`Ik dacht dat Kafka alleen op mij van toepassing was'

Manon Uphoff, van wie net de novelle `De vanger' verscheen, herkent nog steeds feilloos levensangst, dankzij Kafka.

Sinds haar vriend eens in een huis bivakkeerde dat er letterlijk van krioelde, is Manon Uphoff haar grootste angst voor kakkerlakken kwijt. ,,Maar toen ik een jaar of zestien, zeventien was, was ik fobisch voor insecten. Spinnen, kevers, alles. Toch had ik daar bij het lezen van De Gedaanteverwisseling geen last van. Ik vond het aangrijpend; Gregor Samsa's geworstel met zijn lastige lichaam. Het gewriemel met zijn pootjes.'

In het boek ontdekt Gregor Samsa op een ochtend dat hij is veranderd in een mestkever, maar Uphoff heeft altijd een kakkerlak in hem gezien. ,,Vanwege die pootjes dus, denk ik, en door zijn tempo. Hij is razendsnel als het moet. En dan de walging van de mensen die hem zien.'

Manon Uphoff kiest pas na enige aarzeling voor Kafka. Er zijn andere boeken die wat haar betreft aanspraak maken op het predikaat beslissend, maar Die Verwandlung (uit 1912) is toch het meest bepalend geweest. ,,Ik las het in een periode dat mijn eigen gedaante nog niet vast lag, een periode van hongerkunstenaarschap bovendien, vandaar', laat ze per mail weten.

In een Utrechts café, haar Engelse uitgave meedogenloos omkrullend en platvouwend, vertelt ze een week later: ,,Kafka beschrijft heel precies hoe Gregor controle probeert te krijgen over dat vreemde lichaam dat voortaan het zijne is. Die onmacht en totale verwarring waren ooit buitengewoon herkenbaar voor mij. Ik woonde in Groningen, alleen, en leed aan anorexia. Ik was met school gestopt, woonde op een heel klein kamertje, zat alsmaar te wachten op een vriendje dat niet kwam. De Gedaanteverwisseling maakte een ongelooflijke indruk. Ik had nog nooit iets gelezen dat zo haaks stond op het dagelijks leven en er tegelijkertijd zo bij aansloot. Ik maakte bovendien precies dezelfde gewaarwordingen door. Ik wist niet wat ik met mijn lichaam aan moest, kon niet besluiten of ik wel of niet zou eten, laat staan welke plaats ik innam in het leven.'

Driftig bladert ze in de paperback. Ze heeft De Gedaanteverwisseling lang niet meer herlezen, want Kafka lees je nou eenmaal als je op de middelbare school zit. ,,Dan lijkt het alsof zijn verhalen uitsluitend en alleen op jou van toepassing zijn. Pas later ontdek je dat je allesbehalve uniek bent. Het zijn zelfs deels biologische processen die maken dat je je zo verward en eenzaam voelt.

,,Kafka spreekt je op die leeftijd ook aan, doordat hij die afgrondelijke inhoud verpakt in heldere, soepele taal. Hij leest bedrieglijk makkelijk, wekt de illusie dat hij een beginnend schrijver is. Daardoor zet hij zelfs aan tot schrijven. Ik snapte opeens dat je nachtmerries kon uitschrijven, en vooral, dat je niet alles wat je schreef tot het einde hoefde te begrijpen of uit te leggen. Ik schreef een verhaal over een vrouw die in de maag van een man woont. En daarna een over een vrouw die beesten in haar melk vindt.'

