Stratego

Een maand geleden overheerste de indruk dat in de strijd tegen het terrorisme de NAVO niets meer te vertellen had. De Europese bondgenoten die een andere kijk op de oorlog hadden dan de Verenigde Staten, werden in Washington ervaren als hinderlijk of erger. Of die indruk juist was, weten we niet. De Amerikaanse regering vond het in ieder geval een goed idee om `Europa' te laten weten dat het Tony Blair en Vladimir Poetin uitgezonderd een werelddeel van sukkels was.

Deze week blijkt dat er serieuze plannen bestaan om de NAVO uit te breiden, met Bulgarije en Roemenië. Die landen willen dat graag omdat ze daardoor hechter met het Westen worden verbonden. Andere landen in de regio zijn er ook voor. Ze hopen dat daardoor de corruptie, wapensmokkel en vrouwenhandel beter kunnen worden bestreden.

Voor Washington hebben ze een strategische betekenis, zoals een blik op de kaart laat zien. Van alle NAVO-leden liggen ze het dichtst in de buurt van Iran en Irak, de voornaamste leden van de As van het Kwaad. Alleen Turkije heeft bedenkingen omdat het geen voorstander van een aanval op Saddam is. In ieder geval is met deze nieuwe kandidaten de NAVO terug in de Amerikaanse strategie, zij het op een andere manier dan de meeste Europese bondgenoten zich een half jaar geleden hadden voorgesteld.

Bij klassieke oorlogen in vroeger tijden was een atlas onmisbaar, omdat daarop dagelijks de fronten `werden bijgetekend'. (Een bijverschijnsel is dat je er aardrijkskunde van leerde. Wie weet nog waar Solloem, Mersa Matroe, Orel en Woronesj liggen?) In deze netwerkoorlog tegen het internationale terrorisme leek het in het begin alsof de atlas een verouderd hulpmiddel was.

Maar president Bush heeft gelijk. Het mag dan geen oorlog zijn waarin de fronten als lijnen getekend kunnen worden, maar de wereldkaart is onmisbaar. Niet minder dan de hele wereld moeten we kennen. Er mogen dan geen fronten meer zijn, in de gemondialiseerde strijd grijpt alles in elkaar.

Met `internationaal terrorisme' is het vraagstuk te simpel benoemd. In feite zijn er twee vormen, die twee uiteenlopende problemen stellen. Het eerste is het grootschalige van de schurkenstaten met hun massavernietigingswapens in ontwikkeling: de kernbommen, de bacteriologische en chemische wapens. Tegen deze vijanden wordt onder andere een preventieve oorlog voorbereid, in theorie en praktijk, zoals uit het Nuclear Posture Review blijkt. We hebben er geen praktische ervaring mee.

De andere vorm is die van het nieuw-conventionele terrorisme, dat wordt uitgevoerd met alles wat in een bom kan worden veranderd, van mens tot vliegtuig. Al-Qaeda is tot dusver conventioneel, al is de stap naar massavernietiging niet uitgesloten. Dit netwerk is zwaar beschadigd, maar of het verslagen is weten we niet, en Osama bin Laden blijft spoorloos. Misschien is hij bezig met zijn reorganisatie. Waar? De Filippijnen, Somalië, Jemen, Syrië en Indonesië staan op de lijst van de verdachte landen. In uiteenlopende mate zijn ze bereid, met de Amerikanen mee te werken of de schijn te wekken. Misschien is Indonesië, met zijn omvang en wankel regime de grootste risicofactor en tegelijkertijd daardoor het moeilijkst om `aan te pakken', aangenomen dat iemand zou weten wat onder dit `aanpakken' wordt verstaan.

Voor de bestrijding van ieder netwerk is de volle medewerking van het land van huisvesting nodig. Daar ontbreekt het aan, zelfs waar het bewind tot alle medewerking bereid is. Binnenlandse oppositie, zoals in Pakistan, belemmert de inzet, en ondergraaft de stabiliteit. President Musharraf begint nu pas meer last te krijgen van zijn bondgenootschap met Washington. En terwijl de militaire strijd in Afghanistan al maanden nagenoeg gewonnen is, stagneert de wederopbouw tot iets wat op een politieke eenheid lijkt.

En dan is er het permanente Palestijnse vraagstuk, waarvan niemand kan zeggen hoeveel invloed het op de grote oorlog tegen het terrorisme heeft al is het zeker dat de duur en de intensiteit ervan een negatieve invloed hebben. Eerst is het door Washington verwaarloosd, en vervolgens, nadat duidelijk was geworden dat de oplossing-Sharon rampzalig mislukt, weer herontdekt. De Arabische top in Beiroet is bij afwezigheid van Mubarak en Arafat bezig te mislukken. Sharon overweegt een Palestijnse volksverhuizing uit de bezette gebieden. Het Palestijnse conflict escaleert, en afgezien van de nieuwe regionale problemen die dit zal veroorzaken, heeft het zijn eigen invloed op de strijd tegen het internationale terrorisme.

Nu al een paar maanden verschuift de aandacht van Washington van de terreur met conventionele middelen en leider-strateeg Bin Laden naar de dreiging van de As van het Kwaad met Saddam als opperhoofd. Voorzover uit lekkages en de berichtgeving van Amerikaanse media met betrouwbare Washingtonse commentatoren en correspondenten valt op te maken, wisselt het concept voor de aanval op Saddam met de week.

Uitbreiding van de NAVO in de richting van de Zwarte Zee, met bases in Bulgarije en Roemenië wijst weer in de richting van een oplossing uit de lucht. En passant blijkt daaruit, dat niet het bondgenootschap weer aan invloed wint, maar dat het strategisch concept opnieuw wordt bijgesteld.

Bij de identificatie en inventarisatie van de problemen, opent zich het uitzicht op een oeverloosheid die weer, inderdaad, aan de moerasmythe van Vietnam doet denken. Een oorlog die jaren kan duren, zei de president. Hij wordt steeds geloofwaardiger.