Crisis in wapenorganisatie VN

Binnen de Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens (OPCW) in Den Haag is ernstige verdeelheid uitgebroken over de positie van de Braziliaanse directeur-generaal, José Bustani.

De Verenigde Staten hebben het vertrek geëist van Bustani, zo heeft Gordon Vachon, een nauwe medewerker van Bustani bij de OPCW, vanmorgen bevestigd. Ook de EU heeft op Bustani's vertrek aangedrongen ,,in het belang van de organisatie''.

Een andere groep landen, waaronder Rusland, China en India, staat echter vooralsnog pal achter de Braziliaan en betoogt dat het juist beter is voor de OPCW dat hij aanblijft. Binnen de Uitvoerende Raad van de OPCW, waarin de deelnemende landen zijn vertegenwoordigd, vindt sinds gisterochtend crisisberaad plaats.

Een woordvoerder van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse zaken wilde gisteren niet zeggen waarom de VS Bustani's aftreden eisen. ,,Wij denken niet dat deze organisatie haar opdracht om de chemische wapens te elimineren kan blijven vervullen onder de huidige leiding'', aldus het State Department.

De aan de VN gelieerde Organisatie voor het Verbod op Chemische Wapens, die moet toezien op de naleving van het verdrag tegen chemische wapens, telt in totaal 145 lidstaten en zetelt sinds 1997 in Den Haag. Bustani is de eerste directeur-generaal. Vorige jaar werd hij voor een nieuwe termijn van vier jaar aangesteld. In Braziliaanse media werd deze week gespeculeerd dat de onvrede van de Amerikanen met Bustani voortkwam uit diens naar Amerikaanse smaak te lankmoedige aanpak van Irak. Bustani's medewerker Vachon wijst er echter op dat Irak geen partij is bij het verdrag tegen de chemische wapens en dat de mogelijkheden van de OPCW voor actie tegen Irak daarom beperkt zijn. Tot 1998 waren met instemming van Bagdad wel inspecteurs van de OPCW betrokken bij het opruimen van chemische wapens in Irak.

De OPCW kwam vorig jaar in het nieuws door financiële problemen. Vertragingen bij inspecties, waaraan OPCW zelf meestal geen schuld heeft, leiden tot onvoorziene extra kosten. Bovendien betalen veel landen niet tijdig contributie.