Robuust bestuur

,,Er is niets mis met de provincies'', was de hartenkreet van een viertal gedeputeerden ruim tien jaar geleden in een open brief. Ze protesteerden tegen de ,,piasfunctie'' die het provinciale middenbestuur in Nederland is toebedeeld, terwijl het juist een uniek potentieel in huis heeft. Een combinatie van regionale autoriteit, alternatieven voor allerlei rijksinpecties en bovendien: zaakwaarnemer bij uitstek van regionale belangen op het Europees niveau. Deze formule is nu weer uit de kast gehaald door de commissie-Geelhoed die zes provincies-nieuwe-stijl bepleit. Er is in ruim tien jaar tijd inderdaad niets verbeterd. Ondanks alle officiële bezweringsformules van een ,,modern en sterk middenbestuur'' blijft de provincie een bestuurlijk ,,bleekneusje''. ,,Een instituut voor restverwerking.'' ,,Een drama in een zaaltje dat langzaam leegloopt.'' Aan oneliners geen gebrek.

De bestuurlijke nood wordt er niet minder door. Steeds meer maatschappelijke problemen trekken zich niets aan van de grenzen van de gemeenten die het bestuurlijke basispatroon van dit land vormen. De provincie kan het gat niet vullen, doordat ze wel ,,hindermacht'' heeft, maar geen ,,doorzettingsmacht''. De provinciale afgevaardigden zijn politiek gesproken zelf vaak bleekneusjes. Dus groeien er overal, zoals dat heet, ,,verlengde'' bestuursvormen voor bovengemeentelijke functies – van het zwembad en de politie tot bejaardenzorg en openbaar vervoer – die allemaal een eigen gebiedsindeling hebben. Deze besturen hebben één ding gemeen: ze zijn niet direct gekozen. Dat geldt ook voor de stadsgewesten-nieuwe-stijl van minister De Vries (Binnenlandse Zaken) die moeten voorzien in ,,vormen van voortgezette en niet vrijblijvende samenwerking'' in de verstedelijke knooppunten.

Er zijn goede redenen voor Geelhoed c.s. zich af te zetten tegen het ,,bestuurdersbestuur'' dat de steeds machtiger intergemeentelijke netwerken beheerst en waaraan geen burger te pas komt. Vanuit een breder Europees standpunt valt er ook veel voor te zeggen om de provinciale lappendeken om te zetten in een handvol robuuste landsdelen. Tijd voor actie dus. Geelhoed is een ambtelijke zwaargewicht, maar hij zit tegenwoordig op afstand bij het Europese Hof in Luxemburg. Hij vestigde als Haags ambtenaar zijn naam met een scherpzinnig pleidooi voor deregulering: snoeien in het woud van regels. Ooit nog veel gemerkt van minder doch betere regels? Geelhoeds provincieplan verdient een beter lot.