Zomaar zappen langs kunst en reclame

De tijd dat schilderijen tegen witte muren en videokunstwerken in verduisterde zalen getoond werden, lijkt definitief voorbij. Steeds vaker laten musea hun wanden in vrolijke kleuren sausen en worden hun zalen omgetoverd tot pretpark-achtige ruimtes.

De tentoonstelling FFF Videoshow in het Centraal Museum in Utrecht is een voorlopig hoogtepunt op het gebied van ludieke presentaties. Lopend door de zalen waan je je achtereenvolgens in een voetbalstadion (met kunstgras), op een tropisch eiland (met een echt zandstrand) en in een discotheek (met een spiegelende dansvloer). Er is zelfs een zoutwaterzwembad, waar je drijvend op je rug naar de videoprojecties op het plafond kunt kijken.

FFF Videoshow gaat over de raakvlakken tussen muziekvideo's, videokunst en commercials. Wie wel eens langs MTV zapt, weet dat het soms moeilijk is om de hippe reclames van Adidas of Levi's van de videoclips te onderscheiden. Ook in de beeldende kunst wordt de scheidslijn tussen videokunstenaars en clipregisseurs steeds onduidelijker. Clipmaker Chris Cunningham werd afgelopen zomer uitgenodigd op de Biënnale van Venetië, terwijl kunstenaar Inez van Lamsweerde de clip maakte bij Björk's Hidden Place. Al jaren kijken videokunstenaars, clipregisseurs en reclamemakers de kunst bij elkaar af, maar hun werken zijn nu voor het eerst in een Nederlands museum naast elkaar te zien.

De tentoonstelling omvat een vijftigtal werken en is thematisch ingedeeld in negen hoofdstukken die niet toevallig allemaal met de letter F beginnen. Zo zijn de reclames van Amstel en Nike onder de titel `Football' samengebracht, en toont `First' vroege videowerken van kunstenaars als Nam June Paik en Bruce Nauman. Omdat een chronologische volgorde ontbreekt en de werken op basis van oppervlakkige overeenkomsten bij elkaar gezocht zijn, maakt de opstelling een willekeurige indruk. De video You called me Jacky (1990) bijvoorbeeld, waarin kunstenaar Pipilotti Rist een nummer van Kevin Coyne playbackt, is nu in de zaal `Female' te zien, maar had ook onder het kopje `Feelgood' kunnen vallen.

In de FFF Videoshow worden clips, video's en reclames zij aan zij, als gelijkwaardige onderdelen van onze beeldcultuur, op de wanden geprojecteerd. Een dertig seconden durend spotje van Centraal Beheer krijgt zo dezelfde museale status als het legendarische videokunstwerk De loop der dingen (1987) van Peter Fischli & David Weiss, waarin vallende voorwerpen een eindeloze kettingreactie veroorzaken. Het is even wennen om televisiehelden als Petje Pitamientje op groot scherm in het museum te zien. Je blijf het gevoel houden dat je naar een bioscoopreclame kijkt, en dat de hoofdfilm nog moet beginnen.

Want hoe graag de tentoonstellingsmakers je ook willen laten geloven dat de grenzen tussen de disciplines vervagen, er bestaan nog steeds belangrijke verschillen tussen autonome videokunst en de in opdracht gemaakte clips en commercials. Reclame- en clipmakers werken vanuit commercieel oogpunt en hebben vaak tonnenhoge budgetten, terwijl een kunstenaar van geluk mag spreken als hij zijn materiaalkosten terugverdient. Het contrast tussen de professioneel geproduceerde clips en de homevideo-kwaliteit van veel kunstvideo's is groot, en naast de snelle montage van reclames en clips maakt de videokunst, die geen tijdslimiet kent, vaak een trage indruk.

Het ironische is bovendien dat videokunst ruim dertig jaar geleden in het leven werd geroepen door kunstenaars die teleurgesteld waren in het medium televisie, dat in hun ogen te populistisch en te commercieel was. Nu hun werken in de FFF Videoshow naast typische televisieproducten te zien zijn, levert dat vreemde confrontaties op. In de zaal `Female', een knalroze ruimte die je betreedt door een vaginavormig gat in de muur, worden klassieke voorbeelden van feministische videokunst uit de jaren zeventig samen met reclames uit die tijd getoond. Terwijl Marina Abramovic tot bloedens toe haar haren kamt als commentaar op het aan vrouwen opgelegde schoonheidsideaal, huppelen de modellen uit de badpakkenreclame van Heinzellman verleidelijk langs het strand.

Het grootste probleem is het gebrek aan duidelijke context. De clips, video's en commercials, die allemaal tot de beste in hun soort horen, zijn vrijblijvend door elkaar gehusseld tot één groot beeldbombardement. Er is te veel aandacht besteed aan de inrichting en te weinig aan inhoudelijke informatie. De bezoeker wordt op pad gestuurd met een onvolledig tekstboekje, en moet zelf maar uitzoeken welk werk bij welke kunstenaar hoort. Ook is het een hele puzzel om de juiste beelden bij het geluid te vinden, omdat iedere zaal meerdere werken herbergt en één soundtrack heeft. Koptelefoons hadden hier uitkomst kunnen bieden. Net als zitplaatsen trouwens. Na enkele uren staand tv-kijken begin je te verlangen naar je eigen bank, een zak chips en je afstandsbediening. Ook een duik in het zoutwaterbad lijkt dan opeens niet zo gek meer.

Tentoonstelling: FFF Videoshow. T/m 26-5 in: Centraal Museum, Nicolaaskerkhof 10, Utrecht. Open di t/m zo 11-17u. Inl. 030-2362362 of www.centraalmuseum.nl