15.000 woorden geven Italië de sleutel

Wie achter de moordaanslag op de Italiaanse regeringsadviseur Marco Biagi zit, weet niemand. Maar de sleutel is politiek.

,,Het zijn gevaarlijke idioten,'' zegt Maria-Luisa, een magere vrouw op leeftijd die met een plastic zak vol groente over een marktje in Rome loopt. ,,Maar we moeten ons niet gek laten maken. Ze proberen ons te chanteren.'' ,,Ze willen iedere verandering tegenhouden,'' roept een ander. Of: ,,Ze zullen zich nu een tijdje koest houden en dan ineens weer wat doen.''

Maar wie `ze' zijn, wie er achter de moord dinsdag op een topadviseur van het ministerie van Arbeid zit, dat weet niemand. De gewone mensen op de markt niet, en naar het zich laat aanzien ook de politie niet. Het feit dat een soortgelijke moord drie jaar geleden nooit is opgelost, biedt weinig hoop.

Er kan wel wat worden weggestreept. President Bush heeft premier Berlusconi gebeld om steun en desgewenst hulp aan te bieden. Maar dat er internationaal-georganiseerde terroristen achter zouden zitten, gelooft niemand hier. In het lange communiqué waarin de Rode Brigades voor de oprichting van de Strijdende Communistische Partij (BR-PCC) de verantwoordelijkheid opeisen, staat ook een verwijzing naar de aanslagen van 11 september. Die zijn ,,een concrete daad van verweer tegen imperialistische strategieën''. Maar het kader is vooral binnenlandse politiek. Dit is terreur Made in Italy, in een variatie op een recept van dertig jaar geleden.

Eerder hebben rechtse politici de zogenoemde antiglobalisten verdacht gemaakt, verenigd in het Rete no global. Het woud van groepjes waaruit dit netwerk bestaat, zou een schuilplaats vormen voor linkse terroristen. Maar de BR-PCC hebben hier niets mee te maken. In hun communiqué staat niets over de armoede of over het gewelddadige politie-optreden vorig jaar tijdens de G-8 in Genua. Francesco Caruso, leider van het Rete no global, liet weten dat hij een van de ruim 500 mensen is die het communiqué in zijn e-mail had gevonden, maar op de reply-toets had gedrukt met de mededeling dat hij geen zin had dergelijke ,,hallucinaties en gedachtenspinsels'' te lezen.

De sleutel is politiek – dat is ook het woord dat het meest voorkomt in het communiqué. In Spanje en Noord-Ierland hebben terreurgroepen een etnische achtergrond, in Italië moet de politie met de lens van de ideologie gaan speuren. Maar dat is niet `partijpolitiek'. De terroristen zien weinig verschil tussen voorgaande linkse kabinetten of de zittende regering van premier Berlusconi. Het gaat hen om fabrieken, arbeidscontracten, vermeend neocorporatisme tussen vakbonden en regeringen.

Opmerkelijk is, al weet de politie nog niet precies wat het betekent, dat bij bepaalde kleine basisbonden sympathie bestaat voor de aanslag. In Pomigliano d'Arco, een fabrieksstadje in de buurt van Napels, zijn anonieme pamfletten gevonden van zo'n basisbond waarin staat dat zij geen traan wil laten voor Marco Biagi, het slachtoffer van de aanslag van dinsdag.

Het document van de BR-PCC plaatst de moord op Biagi in een dertigjarige traditie van revolutionair geweld en suggereert dat de groep bezig is met een lange-termijnstrategie die zal leiden tot meer geweld. ,,Ze hebben nog niet de capaciteit, in termen van aanhang of logistieke infrastructuur, van de groepen die in de jaren zeventig en tachtig actief waren,'' zei Guido Papaglia, een openbare aanklager uit Verona die veel onderzoek heeft gedaan naar extremistische groepen in het noordoosten van het land. ,,Maar ze proberen zichzelf te organiseren om een kwalitatieve sprong te maken in hun gewapende strijd.''

Hij en andere terreurbestrijders gaan er daarbij van uit dat de BR-PCC een los netwerk hebben opgezet met andere extremistische groepen die de afgelopen jaren aanslagen hebben gepleegd. Daarbij vallen in ieder geval drie namen. De Gewapende Communistische Kernen (NAC), die in Rome bomaanslagen hebben gepleegd op gebouwen van de werkgeversorganisatie Confindustria en het NATO Defense College; de Revolutionaire Proletarische Kern (NPR), met een bomaanslag in Milaan op een vakbondskantoor; en de Territoriale Anti-imperialistische Kernen (NTA), verantwoordelijk voor aanslagen op NAVO-doelen in het noordoosten. Deze laatste groep heeft ,,strategische en projectmatige'' verantwoordelijkheid opgeëist voor de aanslag.

Beroepsterroristen die ondergronds leven, zoals in de jaren zeventig, zijn er niet meer in Italië, zo luidt de gangbare mening. De leden van genoemde splintergroepen zijn waarschijnlijk mensen met een baan, met een gezin misschien, die een ogenschijnlijk normaal leven leiden.

In hoeverre Brigadisten van vroeger een rol spelen, als ideoloog, strategisch adviseur of actief lid, is vooralsnog een open vraag. Een aantal mensen uit de harde kern, die nooit de gewapende strijd hebben afgezworen, zit nog vast in de gevangenis van Trani. Zij hebben het nieuws van de aanslag begroet met geroffel met hun bestek. Hun cellen zijn na de moord op Biagi bezocht, maar voor zover bekend heeft dat geen bruikbare informatie opgeleverd.

De politie laat weten dat het e-mailspoor is teruggevolgd tot ,,een internetcafé ergens in de provincie Rome''. Vooralsnog is het communiqué de belangrijkste aanwijzing. Ieder detail telt. Zelfs het feit dat niet zo dwangmatig in hoofdletters wordt geschreven als in eerdere communiqués, kan betekenis hebben. De nachtmerrie van de gewelddadige jaren zeventig is nooit helemaal verdwenen in Italië. De dreiging van terreur is kleiner, maar hangt nog steeds boven de samenleving. Ergens in de meer dan 15.000 woorden van het communiqué kan de sleutel liggen om te voorkomen dat Italië terugvalt in een nieuwe periode van terreur.