Loach: van marxist tot antiglobalist

Dankzij Ken Loach kun je soms weer het gevoel krijgen dat films de wereld kunnen veranderen. Hij is dan ook de eerste om zijn vertrouwen in film als politiek middel keer op keer te beklemtonen. The Navigators maakte hij om in Engeland de discussie over de gevolgen van de privatisering van de Engelse spoorwegen aan te zwengelen. Hij keerde met deze door Channel Four gefinancierde film terug naar het medium van zijn eerste filmpolemieken: de televisie. Televisie-uitzending garandeerde hem afgelopen najaar een veelvoud aan toeschouwers van een maandenlang roulement in de Engelse arthouses, maar aan de vooravond van die televisiepremière werd zijn film op het Filmfestival Venetië vertoond. Het was na afloop van een lange zomer, waarin ook Nederland werd geteisterd door stakingen en vertragingen. En dat was nog maar het topje van de ijsberg als we de pijnlijke onttakeling van vriendschap en loyaliteit als gevolg van een terugtrekkende overheid in The Navigators moeten geloven.

Als niemand meer verantwoordelijk is, dan verdwijnt ook de moed verantwoordelijkheid te nemen, illustreert Loach. The Navigators werd geschreven door Rob Dawson, een spoorwegarbeider die na 17 jaar dienst ten gevolge van de privatisering werd ontslagen en vorig jaar aan asbesticide overleed. Het is 1995 en een groepje spoorwegwerkers in Zuid-Yorkshire blijkt van de ene op de andere dag niet langer bij British Rail, maar bij East Midland Infrastructure in dienst, maar zonder zekerheden, verzekeringen en voorzieningen. Onze hoogste prioriteit is veiligheid, zegt het nieuwe management trots, en om de nieuwe efficiencydoelen niet te frustreren mogen er nog maar twee doden per jaar vallen. Vanaf dat moment is de bitter-ironische toon van The Navigators gezet. Loach stuurde zijn acteurs voor aanvang van de film bij de spoorwegen op cursus, wat de vanzelfsprekende atmosfeer van kameraadschappelijkheid ten goede kwam. Hij rekruteerde ze grotendeels uit plaatselijke stand-up-comedians, die naast een enkele beroepsacteur (roodharige Steve Huison uit The Full Monty) hun geïmproviseerde dialogen vol geintjes en grapjes in een vet Yorkshire accent ten beste geven.

Dicht op de huid zit hij ze met de camera, en pas als hun wereld langzaam begint te desintegreren, laat hij hun armoedige levens, hun treurige huisjes, hun schel pratende exen, hun buiten het rangeerterrein niet bestaande vriendschappen in de film toe. Van de ene op de andere dag werken ze voor zichzelf en niet meer met elkaar. De contraproductiviteit daarvan is evident en daarom zo pijnlijk, want we zien haar overal: waar flexwerken als nieuw bezuinigingsevangelie wordt gepredikt en werknemers met los-vaste contracten door hun opdrachtgevers in een sadistische wurggreep worden gehouden.

Het is een ouderwets aandoende boodschap: dat werk aan de basis ligt van solidariteit en sociale cohesie. Maar Loach weet hem in deze film, waarmee hij terugkeert naar de losse, documentaire stijl van het in de Londense bouwvakkerswereld gesitueerde ensembleportret Riff Raff (1991), aannemelijk te maken. Dat hij zijn eigen marxistische achtergrond wil vernieuwen bleek wel uit de manier waarop hij in Venetië aansluiting zocht bij de antiglobalistische protestbeweging. Dat maakt The Navigators, hoewel niet Loach' beste, tot een urgent aanvoelende film, waaruit ook Nederlandse politici en managers menselijke lessen zouden kunnen leren.

The Navigators. Regie: Ken Loach. Met: Joe Duttine, Tom Craig, Venn Tracey, Steve Huison, Dean Andrews. In: Calypso, Amsterdam; Lantaren/Venster, Rotterdam; Lux, Nijmegen.