Iedere werknemer zijn eigen kunstwerk

Met hun vele vestigingen behoren banken tot de grootste kunstkopers van Nederland. `Wat is een werkplek zonder kunst aan de muur?'

Wie per ongeluk het ING-hoofdkantoor in de Amsterdamse Bijlmermeer binnenwandelt, waant zich even in een museum. Enkele meters voor de draaideur staat een knielend naakt van de Russische beeldhouwer Ossip Zadkine. Verderop in de hal een doek van Pyke Koch: seizoenarbeiders op houten ladders die de oogst binnenhalen.

Bij de entree van de postkamer, op de eerste verdieping, hangt een Frans Clement: twee `opgevouwen' terrastafels naast een rij plastic stoelen. Maar het pronkjuweel moet dan nog komen: Meisje in Renaissance-kostuum van Carel Willink. Enigszins verloren hangt het in de ontvangsthal van de raad van bestuur, boven een zithoek met fonteintje.

De bank als museum: het heeft bijna iets potsierlijks. Want hoeveel Willink-liefhebbers zullen Meisje in Renaissance-kostuum nooit te zien krijgen omdat het niet in de Willink-vleugel van een stedelijk museum hangt, maar in de Bijlmermeer? ,,Weinig', denkt Sacha Tanja, sinds 1983 hoofd kunstzaken van ING-groep. ,,Want anders dan in veel musea, komt onze kunst nooit in het depot terecht.'

De Willink wordt ,,met grote regelmaat' aan andere musea uitgeleend van de Hermitage in St.Petersburg, tot het gemeentemuseum in Arnhem en museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam. ,,Hij is er vaker niet dan wel', zegt het hoofd kunstzaken niet zonder trots. ,,Maar áls-ie er hangt, mag iedereen hem komen bewonderen.' Zo'n 50.000 kunstliefhebbers melden zich jaarlijks bij het hoofdkantoor voor een rondleiding, schat zij.

ING is geen uitzondering: iedere zichzelf respecterende bank beheert vandaag de dag een kunstcollectie. Die van de ING-groep is met 20.000 stuks veruit de grootste, maar ook ABN AMRO (14.000 stuks), Fortis (3.500 stuks), de Rabobank (2.500) en De Nederlandse Bank (1.600) praten een aardig woordje mee. ,,Het bedrijfsleven, en zeker het bankwezen, behoort tot de grootste kunstkopers van Nederland', zegt Erik Hermida van het adviesbureau Onderneming & Kunst in Amsterdam. ,,Banken hebben nu eenmaal een groot aantal vestigingen en daarmee veel plaats voor beeldende kunst.' Als de banken morgen zouden stoppen met het kopen van kunst, zou dat volgens hem een aardige aanslag zijn op de kunstmarkt. ,,Kijk naar de Rabobank, die verminderde haar kunstbudget onlangs met 15 procent. Zoiets leidt meteen tot onrust.'

Vooral sinds het laatste decennium van de vorige eeuw maken banken serieus werk van hun collecties. Iedere bank heeft wel een kunststichting of kunstcommissie die de verzameling beheert en stroomlijnt. Waar ING zich richt op figuratieve kunst van na 1940 (met als sterkste troef de magisch-realisten), kozen ABN Amro en De Nederlandsche Bank voor `jonge' hedendaagse kunst en de Rabobank voor `reflecterende kunst van verschillende generaties'.

Niet alle banken treden overigens met hun werk naar buiten. ABN Amro bijvoorbeeld, gaf het publiek pas enkele jaren geleden de kans een kijkje te nemen op de tentoonstelling De vele gezichten van de bank. En de Rabobank bracht onlangs voor het eerst een mini-catalogus uit `als eerste stap in de richting van het ontsluiten van onze kunstcollectie', aldus de bank in haar inleiding. De Nederlandsche Bank daarentegen organiseert doorlopend kleine exposities in haar twee hoofdfilialen. ,,Vrije entree, maar wel op afspraak', aldus Alexander Strengers, voorzitter van de DNB-kunstcommissie.

