Fortuyns verdriet

Ze lijken in niets op elkaar, maar daarom is de vergelijking juist interessant. De een heet Fortuyn. Dat is heel wat beter dan Kok of Melkert, om maar te zwijgen over Balkenende. En Pim, dat is straks lekker te scanderen door het voetbalvolk: Pimmie, Pimmie.

Zijn Indiase tegenhanger heeft ook zo'n schitterende naam, al moet je er wel even voor gaan zitten: Mahant Ramchandra Paramhans Das. Das (uitgesproken als Daas) betekent boodschapper van God, zijn directe, persoonlijke dienaar, de trouwe vertolker van Zijn Gedachten. En Indiërs scanderen anders dan Nederlandse hooligans. Ze houden hier van een volle mond, met toevoegingen van klanken, waardoor het lijkt op een gebed: `Mahante Rama-chandra Pareme-hansa kie djai!'

Kortweg: leve Das.

Dan is er de verschijning. Beide mannen hebben nagedacht over hun kleding. Fortuyn draagt iets te strakke kostuums, Das draagt iets te wijde handgeweven katoenen hemden zonder kraag, mouwloze vesten en uiteraard de dunne Indiase lendendoek. Fortuyn is kaal, Das is juist overvloedig behaard. Zijn hoofdhaar is zo dik en onverzorgd dat er natuurlijke dreadlocks ontstaan en zijn witte baard reikt tot zijn navel.

Fortuyn probeert er zo jong mogelijk uit te zien. Jong is in het Westen symbool voor vitaliteit en daadkracht. Das probeert er zo oud mogelijk uit te zien, want oud staat in het Oosten voor wijs en gezaghebbend. Das liegt zelfs over zijn leeftijd. Hij beweert 93 te zijn en als je hem ziet weet je onmiddellijk dat het niet waar is. In de zestig, oké, maar niet veel meer. Maar Indiërs in de zestig kunnen al heel oud overkomen.

Fortuyn maakt dankbaar gebruik van het feit dat de wetenschappelijke wereld hem ooit tot professor benoemde. Zo ook Das: hij kreeg genoeg heilige mannen bij elkaar die hem de titel `Mahant' toekenden, de verhevene, leider der Fakirs.

Fortuyn is openlijk homoseksueel, Das is nadrukkelijk celibatair. Fortuyn beweegt zich voort in een dure auto met chauffeur. Das loopt, en altijd op blote voeten. Fortuyn bedient zich van ironie, sarcasme en cynisme. Mahant Ramchandra Paramhans Das gebruikt het typische Indiase middel van het melodrama.

Afgelopen week zei hij dat hij een eind aan zijn leven zou maken als hij niet zou mogen bidden op de plek in de stad Ayodhya waar Hindoes in 1992 de Babri-moskee hebben verwoest. Op die plek werd de god Rama geboren, zegt Das, en ook al is er geen enkele historische onderbouwing voor, de meeste Hindoes geloven het graag.

Eerst had Das gezegd dat de bouw van de Ramatempel op de betwiste plek hoe dan ook op 15 maart zou beginnen. Het hooggerechtshof heeft dat verboden en de Hindoeregering van premier Atal Bihari Vajpayee heeft gezegd dat verbod te zullen naleven, al moet het leger er aan te pas komen. Tegen zulke krachtige taal was Das niet opgewassen, maar hij wist Vajpayee flink in verlegenheid te brengen door een compromis voor te stellen: als we niet mogen bouwen, mogen we daar toch zeker bidden? En wie durft te schieten op biddende mensen?

Vajpayee heeft lopen ijsberen, tot hij een tegenzet had: over dat bidden moet ook het hooggerechtshof maar beslissen, en dat besluit zal eveneens met kracht worden nageleefd. Met een milde glimlach zei de Mahant dat het hof niet kon bepalen waar hij mocht bidden. Maar dat hof bepaalde het wel. Woensdagmiddag 13 maart verbood het hof elke activiteit op de betwiste plek.

Op donderdagochtend zei Mahant Ramchandra Paramhans Das dat hij zelfmoord zou plegen. De natie sidderde. Het was een ironische nagalm van Mahatma Gandhi die indertijd besloot te vasten tot de dood als de Hindoes en moslims niet ophielden elkaar uit te moorden. De tijden zijn zo veranderd dat nu iemand besluit te sterven als de Hindoes en moslims niet beginnen elkaar uit te moorden.

De regering van Vajpayee had het dreigement kunnen negeren. Das heeft al vaker met van alles gedreigd en steeds kwam hij erop terug. Maar stel je voor dat hij wel zelfmoord pleegde. Dan was er dit weekeinde een bloedbad geweest in India.

Nu komt de les, want Nederland kan wat betreft etnische wrok nog het een en ander leren van India: Vajpayee nam het dreigement van Mahant Ramchandra Paramhans Das serieus. Zoals ik zou willen dat in Nederland Melkert en Dijkstal Pim Fortuyn serieus nemen. Terwijl de totale Indiase pers met spot en hoon de Mahant neerzette als de clown van een aftakelend circus, als de populairste dorpsgek, als een fanaat die niet goed bij zijn hoofd is, belde Vajpayee hem persoonlijk op. En bezorgde hem de eer die hem nauwelijks toekomt. Maar met fascisten moet je tegenwoordig rekening houden.

De Mahant was duidelijk gestreeld door het telefoontje. De hele dag was hij omringd door camera's, en live kon India zien hoe diep de minister-president bukte voor de gevaarlijkste man van het land. Bespaar ons het bloedbad, verzocht Vajpayee, en de leider der Fakirs was tevreden.

Is Mahant Ramchandra Paramhans Das een fascist? Hij zou niet eens weten wat het woord betekent. Is hij een moslimhater? Hij zou het ten stelligste ontkennen. Hij is enkel een vrome Hindoe. Hij voelt geen haat, enkel verdriet; over wat Hindoes wordt aangedaan, over de voorrechten van moslims, over het feit dat Hindoes zelfs in eigen land worden gediscrimineerd.

Dat is de nieuwe truc van mensen die de kaart van etnische wrok uitspelen. Geen haat, maar droefenis. Das is zelfs slimmer dan Fortuyn. Das zei dat hij op de gewraakte plek in Ayodhya ook voor zijn moslimbroeders zou bidden. Zoals Pim Fortuyn een Kaapverdiër op zijn kieslijst plaatst. Maar Das blijft droef: Hindoes hebben in dit grote Hindoeland al zoveel te lijden gehad. We respecteren `hen', maar willen ze ook `ons' een beetje eerbied gunnen? We zullen ze niet het land uitgooien, maar als ze zich niet aanpassen aan onze waarden, dan maken ze het ons erg moeilijk.

Zo werkt dat. Het fascisme heeft zich verkleed en vermomd. Fortuyn is geen afgeslankte vorm van Mussolini, maar dat is niet echt een geruststelling. Ik wed dat Pim Fortuyn straks zegt dat hij verdriet heeft. Wees dan op uw hoede.

ramdas@nrc.nl