Nederlands en Vlaams in één cultuurhuis

Vlaanderen en Nederland zijn het eens over de oprichting van een gezamenlijk cultureel centrum in Brussel. Dat heeft de Vlaamse regionale cultuurminister Anciaux gistermiddag gezegd. Het Nederlandse ministerie van cultuur wil dat nog niet bevestigen.

Het Vlaams-Nederlands Huis moet vooral reclame maken voor de Nederlandse taal in de Europese hoofdstad. Anciaux wilde nog geen details bekendmaken. Lange tijd bestonden er twijfels over de bereidheid van Anciaux en de Nederlandse staatssecretarissen Van der Ploeg (Cultuur) en Benschop (Europese Zaken) om te investeren in een gezamenlijk centrum. Een woordvoerster van staatssecretaris Van der Ploeg ontkent ook dat er al een principeakkoord is, maar volgens Anciaux zijn alle problemen echter de wereld uit. ,,Nog voor de verkiezingen van 15 mei in Nederland zullen we een akkoord ondertekenen'', aldus de Vlaamse bewindsman.

De woordvoerster van Van der Ploeg zegt dat deze begin april met Anciaux verder zal overleggen over een Vlaams-Nederlands Huis. Beide politici worden daarbij terzijde gestaan door adviseurs, waarvan de namen nog niet bekend zijn. Bedoeling is dat dan de exacte doelstelling van het cultureel centrum vast komt te staan.

Van der Ploeg wil aan het Vlaams-Nederlands Huis een sterk Europese invulling geven. Wat hem betreft hoeft het centrum ook niet per se in Brussel gevestigd te zijn. Anciaux streeft daar wel nadrukkelijk naar, om de Vlaamse aanwezigheid in de Belgische hoofdstad te garanderen.

De links-liberale Vlaamse bewindsman wil dat ook zo snel mogelijk doen, omdat de Franstalige gemeenschap in België wel fors aan de weg timmert in Brussel. Anciaux dacht vorig jaar in een leegstaande bioscoop in het centrum van Brussel een ideale locatie voor een cultureel centrum te hebben gevonden. De regering van de Franstalige gemeenschap in België was hem echter te snel af.