Voetbal en pop slaan brug tussen Japan en Korea

Nog wekelijks protesteren oudere Zuid-Koreanen voor de Japanse ambassade in Seoul. Jongeren trekken zich van het oorlogsverleden tussen beide landen steeds minder aan. Voetbal en populaire cultuur verbroederen.

Kunnen twee landen een liefdesrelatie aangaan? Ja, is de enige conclusie die overblijft bij het horen van het officiële lied voor het WK-voetbal dat recent is uitgebracht door een groep Koreaanse en Japanse popmusici. Ze speelden het gisteravond in Seoul bij aankomst van de Japanse premier Koizumi die dit weekeinde Zuid-Korea bezoekt.

Nog altijd protesteren in Zuid-Korea wekelijks oude oorlogsslachtoffers voor de Japanse ambassade voor genoegdoening, maar de jongste generatie trekt zich in beide landen steeds minder aan van het verleden. Nu, vlak voor het WK dat Zuid-Korea en Japan deze zomer gezamenlijk organiseren, lijkt er een ware mediacampagne op gang gekomen in Japan om deze trend te versterken.

De televisiezender Asahi liet onlangs in een film de jonge Japanse popster Inagaki verliefd worden op een Koreaans meisje. Helaas had haar vader vanwege de oorlog een hekel aan Japanners en wees hem de deur. De jongen had echter van een oude Japanner, die als soldaat in Korea was geweest, geleerd hoe men traditioneel in Korea een vader om de hand van zijn dochter vraagt. Dus ging Inagaki door de knieën. Liefde overwon.

Na afloop van het programma introduceerde Inagaki rechtstreeks een aantal Koreaans-Japanse echtparen aan de kijkers, als voorbeeld van samenwerking tussen de twee nationaliteiten. Hij sloot af met een directe oproep: ,,Japan en Korea. Deze twee landen proberen samen iets tot stand te brengen. Ik hoop dat het een onvergetelijk WK wordt. Zelf zou ik zo weer naar Korea willen vliegen om heerlijke makkoli [Koreaanse wijn] te drinken.''

Dit soort programma's overspoelen recentelijk de Japanse televisie. Ze haken in op een trend die zich al langer ontwikkelt onder jongeren in beide landen: het verleden is van bejaarden, de toekomst van ons. Japanse strips en popmuziek zijn al lang populair in Zuid-Korea, ook al waren alle uitingen van populaire Japanse cultuur tot voor kort totaal verboden in het land vanwege het oorlogsverleden. Pas de huidige president, Kim Dae-jung, heeft enkele jaren terug stap voor stap de grenzen officieel geopend voor Japanse stripboeken, films en dergelijke.

Tegelijkertijd is Zuid-Korea al jaren een populaire bestemming voor jonge Japanse toeristen, omdat bijvoorbeeld het eten lekker is en de kleding en andere inkopen goedkoop. Toen president Kim zijn land langzaam opende verschenen bij restaurants in de Koreaanse hoofdstad Seoul opeens overal tweetalige menu's, alsof men hiervoor al jaren met smart had zitten wachten op toestemming. Tegelijkertijd groeit de populariteit van Koreaans eten in Japan en bereikte deze week voor het eerst een jonge Koreaanse zangeres de top in de Japanse hitparade.

Al decennialang ruziën de Japanse en Koreaanse autoriteiten over de oorlogsgeschiedenis. Het afgelopen jaar protesteerde Seoul nog tegen de goedkeuring van een Japans geschiedenisboek van een groep conservatieven die de jonge generaties geen juiste kennis over de Japanse wandaden zou bijbrengen. Op hun beurt stellen conservatieve Japanners dat de Koreanen geen oog hebben voor het falen van hun eigen leiders en slechts de schuld op het buurland schuiven.

De jonge generatie schuift deze moeizame discussie geheel opzij. Een jonge Koreaanse moeder met kleine kinderen in Tokio vertelde onlangs over een ontmoeting met een jonge Japanse moeder. De laatste merkte dat de Koreaanse met haar kinderen geen Japans sprak en vroeg: ,,Ben je niet Japans?'' ,,Koreaans'', was het antwoord, waarop de Japanse verrassend zei: ,,Cool.'' Nog niet zo lang geleden was deze reactie ondenkbaar.

De honderdduizenden Koreanen in Japan (die hier tijdens de Japanse overheersing van hun land begin twintigste eeuw kwamen, maar vaak onderling nog hun eigen taal spreken) hebben discriminatie goed leren kennen. Als een soort geheimtaal bestaat voor hen nog altijd de uitdrukking `in-Japan-[mensen]', waarbij elke Japanner weet dat gedoeld wordt op `Koreaan-in-Japan'.

Ook het officiële WK-lied stapt geheel over het verleden heen. De titel is `Let's get together now' en wordt in een Japanse en Koreaanse versie gezongen door drie Japanse en drie Koreaanse zangers/zangeressen: ,,Wij lopen gelijke passen, zien hetzelfde landschap. Verschillend was alleen, wat we zagen vanaf onze geboorte tot de dag dat we elkaar ontmoeten. [...] Een geforceerde glimlach hoef ik niet, alleen je hand vast in mijne. Samen maken we onze eigen weg.''

De schrijver van deze tekst is een Japanner die opgroeide in het uiterste westen van Japan, direct tegenover de Koreaanse kust, zegt Tetsutaro Ida van platenmaatschappij Defstar: ,,Er woonden daar veel Koreanen en er zaten Koreaanse kinderen bij hem op school. Zijn ogen gingen automatisch richting Korea en hij kreeg vanzelf sympathie voor het land.''