Karel Doorman

Steven Derix beschouwing (5 maart) over Schout bij Nacht Karel Doorman en de Slag in de Java Zee behoeft enige kanttekeningen naar aanleiding van de opmerkingen van vice-admiraal b.d. G.Hooft.

Inderdaad wist Doorman dat hij kansloos was. Dat kwam al eerder aan de orde in contacten met zijn hoogste baas vice-admiraal Helfrich (ABDA commandant in Bandoeng). Doorman had de realistische opvatting zijn eskader niet bloot te willen stellen aan een onafwendbare vernietiging en stelde voor zijn thuisbasis naar het aan de Indische Oceaan gelegen Tjilitjap te mogen verleggen. Helfrich verbood hem dat in zeer duidelijke termen (men leze Helfrichs Memoires). In een documentaire die enkele jaren geleden voor de televisie werd uitgezonden is een gesprek over dit pleidooi nog eens bevestigd door de secretaresse van Helfrich. Aan Doormans moed en integriteit kan niet worden getwijfeld. Helfrichs alles of niets-visie is wel degelijk voor kritiek vatbaar. Marinehistorici als Roskil (The War at Sea), Thomas (Battle of the Java Sea) en Karig/Kelley (Battle Report Pearl Harbour to Coral Sea) hebben daar duidelijke meningen over opgetekend.

Doorman was overigens geen commandant van de kruiser De Ruyter. Dat was kapitein-luitenant ter Zee Lacomblé. Doorman en zijn staf voerden het bevel over het eskader vanaf deze lichte kruiser.