AT1-ANTAGONIST VOORKOMT DOOD BETER DAN BÈTA-BLOKKER

Het relatief nieuwe bloeddrukverlagende middel losartan (merknaam Cozaar) verlaagt het aantal hartdoden, hartaanvallen en beroerten met ruim tien procent, vergeleken met de gangbare behandeling van hoge bloeddruk met bèta-blokkers en vochtafdrijvende medicijnen (diuretica). In patiënten met suikerziekte is het positieve effect van deze type-1-angiotensine-II-receptorantagonist nog beter (The Lancet, 23 maart).

Het is de eerste grote studie waaruit blijkt dat losartan (en waarschijnlijk ook de andere angiotensine-II-antagonisten, waarvan er inmiddels zes in Nederland op de markt zijn) niet alleen de bloeddruk verlaagt, maar ook de kans op ernstige, vaak invaliderende ongelukken (hartaanval en beroerte) en de dood vermindert.

Losartan is vergeleken met de combinatie van de bèta-blokker atenolol en een diurecticum. Als de bloeddruk onvoldoende daalde mocht de arts andere medicijnen toevoegen, meestal is dat een ACE-remmer of een calciumantagonist.

Aan het onderzoek naar losartan en de bèta-blokker atenolol deden 9193 mensen van 55 tot 80 jaar mee, met een onderdruk die varieerde tussen 95 en 115 mm kwikdruk (Hg) en een bovendruk van 160 tot 200 mm Hg. Bovendien werd aangetoond dat de linker hartkamer van deze patiënten door langdurige hoge bloeddruk al vergroot was. Dat betekent dat de studie is uitgevoerd onder patiënten met een tamelijk hoog risico op hartcomplicaties. Zij slikten, door het lot bepaald, minimaal vier jaar de AT1-antagonist of de bèta-blokker- en diureticacombinatie. Toen de studie werd gestopt hadden ruim 1000 mensen een hartinfarct of beroerte gehad, of waren de hartdood gestorven. Een Amerikaanse en een Zwitserse commentator in The Lancet (die, melden zij, adviseur zijn van, en onderzoeksgeld en reisbeurzen ontvangen van vrijwel alle farmaceutische industrieën die actief zijn in de cardiologie) schrijven dat het gunstige resultaat waarschijnlijk ook wel geldt voor patiënten met hoge bloeddruk die nog geen vergrote hartkamer hebben.

In het Farmacotherapeutische Kompas (uitgave 2002), waarin Nederlandse artsen een voorschrijfadvies kunnen lezen van het College voor Zorgverzekeringen, staat nog dat de (duurdere) AT1-antagonisten geen voorkeur verdienen omdat niet is aangetoond dat ze de sterfte en ernstige ziekte voorkomen. Dat is nu voor patiënten met een verhoogd risico wel aangetoond.

    • Wim Köhler