Kunnen genitaliën mooi zijn?

Genoeg gemijmerd over de liefde als thema van de Boekenweek. Hoog tijd voor de kut. Geen mooi woord, toegegeven, maar de alternatieven, vagina, schede, stemmen nóg somberder. Kutje is voor thuis en voor Wim T. Schippers. Bij gebrek aan beter moet kut volstaan.

De kut als Ding an Sich is natuurlijk mooier dan de liefde, zelfs als je dit beweert in een niet-zo-mooie zin als deze. Freud was het hiermee niet eens, getuige een zijdelings zinnetje in Das Unbehagen in trder Kultur: `Het is belangrijk om op te merken dat de genitaliën zélf, hoewel de aanblik ervan vrijwel altijd opwindend is, zelden als ,,mooi'' worden aangemerkt.' In een essay getiteld `Can Genitals Be Beautiful' over de tekeningen van Egon Schiele beweerde John Updike eens dat de aanblik van een kut pas echt een onbeladen esthetisch genoegen geeft wanneer er geen – zo schreef Updike het – `pornografische connotaties' aan verbonden zijn. Het is een teleurstellende uitspraak van een schrijver die in een aantal romans – Couples, Rabbit Redux – erg mooi over de schoonheid van de kut heeft geschreven, en wel degelijk met vrolijke `pornografische connotaties'.

Het woord connotatie is van zichzelf al niet zo mooi, maar in combinatie met de kut valt de lelijkheid ervan extra op. Het is trouwens erg makkelijk om lelijk over de kut te schrijven. Sommige postmoderne filosofen zijn daar bedreven in. In De Groene Amsterdammer van vorige week stond een hilarisch voorbeeld: Jacques Derrida meent dat de kut is ontstaan door `invaginatie, het terugplooien van een externe ruimte in een object. (...) Door een instulping wordt een zak gevormd binnen in een lichaam.' Een zak binnen het lichaam. Zulke omschrijvingen doen de bewondering voor de schoonheid van de kut natuurlijk geen goed. Het ondermijnt de schoonheid ervan en speelt hooguit de zorgelijke types in de kaart die geneigd tot het `problematiseren van seksualiteit'.

Wat maakt een kut mooi? Moeilijk te zeggen. A.F.Th. van der Heijden schreef in Advocaat van de hanen over een meisje van een jaar of zestien: `Zij had niet een uitgesproken mooie kut.' Van der Heijden lichtte toe: `Er was eigenlijk teveel van dat zachte vlees dat – bijzonder rimpelig – als een soort mollige rol bovenop de grote schaamlippen lag.' Deze omschrijving beantwoordt aan een wel vaker terugkerend idee over het ideale uiterlijk van de kut, als een dun en scherpgevouwen origami-strookje.

Wie de laatste jaren een beetje heeft opgelet weet dat de kut een metamorfose heeft ondergaan. Steeds meer draagsters scheren hun schaamhaar tamelijk radicaal bij. In beginsel kan dit de schoonheid in de hand werken – de lijnen van geleidelijkheid zijn immers beter zichtbaar – maar het kan ook te gek worden. Nog niet zo lang geleden domineerde het `streepje' het modebeeld; op iedere venusheuvel was het haar gereduceerd tot een Hitlersnorretje. Nu is zelfs dat laatste streepje vaak verdwenen. In pornofilms en op de geëigende sites zijn negen van de tien vrouwen haarloos. Naaktmodellen die hun schaamhaar naturel dragen, worden op internet weggezet in de speciale rubriek `hairy girls' of, erger, `furry girls'. Op datingsites voor partnerruilende paren wordt steeds vaker `geschoren' aangeboden én gevraagd.

Voor degene die is opgegroeid in de jaren zeventig – meer dan de jaren zestig het harige decennium – blijft die kaalheid een bron van verwarring. De geïnteresseerde toeschouwer denkt met een volwassen vrouw te maken te hebben, totdat blijkt dat haar kut is getransformeerd tot dat van een elfjarig meisje. Ook in genitaal opzicht prefereert men kennelijk het imago van het kindvrouwtje, met als resultaat een opgelegde Humbert-Humbertisering van de beschouwende en bezoekende partij.

Wat er aan haar is afgegaan, is er op en rond de kut aan accessoires bijgekomen. Veel draagsters tuigen de laatste jaren hun kut op alsof het een tweede gezicht is. De genitale tatoeage en de piercings rukken op, als variatie op de oorbel en de make-up. De vlinder vlindert niet alleen op de rechterschouder maar steeds vaker ook op de – kale – venusheuvel. In combinatie met een trits ringetjes in huidplooien die daar op het oog niet geschikt voor zijn, geeft dat de kut iets uitermate schreeuwerigs. De draagster lijkt pas tevreden wanneer het er bij haar net zo kermisachtig uitziet als in Amsterdam het Damrak. Wij pleiten voor een ontmoedigingsbeleid van die parafernalia, en wat betreft de haardracht geldt voor de kut het vertrouwde kappersadagium: kort maar gedekt.

Het komt de esthetiek ten goede wanneer genitaal gepiercte en getrimde vrouwen besluiten tot een herstel van de natuurlijke omgeving van de kut. Dus: verwijdering van de sleutelringen en andere onderhoudsintensieve metalen, alsmede een voorzichtige hergroei van het schaamhaar. Het eerste kost een uurtje, het tweede iets langer – vermoedelijk zo'n week of zeven, acht voordat het stoppelveld zich heeft ontwikkeld tot zachtere substantie. Acht weken vanaf vandaag, dat valt mooi samen met de dag van de verkiezingen. Van Paul Scheffer hebben we geleerd hoeveel effect het heeft als je je J'accuse afsluit met een driest dreigement. Voor de enthousiaste voorstander van de kut als naturel kroondomein volstaat daarom een lichte variant van Scheffers waarschuwing: voorlopig blijf ik tot 15 mei thuis.