Ach, Alva... ja die ligt hier

Vorige week stond ik zomaar oog in oog met de Hertog van Alva, de boeman van onze vaderlandse geschiedenis. De ontmoeting had plaats in de Spaanse (Castiliaanse) stad Salamanca, die dit jaar samen met Brugge is uitgeroepen tot Culturele Hoofdstad van Europa. Om deze reden was ik er ook, want Salamanca schotelt de bezoeker een aantrekkelijk cultureel programma voor.

Er zijn tal van folders en programmaoverzichten, de een nog uitvoeriger dan de ander. Zelfs zijn er prachtbrochures in het Nederlands. Maar over `onze' Alva was nergens iets te lezen. Gelukkig had een neef van mij die in Salamanca studeerde, mij er vóór mijn vertrek op gewezen dat de hertog in het Dominicaner klooster van San Esteban begraven lag.

Toen ik daar naar zijn graf informeerde, ontstond verwarring. De Dominicaner monnik die mij te woord stond, wist het niet precies. Hij haalde een medebroeder erbij en deze bevestigde de aanwezigheid van Alva's laatste rustplaats. De beruchte ijzervreter bleek te liggen in een kale tussenruimte tussen trappenhuis en kerkingang. Terwijl andere bezoekers ongeïnteresseerd doorliepen, bekeek ik het marmeren praalgraf nader.

Bovenop staat het borstbeeld van Alva, de man die bij ons wegens zijn meedogenloze optreden tegen de opstandelingen in de Nederlanden bekend staat als de IJzeren Hertog. Van 1567 tot 1573 was hij namens de Spaanse koning Filips II landvoogd in de Nederlanden. Zijn opdracht was alle rebellen, onder wie Willem van Oranje, te straffen.

Het werd een schrikbewind. De door hem ingestelde Bloedraad wees vonnis zonder zich te bekreunen om privileges. Hij voerde nieuwe belastingen in die op fel verzet stuitten. De ketterse protestanten werden met grote gestrengheid vervolgd. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de Spaanse hertog in onze historie een zeer slechte naam heeft.

Het grafmonument vertelt een ander verhaal. Op het marmer is een lofdicht uit 1619 van de beroemde Spaanse schrijver Lope de Vega (1562-1635) aangebracht. De politieke en militaire inspanningen van Alva worden hierin vergeleken met de stralen van de zon, die duistere wolken doorbreken, zoals opstanden in Frankrijk, Italië en de Nederlanden.

Nu was Lope de Vega vijf jaar secretaris van Alva's kleinzoon en dus enigszins vooringenomen, maar dat neemt niet weg dat de IJzeren Hertog wegens zijn grote verdiensten in Spanje bekend staat als el Gran Duque, de Grote Hertog. In de perceptie van de Spanjaarden is de sublevación (de Opstand) van de Nederlanders niet meer dan een voetnootje, een onbetekenend lastigheidje in een verre uithoek van het immense rijk van koning Filips II. Overigens was ons land op het moment dat Lope de Vega zijn gedicht schreef nog in oorlog met Spanje. Pas in 1648 werd in Münster de vrede getekend.

Op het grafmonument staan voorts de volledige naam en de hertogelijke titel van Alva vermeld. Hij had niet minder dan 28 adellijke titels. Naast derde hertog van Alva mocht hij nog drie andere hertogstitels voeren; verder was hij achtmaal markies en zestien keer graaf. Bovendien waren dertien van zijn adellijke titels verbonden met de Grandeza (waardigheid van Rijksgrote) van Spanje. Heel wat anders dan onze Willem van Oranje, een nieuwbakken prins (in 1544 had hij het Prinsdom Oranje geërfd) die slechts een handjevol titels voerde.

Maar nu komt de vraag: waarom ligt Alva in Salamanca begraven? Hij is namelijk in Portugal gestorven.

Dat zit zo. In 1573 werd Alva door koning Filips II uit de Nederlanden teruggeroepen. Aanvankelijk nam hij zijn oude plaats als lid van de Hofraad weer in. Ook volvoerde hij enige diplomatieke missies. Maar toen wekte hij de toorn des konings. Zijn zoon Frederik trad namelijk in het huwelijk zonder hiervoor toestemming van Filips II te hebben gevraagd. De koning was razend: Frederik werd gevangen gezet en vader Alva, inmiddels 72 jaar oud, werd verbannen naar het kasteel van Uceda.

Maar de koning bleek weldra niet zonder de Gran Duque te kunnen. Filips wilde Portugal veroveren en er was in Spanje maar één man die dat voor hem kon doen: Alva. De oude baas werd dus uit zijn kasteel gehaald en naar Portugal gestuurd. In de zomer van 1580 werd dat land in 53 dagen onder de voet gelopen. Alva zat soms acht uur per dag in het zadel, en dat in de brandende zon. Soms ook voerde hij zijn leger aan vanuit een draagstoel. Alva werd beloond met de benoeming tot regent van het veroverde gebied. Maar hij was oud en der dagen zat. In 1581 werd hij van zijn post ontheven, op 11 december 1582 stierf hij in een dorp bij Lissabon, waar hij ter aarde werd besteld.

Vele jaren later, in 1619, besloot zijn kleinzoon Antonio, 5de hertog, om het lijk van de groothertog naar Salamanca te laten brengen. De familie bezat hier een schitterend paleis; bovendien ontleende zij haar naam aan het vlakbij Salamanca gelegen stadje Alba de Tormes. Zo werd in 1619 de loden kist met het stoffelijk overschot van de groothertog vanuit Alba de Tormes in een `somptueuze en spectaculaire stoet' naar het San Esteban-klooster te Salamanca vervoerd, alwaar hij in zijn praalgraf te ruste werd gelegd.