinds 1962 bezocht Wilkes Milaan zelfs twee keer per jaar, nadat hij een modezaak in Rotterdam was begonnen. ,,We kochten hier de kleding. Ik proef in Milaan nog altijd de sfeer van vroeger, hoewel het stadion inmiddels een stuk groter is geworden. Ik heb ook nooit begrepen waarom AC Milan ooit heeft toegestaan dat dit stadion werd vernoemd naar een speler van Inter. Eerlijk gezegd noem ik het nog altijd San Siro.''

Als geboren Rotterdammer ligt zijn hart vanavond bij Feyenoord. ,,En ik geloof heilig in een goed resultaat voor Feyenoord, want ik ben niet echt onder de indruk van Inter'', zegt Wilkes. ,,Ik weet dat Feyenoord liever tegen AC Milan had gespeeld, maar ik schat die ploeg juist hoger in dan Inter. Natuurlijk zijn Vieri, Recoba en Ronaldo goede voetballers. Maar echt speciaal vind ik ze niet. Feyenoord heeft ook een goed elftal. Ik kijk graag naar Kalou. En Leonardo moet zijn dag hebben, hoewel ik me vaak aan hem erger. Ik zie het wel zitten.''

Weemoedig kijkt Wilkes nog één keer naar de verlaten tribunes. ,,Veel oude vrienden ben ik niet meer tegen gekomen'', fluistert hij. ,,De meesten zijn dood, dat is de tragiek van het ouder worden. Ik keek laatst naar een elftalfoto van het Nederlands elftal uit de jaren vijftig. De helft van die spelers leeft niet meer. De Italianen hebben daar een mooi gezegde voor. Het is vervelend om oud te zijn, maar het is nog erger om niet oud te worden.''