Inmiddels is Uphoff de schrijfster van heel veel meer verhalen, gebundeld in Begeerte (1995) en De fluwelen machine (1997). Daarnaast schreef ze een roman, Gemis (1998) en bundelde verspreide stukken (Hij zegt dat ik niet dansen kan, 2001) Vorige week verscheen haar novelle De vanger (elders in deze bijlage besproken). Levensangst is niet direct iets waar je bij haar personages aan denkt; die kenmerken zich juist door een zekere roekeloosheid, ze lijken pijn en waanzin als consequenties te aanvaarden voor hun enorme honger naar ervaringen, naar het leven. Maar pas op, zegt Uphoff. Al dat lef komt juist voort uit zijn tegendeel. ,,Daar schrijf ik over. Mensen die zo bang zijn, dat ze dwars door die angst heenbeuken. Of die een hele hoop theater maken, alleen maar omdat ze almaar om hun eigen angst heendraaien en er de confrontatie niet mee aandurven. Ik herken levensangst nog steeds feilloos. En ik word er ook altijd door ontroerd.'

De Gedaanteverwisseling wordt doorgaans verengd tot het verhaal van Gregor Samsa's `gematerialiseerde' levensangst, zijn worsteling met zijn nieuwe, geleedpotige zelf, maar dat doet volgens Uphoff de andere personages tekort. ,,Voor het grootste deel gaat het over Gregors verhouding tot zijn familie. Zelfs in al zijn ellende doet Gregor niets anders dan zo nauwgezet en correct mogelijk zijn, een goede zoon zijn voor zijn vader. En als hij dan geen zoon kan zijn, dan maar een zo goed mogelijke kever. Het is misschien een rare vergelijking, maar hij doet me altijd een beetje denken aan de hond Rataplan uit Lucky Luke, die zo zijn best doet om een goede hond te zijn, ook al weet hij dat hij ergens fundamenteel tekortschiet. Een belangrijke rol speelt ook Gregors zuster, die hem eten komt brengen maar die ook van hem walgt. Ik stel me voor dat ze naar hem kijkt zoals mijn zusje naar mij keek – ik was vreselijk mager en zag er echt verschrikkelijk uit.'

Gregor doet haar daarnaast denken aan een van haar broers, die bij zijn geboorte een zuurstoftekort opliep. ,,Ik ben verbaasd dat ik daar nu pas aan denk. Mijn broer, hij is nu tegen de vijftig, zit al zijn leven lang opgesloten in zijn handicap. Dat beseft hij zelf heel goed; hij vervalt af en toe in diepe depressies. Maar meestal maakt hij er het beste van. Sterker, hij heeft ook die neiging tot gehoorzaamheid, tot heel precies, heel nauwgezet zijn best doen.'

Nu ze erover nadenkt, blijkt De Gedaanteverwisseling veel stof te bevatten voor wat later een belangrijk thema zou worden in haar werk; familie, de bron van het hele scala aan heftige, tegenstrijdige gevoelens waaraan haar personages ten prooi zijn. ,,Het einde, bijvoorbeeld, is mij altijd bijgebleven, omdat het iets heel waars, maar ook iets heel vreemds zegt over familie. Gregor sterft, opdat zijn familie gelukkig kan worden. Het is bijna alsof hij het leven doorgeeft aan zijn zuster. Hij heeft zoveel geboet, zoveel gedragen, dat zij nu vrij kan ademen. Ik vond dat toen, en nu nog steeds, het enig mogelijke einde, zonder dat ik precies wist waarom. Hoe je het ook wendt of keert, familie genereert een soort onvoorwaardelijke trouw waar je zelf nauwelijks invloed op hebt, al denk je vaak van wel. Hoe mensen daarmee omgaan, en hoe ze zich er soms voor opofferen, al willen ze het niet, dat blijft mij fascineren.'

Franz Kafka: De gedaanteverwisseling. Querido, 103 blz. euro 11,50 Die Verwandlung, DTV, 119 blz. euro 4,–

Een selectie uit de interviews in deze serie is als boek verschenen: Margot Dijkgraaf en Martijn Meijer: Het beslissende boek. Nederlandse schrijvers over het boek dat hun leven veranderde. Prometheus/NRC Handelsblad, 228 blz. euro 14,50