`Zwitserland droeg bij aan de holocaust'

Het vluchtelingenbeleid van Zwitserland heeft bijgedragen aan ,,de meest wrede doelstellingen van de nazi's, namelijk de holocaust''.

Dat zei de historicus Jean-Francois Bergier vanmorgen bij de presentatie van het laatste deel van het onderzoek naar de houding van Zwitserland tijdens de oorlog. De Zwitserse overheid was tijdens de Tweede Wereldoorlog op de hoogte van het lot dat joodse vluchtelingen wachtte als ze bij de grens werden tegengehouden, zo blijkt uit het rapport.

De commissie Bergier, bestaande uit Zwitserse historici en internationale deskundigen, werd in het leven geroepen in reactie op internationale beschuldigingen dat Zwitserland zou hebben geprofiteerd van de Tweede Wereldoorlog. De Verenigde Staten dreigden met een boycot van Zwitserse banken en bedrijven als het land geen compensatie zou betalen aan slachtoffers van de holocaust en hun nabestaanden. Bedrijven stichtten een fonds voor oorlogsslachtoffers en hun nabestaanden.

Na lange onderhandelingen besloten ook de Zwitserse banken tot een akkoord met joodse organisaties. Ze betaalden 2,5 miljard gulden om een boycot te voorkomen. Een commissie kreeg het recht de archieven te doorzoeken op mogelijke joodse tegoeden. Die commissie kwam eind 1999 met haar resultaten en concludeerde dat het hierbij niet om grote geldbedragen ging. Met het rapport van Bergier is het onderzoek naar de Zwitserse geschiedenis ten tijde van de nazi's officieel afgesloten.

Op een persconferentie naar aanleiding van de voltooiing van het 11.494 pagina's tellende rapport, zei Bergier dat individuele Zwitsers en ,,grote delen van de Zwitserse bevolking'' zich dapper hebben gedragen, maar dat zij niet in staat waren om het beleid van de overheid om te buigen.

De commissie geleid door Bergier, heeft ook geprobeerd te achterhalen hoeveel vluchtelingen er nu precies zijn afgewezen. Maar daarin is ze niet geslaagd. Ouder onderzoek schat het aantal op 30.000, tegen ongeveer evenveel joden die wel zijn toegelaten.

Zwitserland heeft zich na de oorlog verdedigd voor zijn beleid met een verwijzing naar de neutraliteit en naar de omstandigheid dat het land volledig omringd was door de nazi's en hun bondgenoten. De overheid zei te vrezen dat het land toelating van alle vluchtelingen niet zou aankunnen. Volgens het rapport van Bergier wisten de Zwitserse autoriteiten echter ,,dat een ruimhartiger houding'' voor de bevolking dragelijk ,,hoewel hachelijk'' zou zijn geweest.

Ten slotte concludeert het rapport dat regering, bedrijven, banken en musea laks zijn geweest in de reactie op claims van nabestaanden van de holocaust op teruggave van hun bezittingen.