CPB waarschuwt politieke partijen

De verkiezingsprogramma's van alle politieke partijen moeten worden aangepast aan nieuwe economische gegevens. Door een forse tegenvaller in de belastingen blijft er minder geld over voor aflossing van de staatsschuld, nieuwe uitgaven of voor lastenverlichting.

Dat blijkt uit een toelichting van directeur H. Don van het Centraal Planbureau (CPB) op nieuwe berekeningen van zijn bureau voor de komende begroting.

Don: ,,Partijen zullen hun prioriteiten overeind willen houden, maar dan moeten ze het op andere punten wat zuiniger aan doen. Alle partijen komen in gelijke mate in de problemen.''

De nieuwe tegenvaller wordt voornamelijk veroorzaakt door een verslechterende situatie op de arbeidsmarkt (minder werkenden, meer werkloosheidsuitkeringen). Dat leidt tot fors lagere belastinginkomsten, waardoor bij ongewijzigd beleid het begrotingsoverschot (EMU-saldo) aan het eind van de komende regeerperiode veel lager uitkomt dan verwacht, namelijk op 0,5 tot 0,75 procent van het bruto binnenlands product in 2006. De laatste CPB-analyse, met oudere cijfers, gaf een positief saldo tussen de 1,2 en 1,8 procent.

Vorige week bleek uit de traditionele CPB-doorrekening van de verkiezingsprogramma's dat nagenoeg alle partijen aansturen op een begrotingsoverschot.

Overigens trekt de Nederlandse economie wel iets aan. De groei, die vorig jaar 1,1 procent bedroeg, zal dit jaar 1,5 procent bedragen en volgend jaar 2,5 procent. Dat komt door de wereldeconomie, die na een dip van bijna twee jaar uit het dal komt. De werkloosheid loopt de komende jaren met ongeveer 100.000 mensen op naar het `evenwichtsniveau' van 4,5 procent van de beroepsbevolking.

De Nederlandse economie blijft de komende jaren echter achter bij de rest van Europa, voornamelijk door de loonkosten. Die stijgen in Nederland ondanks de slechtere economische uitgangspositie harder dan elders door de krappe arbeidsmarkt.

De directeur van het CPB benadrukte in dit verband het belang van een gematigde loonontwikkeling.