Hollandse was voor Afrikaanse vrouwen

De typisch Afrikaanse stoffen van de Nederlandse textielproducent Vlisco zijn een statussymbool, van Ghana tot Gabon. Vlisco's positie op de Afrikaanse textielmarkt is uniek.

Ze springen er uit, de vrouwen die op de markt van Marcory, een welvarende wijk in de hoofdstad Abidjan van Ivoorkust, het populairste textiel van West-Afrika verkopen. Ze hebben niet alleen een eigen hal waar hun stoffen zorgvuldig staan opgetast, ze rekenen zich ook tot een andere sociale klasse dan die van de groenteverkoopsters, die gehurkt achter hun tomaten zitten.

Nee, dan de textieldames: zij dragen ringen van goud en glinsterende halskettingen en gaan van top tot teen gekleed in de stof die ze verkopen: véritable wax hollandais, een begrip in Afrika. Een net gelanceerde reclamecampagne zegt het zo: `Echte Hollandse waxprints zijn een teken van rijkdom'.

De kleurrijke dessins zijn niet meer weg te denken uit het West-Afrikaanse straatbeeld. Bijna alle traditionele japons waarin vrouwen van Ghana tot Gabon hun welvingen tonen zijn gemaakt van Dutch Wax. Deze `typisch' Afrikaanse stof komt uit Helmond, van het textielbedrijf Vlisco BV.

Vlisco neemt een unieke plaats in op de Afrikaanse textielmarkt. Het bedrijf is al sinds het einde van de negentiende eeuw marktleider in traditioneel textiel. Het produceert miljoenen meters stof per jaar die allemaal naar Afrika gaan. Vlisco heeft verkoopmaatschappijen in zes West-Afrikaanse landen, in Frankrijk en Zuid-Afrika en levert per postorder aan Afrikaanse expats in Chicago en Parijs. Zowel de kwaliteit van de stof als de originaliteit van de dessins heeft van Vlisco de trendsetter van Afrika gemaakt, zegt directeur Henk Bremer. ,,Afrikanen vragen: wanneer komt de nieuwe Vlisco uit? Het is een statussymbool. Met Dutch Wax laat je je omgeving zien dat je het goed voor elkaar hebt.''

Vlisco dankt zijn sterke positie vooral aan het feit dat het een van de weinige fabrieken is die hoogwaardige industriële waxprints maakt. De waxprint is gebaseerd op het batikken, een textieldruktechniek waarbij met was – Vlisco gebruikt inmiddels hars – patronen op doek worden aangebracht. Als de doek geverfd is, blijven er witte afdrukken over waar de hars heeft gezeten. Die worden vervolgens ingekleurd met stempels. De breuklijnen van de hars en de kleurstempels veroorzaken onregelmatigheden in het patroon die maken dat geen meter stof hetzelfde is. Juist die imperfectie wordt zeer gewaardeerd.

Door de stempeltechniek zijn tientallen kleurcombinaties mogelijk. In Afrika verschilt de mode van land tot land. Congolezen zijn gek op lawaaierige prints in groen en kanariegeel. De Ibo's in oostelijk Nigeria dragen alleen indigo, geel en rood, terwijl sombere aardetinten geliefd zijn in behoudend Ivoorkust. Dutch Wax is kleurvast en aan beide kanten even diep van kleur. Dat is niet alleen mooi, maar ook noodzakelijk. ,,Afrikaanse vrouwen doen de was in een rivier, slaan het uit op een rots en leggen het daarna te drogen op een struikje in de zon'', zegt F. van Rood, hoofd van Vlisco's ontwerpafdeling. ,,Dat is het ergste wat je met textiel kunt doen.''

Een lap Dutch Wax kost de gemiddelde Afrikaan al gauw een maandsalaris. Imitaties zijn dan ook Vlisco's grootste probleem. ,,Onze kwaliteit is moeilijk na te maken, maar een nieuw ontwerp wordt binnen een maand gekopieerd. Dat is hinderlijk omdat het de levensduur van onze dessins verkort'', zegt Van Rood. De ontwerpafdeling in Helmond, waar tien Nederlanders en een Française werken, maakt zeker honderd nieuwe dessins per jaar. Batterijen, champagneflessen, wekkers of het euroteken: je kunt het zo gek niet verzinnen of het wordt in een dessin verwerkt. Afrikanen houden van stof die frappeert. Maar de echte moneymakers zijn de ontwerpen die zo lang in trek blijven dat het klassiekers worden. ,,Met de traditionele dessins heb je een stukje kapitaal in handen'', zegt Van Rood. ,,Het is waardevast spul.''

Sommige dessins stammen nog uit het begin van de vorige eeuw. In het museum op het bedrijfsterrein staan multomappen met antieke staaltjes stof uit Nederlands-Indië en India. De geschiedenis van Vlisco gaat terug naar 1846, toen de zoon van koopman Fentener van Vlissingen een Helmondse katoenververij overnam en de fabriek omdoopte tot Pieter Fentener van Vlissingen & Co. Jarenlang was Vlisco een loondrukkerij voor de United African Company, een handelsonderneming van Unilever. In 1995 werd Vlisco een zelfstandige tak van het textielconcern Gamma Holding. Sindsdien wordt het ontwerpen, verven en marketen van de waxprints allemaal vanuit Helmond gedaan.

Vlisco kent zijn markt goed. De distributie verloopt op typisch Afrikaanse wijze, via een netwerk van ruim duizend agenten die weer aan tienduizenden detaillisten leveren. Dat zijn de koopvrouwen die precies weten welk dessin het goed doet. Henk Bremer: ,,Onze verkoopkantoren leveren aan een vaste groep groothandelaren, die weer die ene marktvrouw bedienen die altijd in een bepaald dorp lappen gaat verkopen. Die vrouwen doen dat al jaren. Voor ons zijn zij een bron van kennis. Het lijkt omslachtig, maar het werkt. In de meeste Afrikaanse landen heb je geen shopping centra. In Afrika heb je de markten.''