Frankrijk streng voor Israël én voor Palestijnen

Met zijn grote joodse en Arabische gemeenschappen is Frankrijk kwetsbaar voor `import' van het conflict in het Midden-Oosten.

Direct na de aanslagen op synagoges in Marseille, Straatsburg en Lyon en op een kosjere slagerij in Toulouse, het afgelopen weekeinde, eiste de Franse president Jacques Chirac, onder het uitspreken van scherpe veroordelingen, extra bewaking van joodse gebedshuizen en scholen. Ook riep hij minister van Binnenlandse Zaken Daniel Vaillant bij zich, voor spoedberaad.

Opnieuw bewees de president uitstekend gebruik te kunnen maken van crisissituaties om rivaal premier Lionel Jospin een hak te zetten. Vorige week nog wees hij op de onder Jospin toegenomen onveiligheid na het door een gestoorde man aangerichte bloedbad in het stadhuis van Nanterre. Nu profiteerde hij ervan, dat Jospin machteloos in het vliegtuig zat, na een tweedaags bezoek aan de Franse Antillen.

Jospin kondigde direct na aankomst extra bewaking af en ook hij sprak van ,,absoluut schandalige en onacceptabele'' gewelddadigheden, die met ,,de grootste vastberadenheid'' bestreden moeten worden. `Platitudes', ingegeven door verkiezingskoorts, noemde schrijver Michel del Castillo de bezorgde woorden van zowel Chirac als van Jospin gisteren in het dagblad Le Monde en hij verlangde hardop terug naar president Charles de Gaulle die de `misdaad' in het Midden-Oosten aanleiding voor de aanslagen in Frankrijk – niet onbestraft zou hebben gelaten. Hij schaamde zich voor Frankrijk dat `geen stem meer heeft'.

De vliegenafvangerij tussen Jospin en Chirac daargelaten, is Del Castillo's kritiek niet helemaal terecht. Als één land zich al jarenlang, en steeds in dezelfde zin uitspreekt over het Palestijns-Israëlische conflict, dan is het Frankrijk. Parijs beroept zich op een `evenwichtige' Midden-Oosten-politiek, waarbij aangedrongen wordt op veiligheidsgaranties voor Israël in ruil voor een eigen staat voor de Palestijnen. President Chirac was de eerste die het bezoek van Ariel Sharon aan de Tempelberg een aanleiding voor de huidige intifada in felle bewoordingen veroordeelde. Premier Jospin werd twee jaar geleden op zijn beurt bijna gestenigd toen hij, op bezoek bij de Palestijnen, de Hezbollah-beweging `terroristisch' noemde.

Frankrijk ergert zich openlijk aan de Amerikaanse lankmoedigheid jegens Israël en laat zich niet hinderen door de `Europese' politiek om eigen standpunten uit te dragen. Dit weekeinde heeft de minister van Buitenlandse Zaken, Hubert Védrine, de ambassadeur van Israël op het matje geroepen en opheffing van het `beleg' van Yasser Arafat in Ramallah geëist. Dat die diplomatieke stap weinig indruk maakt en alleen maar irritatie heeft gewekt, bewees de uitnodiging aan de Franse ambassadeur door de Israëliërs, gisterochtend, om een protest in ontvangst te nemen inzake de gewelddadigheden in Frankrijk tegen joodse bezittingen. De woordvoerder van Védrine liet op ongebruikelijk onomwonden wijze weten, dat Frankrijk de Israëlische stap beschouwt als ,,een poging onze standpunten (...) in diskrediet te brengen''.

De strengheid waarmee Parijs zowel de ene als de andere partij in het conflict tegemoet treedt met op dit moment meer begrip voor de Palestijnen – is in eigen land vrijwel onomstreden. Dit, terwijl Frankrijk met 700.000 joden de grootste joodse gemeenschap van Europa herbergt en met vijf miljoen inwoners van Arabische herkomst ook een van de grootste moslimgemeenschappen heeft. Dat demografische gegeven maakt het land wel kwetsbaar voor `import' van het conflict in het Midden-Oosten en de Fransen zijn zich daarvan zeer wel bewust. Niet voor niets behoorden Chirac en Jospin tot de eerste staatshoofden en regeringsleiders die na de aanslagen van 11 september waarschuwden tegen het op één hoop gooien van terreur en islam.

Anders dan aan het begin van de tweede intifadah lijkt het antisemitische karakter van de brandstichting in de synagogen deze keer vast te staan. In oktober 2000 ging de synagoge van Trappes in vlammen op de eerste keer na de Tweede Wereldoorlog, werd toen gezegd. Onderzoek wees uit, dat het om kortsluiting ging. De destijds voorbarige conclusie is mogelijk de reden, waarom nu, terwijl het er alle schijn van heeft dat het wel degelijk om aanslagen gaat, de grootrabbi van Frankrijk, Joseph Sitruk, heeft gezegd `niet ongerust' te zijn en geen antisemitisme te ontwaren. Reportages op televisie tonen echter, dat in de beruchte Franse banlieues wel sprake is van anti-joodse sentimenten onder de jongeren van Arabische afkomst.