Wij willen stemmen! Belegger eist invloed

Terwijl grote beleggers zich steeds meer met bedrijfsbeleid bemoei- en, vinden de kleine aandeelhouders nog nauwelijks gehoor.

Meer dan achthonderd aandeelhouders hadden zich een paar weken geleden aangemeld voor een vergadering waarin de stemmenmacht van een tweetal superbeleggers hen allen bij voorbaat zou overvleugelen.

Op de vergadering van vastgoedfonds Rodamco North America zou het (verwachte eensgezinde) stemgedrag van twee grootaandeelhouders, vastgoedbeheerder Westfield en pensioenfonds ABP, de doorslag geven. Samen bezitten zij zo'n 32 procent van de stemmen. Op de valreep ging de vergadering, waar zou worden beslist over uitverkoop van de Rodamco-winkelcentra aan drie vastgoedfirma's, waaronder Westfield, echter niet door.

De stemverhouding op de Rodamco-vergadering, waar twee aandeelhouders winnen van meer dan achthonderd mede-beleggers, is wat extreem, maar tekent de verschuivingen in de afgelopen vijftien jaar in economie en samenleving. Steeds vaker valt er iets te stemmen op aandeelhoudersvergaderingen, of het nu gaat om een aandelenuitgifte is, een overname of, zoals bij Rodamco, om uitverkoop en opheffing.

Aandeelhouders wíllen ook stemmen. Zij zijn druk bezig de beknotting van hun stemrecht, die uit de jaren zeventig dateert, terug te winnen. Maar tegelijkertijd is er een groeiende tegenstelling binnen de kring van beleggers zelf. Er zijn steeds meer `kleine' beleggers en steeds minder, maar wel steeds grotere superbeleggers.

Het volkskapitalisme kwam in Nederland pas echt op gang met de privatisering en beursgang van telecombedrijf KPN in 1994. Tegenwoordig beleggen ruim 1,2 miljoen huishoudens in beleggingsfondsen, 849.000 in Nederlandse aandelen en 178.000 in buitenlandse aandelen, zo blijkt uit een enquête van marktonderzoeksbureau Nipo van september vorig jaar. KPN blijkt met 397.000 particuliere beleggers nog altijd hét volksaandeel.

Tegenover meer particulieren staan minder professionals. Door fusies en overnames in de financiële wereld krimpt het aantal beheerders. Maar het bedrag dat zij beleggen ging de afgelopen twintig jaar met grote stappen vooruit. Nederland belegt en werkend Nederland spaart, grotendeels via verplichte pensioenregelingen, voor de vergrijzing. Zo beleggen Nederlandse pensioenfondsen en verzekeraars samen 701 miljard euro.

Bedrijven en managers weten dat zij hun grote beleggers te vriend moeten houden. Als de beleggers het willen, staan de topman en zijn collega die de financiën doet de volgende dag op de stoep. Grote beleggers geven hun opinie graag in de beslotenheid van de achterkamertjes. Maar elke manager weet: als ik niet tegemoetkom aan hun klachten of opmerkingen bestaat steeds vaker een gerede kans dat het onderwerp door diezelfde belegger, of erger, door een kongsi van gelijkgestemde beleggers op de volgende aandeelhoudersvergadering ook in het openbaar wordt aangekaart.

De groeiende invloed van met name de professionele beleggers speelt zich op meerdere niveaus af. Zij lobbyen discreet in Den Haag, maar ook in Brussel. Zij werken graag achter de schermen, al manifesteren zij zich tegenwoordig ook regelmatiger op openbare aandeelhoudersvergaderingen. Met name de pensioenfondsen leiden de lobby om de zeggenschap van aandeelhouders te verruimen. Een enkele verzekeraar, zoals Delta Lloyd, en vermogensbeheerder, zoals belegger W. Burgers van het Orange beleggingsfonds, doet in de praktijk mee. Desondanks blijven de activiteiten van de professionele beleggers ,,over het algemeen laag'' constateerde minister van Financiën Zalm twee maanden geleden op een symposium van de pensioenfondsen.

Minister Zalm stimuleert de professionele beleggers om hun financiële belangen, en daarmee die van hun particuliere klanten en pensioenspaarders, actief te behartigen. Zalm ging op eerdergenoemd congres zelfs zo ver dat hij pensioenfondsen ,,aanbood'' om hem te vragen desnoods een stem-plicht in te voeren, zodat de klanten van de geldbeheerders zekerheid hebben dat ook hun stem meetelt.

Het kabinet wil de invloed van de aandeelhoudersvergadering vergroten, maar de wetsontwerpen kabbelen traag door het laagland. Aandeelhouders moeten volgens het kabinet straks de commissarissen benoemen, niet de commissarissen zelf. De aandeelhoudersvergadering moet ook de jaarrekening, en dus het dividendbeleid van een bedrijf, vaststellen. En akkoord gaan met overnames en aan- of verkoop van belangrijke deelnemingen. En als het aan de pensioenfondsen ligt, willen zij op een aandeelhoudersvergadering ook over de optieregelingen voor de topmanagers stemmen.

En de kleine belegger? Hij staat erbij en kijkt ernaar. Hij kan zijn stem verheffen, maar als het op stemmen aankomt valt zijn pakketje in het niet bij de pakketten van de grote geldbeheerders. Hij moet het niet hebben van de kwantiteit van zijn effecten, maar van de kwaliteit van zijn vragen of opmerkingen, maar ook dat is geen sinecure.

Kleine beleggers hebben doorgaans zelf geen rechtstreeks contact met financiële analisten die hem van advies kunnen dienen. Of met professionele geldbeheerders die hij als sparring partner kan gebruiken. De enige kleine belegger die wél zulke ingangen heeft, is de Vereniging van Effectenbezitters (VEB), die van elke beursgenoteerde onderneming ten minste één aandeel bezit en dus elke aandeelhoudersvergadering kan bezoeken. En ook bezoekt. De afgelopen jaren is de VEB uitgegroeid tot een machtsfactor van betekenis.

Min of meer hand in hand met uitbreiding van het aantal onderwerpen waarover aandeelhouders moeten stemmen verloopt een technische verbetering: stemmen vanuit de leunstoel thuis. In de VS is dat onder de naam proxy voting al sinds jaar en dag geregeld, maar daar is het juridisch simpeler omdat aandelen in de VS op naam staan. In Nederland zijn de meeste aandeelhouders anoniem, de onderneming weet niet wie deze vermogensverschaffers zijn.

Stemmen vanuit de leunstoel is op papier simpel. Iedereen die op een specifieke datum voorafgaand aan de aandeelhoudersvergadering aandeelhouder is, kan stemmen en krijgt de nodige formulieren en informatie thuis gestuurd. Een proef met elf bedrijven vorig jaar had echter maar een beperkte respons. Het systeem werkt bijvoorbeeld niet voor buitenlandse vermogensbeheerders, die 30 tot 40 procent van de Nederlandse aandelen bezitten.