Stembus Oekraïne: `netter dan vroeger'

Heel wat deugde niet, voor en tijdens de verkiezingen, en de oppositie klaagde steen en been. Maar de OVSE vindt dat het netter ging dan men in Oekraïne gewend is.

Het kon niet uitblijven: aan de vooravond van de Oekraïense verkiezingen vermoordden onbekenden dan toch nog een kandidaat. In Donetsk deelden kandidaten wodka en hapjes uit aan de kiezers. In Konstantinovska werden tienduizend werknemers van grote bedrijven met busjes naar de stemlokalen gereden om op een wodkafabrikant te stemmen. In Sokolove sloegen ,,redelijk gespierde jongemannen'' een parlementariër en een Britse waarnemer in elkaar. En cynici zetten vraagtekens bij het stemgedrag van de 180.000 Oekraïense gedetineerden: 53 procent steunt de president.

Ruim 65 procent van de Oekraïeners bracht zondag zijn stem uit voor de 450 zetels van de Verchovna Rada, het parlement. Gisterochtend concludeerde de OVSE, die ruim duizend buitenlandse waarnemers had gestuurd, dat Oekraïne vooruitgang had geboekt. De media steunden de macht, maar gaven meer ruimte voor debatten en reclamespotjes van de oppositie. Oplages van oppositiekranten geconfisqueerd, partijbureaus vernield, lastercampagnes gelanceerd, neppartijen opgericht – allemaal waar, maar toch verliep het netter dan vroeger. ,,Wij hebben tot dusver niets geconstateerd dat de uitslag doorslaggevend beïnvloedt'', aldus Michael Wygant, hoofd van de OVSE-missie.

Het tellen van de stemmen was toen nog in volle gang. Verschillende exit-polls bereikten zondag eenzelfde resultaat: zes partijen en verkiezingsblokken hadden de vierprocentsdrempel gehaald. Grote winnaar was de gematigd hervormingsgezinde `Onze Oekraïne' van ex-premier Viktor Joesjtsjenko met ruim een kwart van de stemmen, gevolgd door de communisten met 20 procent en `Verenigd Oekraïne', de partij van de macht, met tien procent. De sociaal-democraten, een groep rijke zakenlieden die uit de gratie zijn, kreeg zo'n zes procent, de oppositiepartijen van `gasprinses' Joelia Timosjenko en socialist Oleksandr Moroz elk 6 tot 8 procent.

De voorlopige zetelverdeling in de Rada oogt echter heel anders. Hier gaan Joesjtsjenko en de `partij van de macht' met 112 en 104 zetels nek aan nek, volgen de communisten met 66 zetels en hebben de drie overigen elk zo'n 20 zetels. Dit komt deels omdat de Rada half proportioneel en half via een districtenstelsel wordt gekozen. Die districten zijn voor zakenlieden de ideale manier om parlementariër te worden, dicht bij de macht en immuun voor strafvervolging. Dat lukt niet altijd. Zo verloor de gastycoon Igor Bakai zijn race, maar kwamen zijn broer en chauffeur wel in het parlement. De nieuwe Rada telt 93 van dit soort 'onafhankelijken', die liefst dicht tegen de macht aanschurken.

Verder suggereren de uitslagen dat de kloof tussen oost en west nog steeds het stemgedrag bepaalt. Het westen van Oekraïne is hervormingsgezind, nationalistisch en russofoob. Daar stemde bijna 74 procent voor Joesjtsjenko en andere oppositiefiguren. De president kreeg daar maar 6 procent, de communisten 0,1 procent. In de dichtbevolkte industriële centra in het oosten, waar Russen en gerussificeerde Oekraïeners domineren, stemde ditmaal 40 procent op de communisten en de nog linksere progressieve socialisten, 20 procent voor de president en nog geen 6 procent voor Joesjtsjenko.

Voor veel kiezers is de vraag dus nog steeds: Rusland of het westen. Joesjtsjenko beloofde gisteren dat Oekraïne met hem aan het roer binnen vier tot vijf jaar lid is van de Europese Unie. Communistenleider Simonenko stak een lofzang af op de historische verstrengeling, spirituele liefde en culturele banden tussen de Slavische broedervolken en voer uit tegen het perfide Washington, dat van Oekraïne ,,een tweede Argentinië wil maken''.

Politiek analist Pogrebinski meent dat Oekraïne nog een stap richting politieke volwassenheid heeft gemaakt: kiezers stemden minder op `virtuele' partijen. In 1998 waren die nog dominant: ideologische partijen die bij nader inzien alleen de belangen van hun geldschieters behartigden. Notoir voorbeeld was de Groene Partij, die louter uit fabrieksdirecteuren bestond. De sponsor van de Groenen, staalfabriek Zaporsjstal, probeerde het ditmaal met `Vrouwen voor de Toekomst', een lijst matrones met uit graniet gehouwen kapsels. Zij bleven onder de kiesdrempel.

Zo mislukte ook het project `Team Wintergraangeneratie'. Miljoenen dollars moet de oligarch Pintsjoek, schoonzoon van de president, erin hebben gestoken. Wintergraan diende vooruitstrevende jongeren bij de oppositie weg te trekken. De boodschap: wij zijn de wintergraangeneratie, opgegroeid in barre kou, gestaald door tegenslag en klaar voor de grote wereld. ,,De ouderen hebben alle problemen veroorzaakt, wij alleen kunnen ze oplossen.'' Een Russisch pr-bureau had de campagne in elkaar gezet. Men selecteerde kandidaten via het Internet, liet ze poseren als een jongensband, huurde een bekende rockgroep om een themasong uit te brengen en bombardeerde tv-kijkers met videoclips. ,,Het zijn talentvolle jongens'', zei een jonge reclamemaker ons. ,,Ze geven zakelijke antwoorden. Niet zoals die oude apparatsjiks van ons, die eindeloos doorratelen.''

,,Ik denk dat we zeven procent krijgen, anders heb ik iets fout gedaan'', vertelde de Russische politieke technoloog Valeri Chorozovski ons vooraf in het peperdure visrestaurant Da Vinci, waar hij spaghetti met zeeschelpen at. ,,Team Wintergraan is een leerproces. We weten dat er een doelgroep is van individualistische, rechtse jongeren, die neerkijken op hun ouders.''

Maar exploitatie van de generatiekloof bleek niet genoeg om een loyale jongerenoppositie te creëren: `Team Wintergraan' snoepte slechts 2,5 procent bij de oppositie weg. ,,We hebben ons minimale doel bereikt'', zei Chorozovski gisteren via zijn mobiele telefoon vanaf vliegveld Borisopol, onderweg naar zijn volgende avontuur.