Komt, gij dochters

De passietijd is voor niet-beroepskoren een zware dobber. Repetities, reizen – de Matthäus die door je nachten davert in ongecontroleerde flarden – en overdag je gewone werk. De koorbus naar Zaandam vertrekt om half vijf, de uitvoering zal pas om 8 uur beginnen. Dus: later met de trein!

De trein is vertraagd, de looptijd valt tegen, en waar blijft het gebouw? Een passerend meisje heeft er eens gedanst; ze wijst de artiesteningang. Gelukkig is het nog vroeg. Maar als je de kleedruimte binnenkomt, staan dirigent en solisten klaar om op te gaan. Het zou om half acht beginnen!

Een deur schuift nog open, je glijdt in je rij. Net op tijd voor het magistrale begin, en helemaal door tot het schrijnende einde.

Bof jij even, dochter die kwam helpen klagen.