Veel Andersen-cv's bij headhunters

In de duizelingwekkende val van energiehandelaar Enron werd huisaccountant Andersen meegesleept. Zijn de accountants, onderdeel van de Big Five, inderdaad een zondebok? `Ongelooflijk dat Andersen als eerste op het hakblok wordt gelegd.'

De eerste officiële strafklacht wegens fraude in de Enron-affaire ging niet naar Enron zelf, maar naar Enrons accountant, Arthur Andersen. Velen die dit accountantskantoor van binnen en van buiten kennen, reageren geschokt. Andersen kent, in tegenstelling tot Enron, een rijke traditie en gold ooit als de gouden standaard in zijn beroepsgroep. Nu vecht het kantoor voor zijn voortbestaan.

,,Het is triest, en ik weet zeker dat mijn vader als hij nog leefde ervan zou huiveren'', zegt Judith Spacek, de 65-jarige dochter van Leonard Spacek (spreek uit spee-tjek), de man die na de dood van oprichter Arthur Andersen in 1947 het roer overnam en in de twintig jaar daarna bekendheid genoot als een man met principes die de accountancy opstootte in de vaart der volkeren, onder andere door de invoering van computersystemen in de boekhouding.

,,Andersen is de zondebok'', zegt Spacek, met trillende stem. ,,Misschien zijn er dingen gebeurd die niet door de beugel kunnen, maar dan nog vind ik het ongelooflijk dat Andersen als eerste op het hakblok wordt gelegd''.

,,Walgelijk'', noemt Duane Kullberg, die 33 jaar partner was bij het 89 jaar oude Andersen, en die in 1989 aftrad als aanvoerder van de maatschap, de aanklacht wegens fraude. ,,Wij waren nota bene de accountants die vaak onze handen van een lucratieve zaak aftrokken als we de boekhouding niet vertrouwden. En dan stonden onze collega's ik noem geen namen klaar om het van ons over te nemen.'' Hij wijst op het motto van het bedrijf, Think Straight, Talk Straight, afgeleid van een geliefde uitspraak van de oude mevrouw Andersen, waaruit Andersens integriteit zou blijken.

,,Andersens problemen zijn tragisch'', zegt Lawrence Revsine, sinds 1971 hoogleraar in de financiële verslaglegging aan Northwestern University. ,,Maar ze zijn niet uniek. Ze komen voort uit de ambitie van moderne accountantskantoren om almaar meer commissies op te strijken, onder andere door naast het controleren van de boeken ook advieswerk te doen. Andersen splitste zijn concultancy weliswaar af in wat nu Accenture heet, maar het duurde niet lang voordat ze zelf weer een nieuwe consultancytak hadden opgezet. Adviseren is nu eenmaal een lucratieve activiteit.''

De strafklacht van de Amerikaanse justitie kwam vorige week toch nog onverwacht. Justitie klaagde Andersen aan wegens obstructie van de rechtsgang door het vernietigen van bewijsmateriaal in de zaak-Enron. In de maanden na het bekend worden van de creatieve boekhouding bij Enron zijn duizenden documenten door de versnipperaar gehaald onder leiding van David Duncan, Andersen-partner in het kantoor in Houston.

Advocaten van het accountantskantoor, met 85.000 medewerkers wereldwijd nummer vijf van de Big Five, hebben de afgelopen weken langdurig onderhandeld met justitie en de Securities and Exchange Commission (SEC) over een mogelijke deal, maar dat liep op niets uit. Andersen had eerder een boete gekregen wegens zijn rol bij onregelmatigheden in de financiele rapportage bij de bedrijven Waste Management en Sunbeam zoals ernstig geflatteerde winstcijfers, die beleggers miljoenen dollars kostten. Het ministerie van Justitie had Andersen gewaarschuwd dat er de volgende keer hardere maatregelen zouden worden genomen.

Maar de advocaten, werkzaam bij het kantoor Davis, Polk & Wardwell, dachten dat Andersen enige goodwill had bij de autoriteiten. Het was immers Andersen zelf geweest, dat in januari de vernietiging van Enron-documenten had gemeld. De hoop was dat de zaak snel werd afgehandeld, zodat Andersen zo min mogelijk schade zou oplopen. In het slechtste geval, dacht Andersen, zouden de betreffende partners en medewerkers die opdracht hadden gegeven tot het versnipperen van de Enron-documenten worden aangeklaagd. Maar dat was een vergissing.

,,Andersen heeft de woede van de ambtenaren van Justitie onderschat'', zegt professor Revsine. ,,Ze hadden kunnen weten dat ze hier niet zo makkelijk van af zouden komen. Justitie wou bloed zien.''

Ook al is Andersen nog niet veroordeeld, de hele firma staat in een kwaad daglicht. Dat is funest voor een dienstverlenend bedrijf dat het van zijn naam moet hebben. Tientallen Amerikaanse cliënten, waaronder het farmaceutische bedrijf Merck, de Amerikaanse overheid en meest recent Enron-concurrent Dynegy, hebben hun contract met de accountant opgezegd, en de exodus is nog niet ten einde.

Partner Suzanne Gylfe, medeverantwoordelijk voor de organisatie van het kantoor, klinkt tamelijk moedeloos, hoewel ze benadrukt: ,,Het merendeel van onze 2.400 beursgenoteerde cliënten is er nog.''

Als de cliënten het zinkende schip niet verlaten, dan de medewerkers wel. Andersen heeft 28.000 mensen in Amerika, van wie ruim 5.000 in Chicago. Headhunters hier melden een flinke toename in het aantal ingezonden cv's van Andersen-mensen. De kans dat Andersen in de VS wordt overgenomen door een concurrent is klein, omdat het nieuwe kantoor dan alle schadeclaims geraamd op enkele honderden miljoenen in zijn maag krijgt gesplitst.

Andersen is nog niet dood, als je de zoveelste reclamecampagne mag geloven die deze week is gestart in de kranten. `Waarom we terugvechten', staat boven een advertentie. De advocaten van Andersen zijn ervan overtuigd dat ze de rechtzaak kunnen winnen.

,,Op zichzelf is er niets vreemds aan het vernietigen van documenten'', zegt Revsine. ,,Daar hebben alle accountants mee te maken. De timing was alleen beroerd.''