Partijen moeten in beweging komen 3

Als politiek geïnteresseerde, in Oostenrijk woonachtige Nederlander valt mij de treffende gelijkenis tussen de rechts-populistische politicus Jörg Haider en de electoraal succesvolle Rotterdammer Pim Fortuyn onmiddellijk op. Beiden weten de aandacht van de media voortdurend op zich te vestigen en zijn meesters op het terrein van de politieke agenda-setting: Ze dwingen hun opponenten zich constant met kwesties bezig te houden, die zij aan de orde stellen.

Bovendien bestaat er niet alleen in persoonlijk profiel vijftigers, hoog opgeleid, perfect gekleed maar ook in programmatisch opzicht een duidelijke overeenkomst tussen Haider en Fortuyn. Beiden willen de instroom van asielzoekers stopzetten en spelen op die manier handig in op het onbehagen van velen `vreemdeling in eigen land' te zijn, beiden geven hoge prioriteit aan veiligheid op straat en misdaadbestrijding, beiden zetten zich in voor vormen van `directe democratie' (referendum e.d.) om zo de regenteske cultuur van het partijpolitieke establishment te doorbreken.

Als de opmars van Fortuyn zich bij de Kamerverkiezingen in mei inderdaad doorzet, krijgt Nederland er een politieke `speler' bij die het de gevestigde partijen even moeilijk kan maken als Haider dit in de Oostenrijkse politieke verhoudingen heeft gedaan. Dat heeft overigens ook een positieve kant: De politieke besluitvorming speelt zich niet langer hoofdzakelijk binnenskamers af, maar veel meer in levendige debatten in de openbaarheid.