Rechter trekt zich terug na wraking

De Groningse rechter F. M. Wieland heeft zich gisteren teruggetrokken als voorzitter van het meervoudig college in de strafzaak tegen de zelfmoordconsulent Willem M. (59) uit Nieuw Annerveen.

Dit gebeurde nadat advocaat W.Anker vraagtekens had geplaatst bij Wielands objectiviteit en vroeg om diens wraking.

M. stond gisteren voor de Groningse rechtbank terecht wegens hulp bij zelfdoding van een 81-jarige ernstig zieke Groningse vrouw op 5 april vorig jaar in haar woning. Hij was erbij toen de vrouw een eind aan haar leven maakte met behulp van 72 slaappillen en een vuilniszak die ze over haar hoofd trok. Wieland noemde de gang van zaken daarbij ,,buitengewoon obscuur en schimmig''. De rechter, die zijn vragen begon met de mededeling dat zijn moeder enkele dagen na de dood van de Groningse was overleden, zei: ,,Ik zou het niet prettig hebben gevonden als ik mijn moeder met een vuilniszak over het hoofd dood had aangetroffen, zonder dat ik wist wat er gebeurd was.''

Advocaat Anker vond ,,de wijze van bejegening, vraagstelling en toonzetting niet objectief en niet onbevooroordeeld''. Hij vond het bovendien onterecht dat Wieland de euthanasiecriteria op deze zaak betrok. ,,U hebt de stichting gediskwalificeerd. Mijn cliënt voelt zich daardoor enorm gegriefd'', aldus Anker. Hoewel Wieland van oordeel was dat hij in staat was objectief naar de zaak te kijken kon hij ,,goed begrijpen'' dat M. ,,zich wellicht gecriminaliseerd voelt.'' De zaak zal worden voortgezet met een andere rechtbankvoorzitter.

M. is consulent van Stichting De Einder, die mensen met een doodswens begeleidt. De stichting, die vijf jaar geleden werd opgericht, geeft mensen informatie over de manier waarop ze een eind aan hun leven kunnen maken. Volgens Wieland had M. ,,alle waarborgen met voeten getreden''. Zo was er geen weloverwogen verzoek geweest van de vrouw, ontbrak volgens de rechter een protocol en was niet duidelijk of het lijden van de vrouw uitzichtloos en ondragelijk was. Advocaat Anker onderbrak de rechter en wees hem erop dat zijn cliënt zeven weken had vastgezeten voor levensberoving op verzoek, waarop twaalf jaar cel staat, maar dat dit artikel niet in de tenlastelegging stond.

M. stond terecht voor hulp bij zelfdoding waarop een gevangenisstraf van drie jaar staat. De vraag stond centraal of de verdachte alleen aanwezig was geweest bij de zelfdoding, of zelf handelingen had uitgevoerd die de dood van de vrouw tot gevolg hadden. Dat laatste, wat M. ontkende, is strafbaar. Rechter Wieland zei echter dat niemand had vastgesteld dat M. ,,niets had gedaan.''