Van der Aa

Perspectivische illusies spelen een belangrijke rol in het oeuvre van Michel van der Aa. Manipulaties met de tape vallen op: uitgezonderd het geluid van brekende takken en ketsende stenen in Oog voor cello en tape (1995), is al het bandmateriaal afgeleid van de instrumenten op het podium. De elektronische toevoeging zorgt met name voor het verschuivende perspectief. Van der Aa, de `Escher-van-de-muziek', brak door op de Gaudeamus-muziekweek van 1997 met Between voor slagwerkkwartet en tape, geïnspireerd door een in beweegbare schillen uitgesneden bol. De vorm wordt opengeknipt. Van der Aa bevriest graag zijn betoog, tikgeluiden geven associaties met het aan- en uitzetten van een machine. Het spelen met pulsen hoort bij zijn esthetiek en herinnert aan de slagwerkachtige strakke motoriek van de Haagse School, al wordt deze enigszins versluierd door de Escher-achtige timbre- en tijdsmanipulaties. De ensemblestukken zoals Above (1999) en Attach (2000) behoren tot de recentste stukken en zijn zeker niet de slechtste. Ze vormen met Between een boeiende triologie.

Michel van der Aa, Ives- en Schönbergensemble Composers' Voice CV 119-2.