Bono de Messias en George W. Bush

Politiek is, in diepste wezen, een kruising tussen drama en religie, zo wordt vaak op plechtige toon beweerd. Maar dat was vroeger. Tegenwoordig is de politiek het malle broertje van een vaag religieus sentiment enerzijds, en de entertainment-industrie anderzijds. Voor wie dit nog niet had begrepen na alle verkiezingscommotie in eigen land, zal hiervan toch wel iets duidelijk zijn geworden toen vorige week een stralende Bono, zanger van de populairste popgroep ter wereld, op een persconferentie verscheen aan de zijde van George W. Bush. George W. vertelde dat hij vijf miljard extra zou uittrekken voor ontwikkelingshulp, en Bono stond erbij te glunderen achter zijn donkere zonnebril alsof het plan zijn bloedeigen kindje was dat hij zojuist op de wereld had gezet.

Sinds wanneer kan een sociaal bewogen popster zich ongestraft ophouden in het gezelschap van wat in sociaal bewogen kringen toch als de Vijand wordt gezien? Vroeger (ja, toen politiek nog drama en religie was) was er een beproefde formule voor social protest, waar zonder goed reden niet vanaf werd geweken. Popmuzikanten, van Woody Guthrie en Bob Dylan tot de Sex Pistols en Public Enemy, schreven een aardig in het gehoor liggend deuntje met opruiende woorden, speelden dat bij voorkeur op modderige festivals in de open lucht, en als het even meezat werd je nummer nog verboden ook. Succes verzekerd. Het Band Aid-spektakel uit de jaren tachtig is daar slechts een gepolijste variatie op, waarbij de opbrengst ook nog eens naar het goede doel ging. Je zóng over de macht, maar je schudde er niet de hand van alleen een zielig geval als de afgetakelde Elvis kon erover denken om bij Nixon op bezoek te gaan.

Maar Bono, Bono nu laat zich de laatste jaren lachend op de foto zetten met machthebbers als Blair, Poetin, Clinton, Kofi Annan, Bill Gates, Colin Powell, Condoleezza Rice, de paus en de extreem-rechtse, homofobe, evangelische senator Jesse Helms. Deze laatste publiceerde een paar jaar terug een rapport met de titel There Is A Virus Loose Within Our Culture, waarin hij betoogde dat het geweld in Amerika te wijten is aan aan de invloed van Satan op de muziekindustrie. Van daaruit moet het slechts een kleine stap hebben geleken naar het Witte Huis, waar Bono zich via minister van Financiën Paul O'Neill naar binnen kletste. Daar was men blijkbaar alweer vergeten dat Bono tijdens zijn ZooTV tournee iedere avond live vanaf een telefoon op het concertpodium het Witte Huis belde om het Midden-Amerika-beleid van Bush senior aan de kaak te stellen. Bono kwam weliswaar nooit verder dan de receptioniste, maar het ging om het gebaar, nietwaar, zijn bedoelingen waren immers goed en zo zag ook de hele wereld aan welke kant hij stond.

Dat was begin jaren negentig. Nu is het 2002, en goede bedoelingen ain't worth shit. Bono heeft zijn tactiek veranderd: hij raakte betrokken bij de Jubilee 2000 beweging, een organisatie die lobbyt voor het kwijtschelden van de schulden van 52 derdewereldlanden, en zowaar is gebaseerd op bijbelse principes uit het boek Leviticus, de `sabbath economics', aldus een achtergrondartikel in Time. Dat houdt in dat je eens per week stopt met consumeren en uitbuiten en eens in de 49 jaar schulden kwijtscheldt en slaven bevrijdt, legde een woordvoerster uit in The Guardian van afgelopen maandag. Onlangs richtte Bono ook zijn eigen non-profit politieke lobbybedrijf op, DATA (Debt, Aid, Trade for Africa). Zijn belangrijkste politieke werk verricht hij niet op het podium, maar achter de schermen, in de wandelgangen van de macht. En waar Leviticus het goed doet bij de religieuze hardcore, verkoopt Bono het kwijtscheldingsprogramma aan Bush als een soort Marshallplan, dat een tweede Afghanistan kan helpen voorkomen.

Toch waren de overige leden van U2 er niet gelukkig mee dat Bono zich inliet met de Amerikaanse conservatieven, vertelde hij maandag The Guardian. Vooral The Edge zou bezorgd zijn om zijn imago. Maar, sprak Bono, ik zei dat ik zou gaan lunchen met Satan als er zoveel op het spel stond. Hij vervolgde: Laten we niet het spelletje spelen van wie de goeien zijn en wie de slechteriken. Laten we vertrouwen op de morele kracht van onze argumenten. Geheel in de pragmatische geest van de tijd maakt het Bono niet uit met wie hij zaken doet, zolang het maar resultaten oplevert. Geen speld tussen te krijgen, toch?

Maar laten we eens naar die `resultaten' kijken. De vijf miljard van Bush, zo die al iets te maken heeft met Bono's inspanningen, werden alom gehekeld als een miserabele fooi, om met onze minister Herfkens te spreken. Het eenmalige bedrag, dat over een periode van drie jaar zal worden uitgesmeerd, staat in geen verhouding tot de geplande Europese structurele bijdrage van 0,39 procent van het bruto nationaal product, hoe beschamend laag die ook mag zijn. Het lijkt dan ook vooral bedoeld om de Europese critici op de conferentie te Monterrey wind uit de zeilen te nemen, een tamelijk loos gebaar dat geen enkele garantie voor de toekomst biedt. Bovendien maakt Bush de hulp afhankelijk van sociale en economische hervormingen. Het lijkt nu uitgesloten dat de VS nog verdere concessies zullen doen op de conferentie.

Bono vertelde Time dat hij niet meer gelooft in muziek als een politieke factor. Liever praat hij in de achterkamertjes met ,,a man who I believe listens, wants to listen on these subjects'' George W. Maar we hebben het hier tenslotte over Bono, de man met het Messias-complex, een Ierse, katholieke multimiljonair die zich naar eigen zeggen uit schuldgevoel is gaan bezighouden met de politiek. Hij bedoelt het allemaal ongetwijfeld erg goed, maar wat dat waard is weten we ondertussen wel. De politicus van wie hij gelooft dat die luistert gebruikt hem vooral als goedkope afleidingsmanoeuvre, een manier om wat entertainment te creëren en tegelijkertijd zijn eigen street-cred te verhogen. Bono's coole donkere zonnebril en zijn status als popicoon worden zo uiteindelijk niet meer dan een substituut voor structureel ontwikkelingsbeleid.