`Ik heb gevoel voor alle soorten kunst'

Hermance Schaepman is de drijvende kracht achter een omvangrijke ode van dichters en beeldend kunstenaars aan de Haagse Hofvijver. Zelfs Wim Kok bleek gevoelig voor het enthousiasme van de stadsactiviste.

Op een stralende Tweede Paasdag poseert een krasse oude dame – Schots geruite omslagdoek, rode baret op het hoofd – tussen de tevreden kuierende wandelaars aan de rand van de Hofvijver, het epicentrum van de Haagse binnenstad. Dezer dagen is het een beetje háár plek. Hermance Schaepman (1919) is de drijvende kracht achter Hofvijver in Poëzie en Beeld, een tentoonstelling waarop 167 Nederlandse en Vlaamse dichters en beeldend kunstenaars een ode aan de vijver brengen op drie locaties eromheen: het tot Kunstpassage omgedoopte voormalige bankgebouw aan de Kneuterdijk, het Bredius Museum en het Haags Historisch Museum.

Hoewel ze werkt vanuit een stichting, kan Schaepman de imposante lijst van namen en plekken net zo goed op haar persoonlijke conto schrijven. Zíj heeft iedereen, van kunstenaars tot sponsors tot de klinkende namen uit het Comité van Aanbeveling, om medewerking gevraagd, en tegen haar zegt niemand nee. Haar optreden is ,,een beetje chaotisch, maar vastberaden'', aldus premier Kok, die zaterdag op een bomvolle opening memoreerde hoe zelfs zijn ministerie van Algemene Zaken gezwicht was voor de dame met ,,muts, grote jas en stapels papier''.

,,Ik spreek niet zomaar iedereen aan, hoor'', zegt Schaepman zelf, tijdens een korte pauze van de hectiek om haar heen. ,,Ik ben geen dramster. Ik doe alles via mijn relaties. Het gaat hier om het onderwerp, dat gaat me aan het hart. Ik heb het al vaak gezegd: de Hofvijver ìs kunst. Dat de politiek van dit land zich elke dag in dit water weerspiegeld ziet, beschouw ik als een teken: politici moeten zich meer voor kunst interesseren. Daarbij is de Hofvijver een uniek historisch monument, dat niet zou misstaan op de Werelderfgoedlijst van UNESCO.''

Schaepman woont nu 35 jaar in Den Haag. Dertien jaar dreef ze er Galerie Kadans in het Maziestraatje bij het Noordeinde, en ze was de oprichtster van de Vrienden van Den Haag, een belangenvereniging die begin jaren zeventig als eerste wapenfeit de sloop van het Scheveningse Kurhaus wist te verhinderen. Tot op heden is Schaepman een vurig voorvechtster van ,,evenwicht in de stadsontwikkeling'', een balans tussen oud en nieuw. In 1993 ontving ze voor haar inspanningen de medaille van Den Haag. Schaepman: ,,In wezen ben ik a-politiek, maar door de acties rond het Kurhaus werd ik gedwongen om me ermee in te laten, en uit te vinden hoe de machinerie werkt. De gemeente heeft langetijd geen benul gehad van het feit dat er burgers bestaan, die je moet laten meedenken. Het is nu al iets beter dan vroeger, maar de kloof tussen burgers en bestuur is nog altijd te groot.''

De Hofvijver vormt in de geschiedenis van Schaepmans stadsactivisme een hoofdstuk apart. In de jaren tachtig werden er tot vijf keer toe plannen ingediend om er een parkeergarage onder te bouwen – steeds door nieuwe projectontwikkelaars, gesteund door de Kamer van Koophandel en ,,zekere stadsbestuurders, altijd van de VVD'', volgens Schaepman. Mede dankzij haar fanatieke tegenstand is het met die garage nooit wat geworden. Sinds 1998 is de Hofvijver zelfs een ecologisch monument, en worden de flora en fauna er van hogerhand beschermd.

Voor Schaepman was dat het startschot voor vier jaar onafgebroken werken aan het huidige eerbetoon. Het idee koesterde ze al langer, maar tot dan toe was ze `te beschroomd' om het uit te spreken: ,,De Hofvijver is al vaak geschilderd, maar nog nooit door een moderne kunstenaar. Waarom is er nú geen grootmeester die dit stadsgezicht eer aandoet, dacht ik steeds.'' Ze begon een reeks bezoeken aan kunstenaars en museumdirecteuren. Via een van haar `relaties' raakte het Museum voor Moderne Kunst in Oostende bij het project betrokken, dat 25 Vlaamse kunstenaars leverde. Ontwerper en voormalig Boijmans-directeur Wim Crouwel tekende voor de inrichting van de tentoonstelling. Onder de meewerkende dichters zijn K. Michel, Astrid Lampe en Ingmar Heytze.

Geen van de beeldend kunstenaars gaf de opdracht terug. De Hagenaars leverden het snelst werk in. Schaepman: ,,Sommige anderen aarzelden eerst, en zeiden: ik voel niet wat jij voelt bij die plek. Maar dan kwamen ze kijken of ze verdiepten zich in de geschiedenis, en dan kwam het vanzelf.'' Al met al getuigt Hofvijver in Poëzie en Beeld van een eclectische smaak. De vijver is er op alle mogelijke manieren verbeeld, van modern en abstract bij Rob Birza, Arno Kramer en Jan Snoeck tot meer traditioneel bij Harry Wich en Walter Nobbe. Jeroen Henneman maakte een verfijnd, houten object van de regeringsgebouwen, Merijn Bolink schilderde zijn Waterperspectief op een trap. ,,Ik kijk heel divers'', zegt Schaepman tevreden. ,,Ik heb gevoel voor alle soorten kunst.'' Als persoonlijke favoriet wijst ze een werk van Toine Horvers aan, die zijn Voorbijgangers in manische streepjes op een foto kraste.

Een paar keer figureert niet de vijver, maar Schaepman zelf op een werk. Marlene Dumas schilderde een prachtig, indringend portret van haar, La Résistance, compleet met rode baret. Dat haar gestalte nu ook de zalen siert, past wel bij Schaepmans alomtegenwoordigheid op het evenement. Sinds de opening zit ze het liefst op zaal in de Kunstpassage, om daar als een waterval medewerkers, gebouwbeheerders of bezoekers aan te spreken. ,,Wilt u omhoog? De lift achterin werkt niet, helaas. U moet de trap nemen. Tim, wat ga jij doen? Posters ophangen? Vergeet café De Posthoorn niet, daar hing ik ze vroeger altijd zelf. Het plekje naast de deur moet je hebben, dat is het beste.'' Ze zucht even. ,,Een mens moet hier aan alles denken.''

Tentoonstelling: Hofvijver in Poëzie en Beeld, t/m 9-6 in: Kunstpassage, ingang Kneuterdijk 1, Den Haag. Di-vrij 11-17u, za-zo 12-17u. Museum Bredius, Lange Vijverberg 14. Tel. 070-3620729. Haags Historisch Museum, Korte Vijverberg 7. Tel. 070-3646940. Toegang E6,-. T/m 18 jr gratis. Catalogus E20,-. Zie ook www.hofvijver.com.