Kanovaarder mag fuck zeggen van de Amerikaanse rechter

Vrijheid van meningsuiting? Niet als die mening in onbehoorlijke taal wordt geuit, zo vond sheriff Jim Mosciski. Dus toen computerprogrammeur Timothy Boomer in 1998 met zijn kano omsloeg in een ijskoude rivier in de Amerikaanse staat Michigan en herhaaldelijk fuck riep (`een vierletterwoord beginnend met een f', zoals Amerikaansen kranten schrijven) – daarbij een in de buurt dobberend echtpaar met twee jonge kinderen onthutst achterlatend – haalde sheriff Mosciski een uit 1897 daterende wet naar boven die vloeken in de buurt van kinderen verbiedt. Boomer kreeg een boete van 75 dollar en een taakstraf van vier dagen opgelegd.

De `vloekende kanovaarder' verweerde zich en noemde het, daarbij bijgestaan door de burgerrechtenorganisatie American Civil Liberties Union, onzin dat woorden die dagelijks op straat en televisie zijn te horen, strafrechtelijke gevolgen zouden krijgen. Een lokale rechtbank vond echter dat ,,de deugdzaamheid van onze kinderen'' in het geding was.

Gisteren kreeg Boomer van het Hof van Beroep in Detroit gelijk. De rechtbank noemde de wet ,,onconstitutioneel'' en sprak zijn bezorgdheid uit over de eventuele gevolgen die de wet kon hebben: ,,Het vervolgen van mensen die beledigende taal uitslaan, kan betekenen dat een groot deel van de bevolking vervolgd moet worden voor een misdrijf.''

Sheriff Mosciski denkt er nog steeds anders over. ,,Het was een goede wet. Met welk recht mag iemand zulke taal bezigen waar jonge kinderen bij zijn?'', zo zei hij tegen de Amerikaanse krant The Los Angeles Times. Volgens de sheriff zouden volwassenen beter moeten weten, en als er een wet voor nodig is om hen daarop te wijzen, dan moet dat maar.

Gevolg van de vier jaar durende processen is wel dat Boomers vloeken tot in alle uithoeken van de wereld werden gehoord.