Zwanenzang: Ian Dury (1942-2002)

Net als zwanen zingen popmusici hun bijzonderste lied kort voor hun dood. Vandaag de zwanenzang van Ian Dury, de popmusicus die woensdag twee jaar geleden overleed.

Was hij dronken? Of kwam het door zijn ziekte? Toen Ian Dury in december 1998 in het Amsterdamse Paradiso zijn laatste concert in Nederland gaf, ging hij bij het eerste nummer vreselijk de mist in. De Engelse pubfunker was met een goederenlift het podium opgekomen, maar dat was niet zo vreemd. Ook in de jaren zeventig, toen Dury bekend werd met hits als `Sex & Drugs & Rock 'n' Roll' en `Hit Me With Your Rhythm Stick', bewoog hij zich als gevolg van kinderverlamming al moeizaam. Nee, raar was dat hij delen van de tekst vergeten leek te zijn en, als hij zich de woorden wel herinnerde, weifelend achter de muziek van de strak spelende Blockheads aanhobbelde.

Het grootste deel van het publiek in Paradiso vergaf het Dury en reageerde geëmotioneerd. Alle aanwezigen wisten dat Dury leed aan een ongeneeslijke vorm van kanker en niet erg lang meer te leven had. Maar na afloop van het concert ging het verhaal dat Dury's missers niet werden veroorzaakt door zijn slopende ziekte maar door eenvoudige dronkenschap. Hij zou 's middags voor, tijdens en na een interview een flink aantal pints of Dutch lager naar binnen hebben gewerkt.

Toen Dury in Paradiso optrad, had hij al geruime tijd kanker. Zijn overlijdensbericht was zelfs al door het Londense radiostation Xfm gemeld. Sir Bob Geldof, de vroegere zanger van The Boomtown Rats, die vooral bekend was geworden als organisator van Live Aid in 1995, maakte in de zomer van 1998 in zijn radioprogramma bekend dat Dury was gestorven, zodat Dury net als Mark Twain had kunnen zeggen: ,,Het bericht over mijn dood is schromelijk overdreven.'' Geldof eindigde zijn radioprogramma met `Reasons To Be Cheerful Part III', een van Dury's hits. Even later meldde Geldof dat Dury nog in leven was.

Het leek smakeloos van Geldof om na Dury's doodsbericht zijn programma te beëindigen met `Reasons To Be Cheerful Part III'. Maar waarschijnlijk kon Dury zelf de grap wel waarderen. In interviews sprak hij over zijn naderende dood in ieder geval op een openhartige, zelfs luchtige wijze. ,,Ja, waarom niet?'' zei hij in een interview met deze krant. ,,Kanker is niet iets om je voor te schamen. Het is gewoon een kwestie van pech. (...) De strijd tegen kanker is minder beangstigend dan ik dacht. Het is geen full time job, het is belangrijk dat je blijft werken zo lang je kunt. Dat zorgt voor afleiding.''

En werken deed Ian Dury. In 1998 verscheen nog een nieuwe cd van hem, `Mr Love Pants', die hem tot zijn eigen verbazing na twintig jaar opnieuw succes bracht. En hij bleef optreden tot hij niet meer kon: op 6 februari 2000, zeven weken voor zijn dood op 27 maart, gaf hij in Londen zijn allerlaatste optreden. Na 6 februari bleef Dury nog doorgaan met het schrijven van teksten. Vorige week verscheen dan ook `Ten More Turnips From The Tip', de `last studio album by Ian Dury' waaraan zijn begeleidingsgroep The Blockheads na Dury's dood bleef werken.

Dury's ongeneeslijke ziekte stelde hem in de gelegenheid om heel bewust een zwanenzang te maken. Maar dat deed Dury niet: op `Mr Love Pants' ontbreekt een lied over de naderende dood of over het afscheid van het leven. Ian Dury had dan ook een hekel aan persoonlijke onboezemingen. ,,Ik wil in mijn teksten bijna altijd iets onpersoonlijks leggen'', zei Dury in het eerder genoemde interview. ,,De meeste van mijn teksten gaan niet over mijzelf.''

Op Mr Love Pants staat dan ook maar één lied over Dury zelf: `You're my baby'. Maar dit is wel Dury's persoonlijkste nummer uit zijn hele oeuvre. `You're My Baby' is een van de zeldzame nummers in de popmuziek waarin een vader over een baby zingt – `Isn't She Lovely' van Stevie Wonder is een andere. Zelf vond Dury dat ook deze ode aan zijn jongste kind iets onpersoonlijks had. ,,Het is zo opgeschreven dat het ook uit de mond zou kunnen komen van een vrouw die tegen een kip praat'', zei hij erover. Maar dat is overdreven, want alleen volstrekte idioten praten tegen een kip als Dury in zijn zwanenzang tegen zijn kind: ,,Every day I look at you/ And every day/ There's something new about you/ Get more than love enough to spare/ And I'm not going anywhere without you/ You're my baby.'' De wetenschap dat Dury nog maar twee jaar te leven had toen hij het lied schreef en zingzegde, maakt `You're My Baby' behalve vertederend ook wrang.

Voor de rest wordt `Mr Love Pants' bevolkt door soortgelijke types als zijn vroegere platen uit de jaren zeventig. Zoals de vrouw die de baguettes smeert in de broodjeszaak in het nummer `Geraldine' en de typische Engelse voetbalfan man op weg naar het Wembley-stadion in `Mash It Up, Harry'. Dury's afscheids-cd bevat slechts één verwijzing naar de dood. In het tweede nummer van de cd met de veelzeggende titeld `The passing show' is de dood zeer nabij: ,,When life itself can chart the course/ Then life's the product we endorse/ When circumstances tell of death/ We keep our counsel, save our breath.''

Dury's postume `Ten More Turnips From The Tip' is een vervolg op `Mr Love Pants'. Ook op deze cd brengt Dury weer allerlei typetjes tot leven. Wat Dury betreft is de dood zelfs helemaal verbannen op deze cd. Alleen het negende nummer, `Books and Water', wordt gevolgd door `Ian's Poem', een gedicht over Dury's dood. Maar dit is niet van Dury zelf, maar werd geschreven door Jock Scot die het gedicht op de cd ook declameert: ,,But if, when I yell, outside the gates of Hell/ You appear with a smile and a swagger/ Maybe we can sit down in the Devils Arms/ And order a fresh pint of lager.''

Op www.nrc.nl/dossiers zijn de eerdere afleveringen van de serie Zwanenzangen te lezen, over onder meer Marvin Gaye, Sam Cooke, Elvis Presley en John Lennon.