Een luchthaai voor de lol

Geld verdienen is voor slimme mensen niet zo moeilijk. Maar hoe maak je het weer op? De Belgische ondernemer Luc Thijs koopt er vliegtuigen voor. Hij heeft er nu vijf. Ze staan naast elkaar in een smetteloze hangar op vliegveld Zwartberg, vlak over de Nederlandse grens. Het opvallendst is een rood-geel geschilderde luchthaai: een in Zwitserland gebouwde Pilatus PC-7.

Zwitserland is niet het eerste land waar je aan denkt als het om vliegtuigen gaat. Bergen en vliegtuigen hebben altijd een moeizame relatie gehad. Maar misschien wel door die onvergeeflijke geboortegrond met z'n harde rotsen en verraderlijke valwinden zijn die Pilatussen goed, erg goed. Tientallen luchtmachten, waaronder de Nederlandse, gebruiken de Pilatus voor de opleiding van hun piloten. In het Midden-Oosten hebben ze er zelfs wel eens een bom onder gehangen, al zullen de Zwitsers daar officieel natuurlijk niks van weten.

Luc Thijs gebruikt z'n Pilatus uitsluitend voor de lol. Niet bepaald een hobby voor de massa, want het toestel kost meer dan de duurste sportauto ter wereld. Zoals te verwachten krijg je, als je zo'n vliegtuig gaat ophalen bij de fabriek, wel een echte VIP-behandeling.

Luc: ,,Het was een ervaring op zich. De fabriekspiloot geeft je twee weken lang een uitgebreide cursus, zowel op de grond als in de lucht. Tijdens de opleiding wordt je eigen vliegtuig afgebouwd. Elke middag ga je even kijken, en dan is je vliegtuig weer een stukje verder opgeschoven op de assemblagelijn, terwijl in het wit gestoken ingenieurs er de laatste hand aan leggen. Aan het einde van de cursus start je je vliegtuig en je vliegt de bergen tegemoet, uitgewuifd door de directie.'' Het is een genoegen dat voor weinigen is weggelegd.

Helaas blijven ook daarna de kosten komen. Elk jaar moet het toestel worden nagekeken in Zwitserland. Een kleine beurt die een klein vermogen kost. Luc: ,,Ik heb het er voor over. Ik ben dol op dat ding. En de waarde stijgt constant, net zoals die van mijn overige vliegtuigen. Als belegging doen ze het heel goed. Ik geniet er dubbel van. Mijn bedrijven vragen veel energie van me. Na een dag telefoneren en vergaderen schuif ik de hangardeuren open, rol mijn Pilatus naar buiten en ga een half uurtje stuntvliegen. Alle stress wordt dan met middelpuntvliedende kracht uit mijn lijf gezwiept. Een aanrader voor elke manager.''

Luc lacht opgewekt: ,,Bovendien, zo'n Pilatus is voordeliger dan je denkt. Hij verbruikt wel veel brandstof, maar vliegt op goedkope kerosine, in bijna alle andere privé-vliegtuigen moet een duur soort autobenzine. Die kost drie keer zoveel. In het verbruik is mijn Pilatus dus niet duurder dan een gewoon vliegtuigje.''

Dat het geen gewoon vliegtuigje is, laat Luc even later in de lucht zien. Terwijl ik vanuit een ander toestel foto's maak, vliegt hij op de kop naast me, rolt een paar keer snel om zijn as en draait loopings boven het vriendelijk-golvende Limburgse landschap. Na de landing verwisselen we van vliegtuig en mag ik het eens proberen. Een zeldzaam genoegen voor iemand die uitsluitend vliegende Volkswagenbusjes gewend is. Zon en aarde draaien in een wilde wenteling om het vliegtuig. Schapenwolkjes worden tot vlokken gemalen door de immense propeller: een glimmende schijf die gonst en gromt in de onmetelijke leegte van de lucht. Het is aan alles te merken: de Pilatus wil groots en meeslepend vliegen.

Na de vlucht wandelen we stoer naar het terras van het kleine vliegveld, waar zich heel wat kijkers verzameld hebben. Ze zitten achter grote glazen bier en borden vol exquise voedsel, zoals het bij ons Schiphol niet eens te krijgen is. Wordt vliegen in Nederland uitsluitend geassocieerd met overlast en ozonlagen, in België begeeft men zich goedgekleed naar het terras, om de verrichtingen van de koene aviateurs gade te slaan.

Luc wordt links en rechts gegroet; hij is een plaatselijke grootheid. Toch is hij in uiterlijk en gedrag zoals dat in de populaire pers heet `een heel gewone jongen gebleven'. Luc is dan ook een typische selfmade man. Hij begon in de kelder van zijn huis met het lakken en coaten van metalen. Nu heeft hij vijf fabrieken waar honderden mensen hetzelfde doen. ,,Het succes van mijn bedrijven heeft wel te maken met het vliegen. Ik heb overal klanten. Voor dat doel heb ik een zespersoons zakenvliegtuig, zodat mijn mensen en ik onderweg ook nog wat kunnen werken. Geeft een klant ergens in Europa een kik, dan zitten we drie uur later al rond de tafel. Probeer dat maar eens met een lijnvliegtuig. Maar eerlijk is eerlijk, ik vind het ook gewoon leuk. Ik heb altijd gevlogen, of ik nou geld had of niet. Vroeger ging ik zweefvliegen voor vierhonderd frank per vlucht.''

Luc wijst op een zweefvliegtuig, ver boven het vliegveld. ,,Geen motor, alleen maar de energie van de zon. En dan maar een beetje wiegelen op de wind.''

Met samengeknepen ogen, hoofd in de nek, volgt hij het traag-cirkelende crucifix, heel hoog in het harde blauw van de lucht.