Verering van 't hakenkruis

Wel elf kwalificaties – van `intelligent' en `intrigerend' tot `wreed' en `brutaal' – waren er te lezen op de bioscoopposter van Romper Stomper. De distributeur had vanaf het eerste moment al door een cult-hit in handen te hebben en liet niet na dat te benadrukken. Het onderwerp van de film is er dan ook naar: Australische neonazi's. Later kwam daar nog eens bij dat Romper Stomper de internationale doorbraak betekende van Russell Crowe, de bonkige acteur die vorig jaar een Oscar won voor zijn hoofdrol in Gladiator en die dit jaar weer hoge ogen gooit met A Beautiful Mind.

In de film van vanavond is Crowe voorzien van een dozijn angstaanjagende tatoeages, een gemillimeterd kapsel, zware kisten met witte veters en een nonchalant wapperende overjas. Als Hando staat hij aan het hoofd van een groepje randgroepjongeren in Melbourne dat zijn werkloze onvrede en verveling heeft omgezet in fanatieke rassenhaat en verering van alles waar maar een hakenkruis op staat. Ze doden de tijd met slamdancen op simplistische `oi-punk', bier drinken en het terroriseren van de lokale Vietnamese middenstand.

Vooral in die onverbloemde geweldsscènes laat regisseur Geoffrey Wright zien goed te hebben gekeken naar A Clockwork Orange (1971). De term `zinloos geweld' schiet hier tekort; de rauwe weergave van de brute knokpartijen stralen een soort dierlijke stuurloosheid uit. Vergelijkbaar met Stanley Kubricks klassieker, waarin de negende symphonie van Beethoven een belangrijke rol speelt, wordt die grofheid in de sleutelscène nog eens versterkt door het contrast met de verfijnde aria op de geluidsband.

Maar terwijl de `ultra-violence' in A Clockwork Orange de afwijking is van een losgeslagen individu, laat Romper Stomper het geweld zien als groepsfenomeen. De dramatische katalysator van de film is dan ook het uiteenvallen van die groep die eindigt in de ondergang van miniatuur-führer Hando. Wat dat betreft is Wrights visie op de skinheads een stuk realistischer dan die van Tony Kaye in het recente, succesvolle American History X (1998), waarin Edward Norton zich ontwikkelt van rechtsextreme relschopper tot berouwvolle ex-nazi. Romper Stomper biedt die catharsis niet, hier niet de illusie van een happy end. De boodschap hier is even simpel als verpletterend: geweld kan alleen maar eindigen in geweld.

Romper Stomper (Geoffrey Wright, Australië, 1992), Net5, 0.55-2.30u.