Accountant vangt bot in ESF-affaire

De Nederlandse regering heeft tevergeefs het Britse accountantskantoor Robson Rhodes ingeschakeld om de ESF-claim van de Europese Commissie van tafel te krijgen.

De Europese Commissie besloot gisteren formeel het werk van de accountant terzijde te schuiven en 157 miljoen euro terug te vorderen van het bedrag dat Nederland in de periode 1994-1996 aan werkgelegenheidssubsidies heeft ontvangen uit het Europees Sociaal Fonds (ESF). De Commissie heeft hiermee een derde van alle Nederlandse ESF-uitgaven in die periode afgekeurd. Niet eerder heeft een EU-lidstaat zo'n hoge ESF-terugvordering opgelegd gekregen.

Robson Rhodes kwam tot het oordeel dat van de Nederlandse uitgaven slechts 10,3 procent niet in orde was. Op grond van deze conclusie van Robson Rhodes kon de terugvordering van de Europese Commissie volgens het kabinet worden teruggebracht tot circa 46 miljoen euro, veertien miljoen euro meer dan onderzoeker H. Koning vorig jaar voorzag.

De Commissie heeft de alternatieve berekening verworpen, omdat Nederland de originele documenten van onderzochte projecten niet kon overleggen. Het rapport van Robson Rhodes was volgens een hoge Brusselse ambtenaar gebaseerd op ,,tweedehands materiaal'', namelijk op onderliggende stukken van accountantsverklaringen. Maar daarvan was volgens hem al in 1997 vastgesteld dat die niet betrouwbaar waren.

De terugvordering is gebaseerd op een steekproef van 45 projecten. Eerder was van een groot deel van deze projecten gebleken dat Nederland niet de (volledige) administratie kon overleggen. Mede op grond hiervan keurde de Commissie in eerste instantie 41 procent van de declaraties af, wat vorig jaar leidde tot een claim van 203 miljoen euro (447 miljoen gulden).

De regering had wel succes met het inschakelen van de Amsterdamse hoogleraar statistiek J.Bethlehem. Hij overtuigde Brussel ervan dat er een te strikte extrapolatie was gemaakt. De Commissie kwam door hem op een foutenpercentage van 31,3, wat overeenkomt met 157 miljoen euro. Het kabinet moet nog besluiten over beroep bij het Europese Hof van Justitie in Luxemburg.

hoger beroep: pagina 2