Zoeken naar dat ene, ultieme beest

Kunstenaars houden niet van eenvoud. Het oude Mulisch-adagium, `De kunst is, het raadsel te vergroten', is nog altijd populair bij veel schilders en installatiemakers. Eenvoud, helderheid, simpelheid, dat is voor striptekenaars, kinderboekillustratoren en verkeersbord-ontwerpers.

Wat dat betreft kan de Rotterdamse kunstenaar Jeroen Allart enig lef niet worden ontzegd. Op zijn expositie in Aschenbach & Hofland Galleries is ieder raadsel uitgebannen. Neem de eerste vijf doeken op de expositie, die zich als volgt laten omschrijven: konijn, groep konijnen, konijn voor huisjes, ooievaar, groep sternen – en dat is precies wat ze zijn. De achtergronden zijn egaal blauw of rood of geel, iedere beweging is uitgebannen. Kijk maar, lijkt Allart uit te roepen, er staat precies wat er staat!

Dat Allart, net als de dierenvriend Dick Bruna, een grafische achtergrond heeft, is nauwelijks verrassend. Hij doorliep het Grafisch Lyceum, voordat hij zich op de Rijksacademie bekwaamde in het schilderen. Daar maakte hij al een prachtig Aap-Noot-Mies-achtig boekje van eigen werk met onder anderen een schaap, een schip en een lepelaar. Toch lijkt Jeroen Allart niet direct Bruna-achtige ambities te hebben. In zijn eenvoud past hij beter bij een andere artistieke school: die van kunstenaars die zoeken naar het ene, ultieme beest of voorwerp. Het konijn der konijnen, de molen der molens. En, zoals Allarts expositie aantoont, dat valt nog niet mee.

Neem Allarts queeste naar het konijn. Hij heeft duidelijk iets met deze snuffels, maar slaagt er desondanks niet in een trefzeker exemplaar neer te zetten. Het bruine geval bij de ingang is te onbeholpen, de groep witjes ernaast mist volume. Het best getroffen is nog het witte geval dat op Konijn bij Durgerdam tegen het doek op hupt. Maar toch, ondanks Allarts verwoede pogingen is er geen enkel konijn dat de wollige anekdotiek overstijgt.

Prachtig en raak daarentegen zijn de twee doeken van een groep sternen. Ook hier overheerst eenvoud en kinderlijke helderheid, maar bij deze vogels is dat geen enkel probleem. De verklaring ligt voor de hand: met hun zwarte koppen en helderrode snavels zijn sternen bij uitstek, grafische, vogels. En precies die helderheid haalt het beste in Allarts werk naar boven. Dat blijkt ook de rode draad op de rest van deze expositie. De konijnen en het doek met kraanvogels verzinken in hun eigen wolligheid, maar als Allart een boot schildert, een groep sternen of een lepelaar dan hechten die zich in je geheugen. Alsof ze daar altijd al gezeten hebben.

Jeroen Allart. Aschenbach & Hofland Galleries, Bilderdijkstraat 165c, Amsterdam. Wo t/m za 12-17u. T/m 20 april. Inf. www.xs2art of www.jeroenallart.nl