Wat beweegt banken om kunst te verzamelen? Versterkt een mooie kunstcollectie het imago van een bedrijf? Is het een vorm van good citizenship,zoals vaak wordt gesuggereerd. Of worden de Barend Blankerts, Matthijs Rölings en Gerti Bierenbroodspots simpelweg aangekocht om de werkplekken te verfraaien? Van alles wat, denkt Sacha Tanja. ,,Maar in de eerste plaats moeten de kantoren er mooier van worden. Want wat is een werkplek met lamp, stoel en bureau, zonder kunst aan de muur?' Daarnaast speelt educatie volgens haar een belangrijke rol. ,,In iedere ING-vestiging ligt een boekje met uitleg over de collectie. Wij organiseren rondleidingen voor het personeel en medewerkers mogen zelf kiezen welk werk ze aan de muur willen hebben – mits het geen topstukken betreft en ze niet al uitgeleend zijn.'

Een minder vaak gehoord motief is de klantenbinding. Zo adviseert de afdeling kunstzaken van de ING-groep klanten kosteloos bij hun aankopen en fungeren Tanja en haar medewerkers als tussenschakel naar galeries en veilinghuizen. ,,Het begon jaren geleden met een oudere heer die zijn oog had laten vallen op een schilderij van acht ton. Op zijn verzoek heb ik toen onderhandeld met de galeriehouder.' Dat die service ver afstaat van het oorspronkelijke doel van de afdeling kunstzaken – verfraaiing van de kantoren – vindt Tanja geen probleem. ,,We leven in een servicemaatschappij. Als klanten naast pensioenadvies, advies willen bij hun kunstaankopen – why not? Zo lang wij er maar geen aparte business unit van maken. Dan loopt het uit de hand. '

Rest de vraag of banken kunstwerken niet als goede beleggingsobjecten beschouwen. Nee, verzekeren banken stuk voor stuk. Want alhoewel de waarde van sommige kunstwerken sterk is toegenomen, wordt de winst nooit verzilverd: aankopen worden zelden doorverkocht. Erik Hermida van Onderneming & Kunst gelooft zelfs dat het voor banken riskant zou zijn om kunst als belegging te beschouwen: ,,Je kunt veel geld verdienen met kunst, maar dan heb je wel expertise nodig. Die hebben banken niet in huis.'

Noch over hun kunstbudgetten, noch over de waarde van hun collecties treden banken graag naar buiten. Hermida: ,,Ik zit al jaren in dit vak, maar heb dáár nooit enig zicht op gekregen.' Volgens Marieke van Schijndel, hoofd kunstzaken van de Rabobank, koopt haar bank jaarlijks veertig `unieke werken' aan. ,,Meer wil ik er niet over zeggen'. Tanja van de ING-groep wil na veel aarzelen kwijt dat ,,de totale verzekerde waarde van onze collectie om en nabij de dertien miljoen euro bedraagt'.

De grotere terughoudendheid van banken kan deels worden verklaard uit de politieke commotie die enkele jaren geleden ontstond na de aankoop van Piet Mondriaans Victory Boogie Woogie door De Nederlandsche Bank. Alexander Strengers, terugkijkend: ,,Die aankoop (waarvoor de bank destijds tachtig miljoen gulden neertelde, red.) werd nadien nogal eens in verband gebracht met ons financiële beleid. Alsof De Nederlandsche Bank na zo'n aankoop op eigen houtje de rentetarieven verhoogt! Pure onzin natuurlijk.'

Ook het hoofd kunstzaken van de Rabobank verbaast zich over ,,het oeverloze gediscussieer van leken'. Van Schijndel: ,,Wat nou duur? We mogen blij zijn dat we zo'n uniek werk binnen de landsgrenzen kunnen houden.' Veert op: ,,Wat dacht u trouwens van al die dure voetballers? En die kun je na twee jaar alweer inruilen.'

Gerectificeerd

Mondriaan

Het artikel Iedere werknemer zijn eigen kunstwerk (30 maart, bijlage Thema, pagina 46) suggereert dat De Nederlandsche Bank Piet Mondriaans Victory Boogie Woogie heeft aangekocht. De bank heeft een donatie gedaan aan het Nationaal Fonds Kunstbehoud, dat hierdoor het schilderij kon aankopen.