Chemie van de liefde

Alles draait om de liefde tijdens de boekenweek. Met de liefde kan een week worden gevuld, maar net zo makkelijk een eeuw. De literatuur vaart wel bij de liefde. Het ene massagraf na het andere wordt gedolven. Liefde brandt als turf. Onderzoek in de hersenscanner heeft uitgewezen dat verliefdheid een combinatie is van euforie en domheid. Daar was ik als jonge amateurwielrenner al achter. Verliefdheid was een uitstekend dopingproduct. Ik herinner me de koersen die ik won tijdens perioden van verliefdheid. Slapeloosheid, een totaal gebrek aan eetlust, concentratiestoornissen gepaard gaande met onlust, stootten me de absolute topvorm binnen. Alsof achter elke eindstreep in plaats van de rondemiss het meisje van mijn verlangen wachtte. Kende ik toch maar de formule van de scheikunde die door de aderen raast, verzuchtte ik in die tijd regelmatig. Want dan kon ik de pillen laten draaien die me onoverwinnelijk maakten zonder de complicaties van een onhandige relatie. Die formule is vandaag bekend.

Tijdens de eerste fase van de verliefdheid wordt het lichaam bestookt met amfetamineachtige stoffen die verantwoordelijk zijn voor euforie en onrust. Een verklaring: centraal staat de verovering. In dit stadium wordt ook het hormoon noradrenaline aangemaakt. Het gebrek aan eetlust dat het gevolg is van deze stof zou de geliefden in de oertijd ervan weerhouden hebben meteen weer te gaan jagen of bessen te plukken, opdat ze langer bij elkaar konden blijven.

Aan de pret komt echter een eind. Er treedt gewenning op. De aanblik van de geliefde veroorzaakt niet langer een buskruitreactie in de hersenen. De endorfinen nemen het over van de amfetaminen. Zij geven een veilig gevoel en zijn rustgevend. Verliefdheid gaat over in houden van. Verder zijn voor het hechtingsproces verantwoordelijk de hormonen oxytocine en vasopressine, ook wel hechtingshormonen genoemd. Vasopressine veroorzaakt agressiviteit ten opzichte van potentiële rivalen.

Dit is natuurlijk een globale voorstelling van de chemie van de liefde. Een veel groter aantal springerige moleculen speelt een rol. Of de farmaceutische industrie voldoende vertrouwen heeft in de liefde om in de toekomst een gelukspil te ontwikkelen, is nog maar de vraag. De liefdesliteratuur levert hiervoor voldoende tegenargumenten. En wie toch de domheid en de euforie zoekt kan zich altijd nog behelpen met partydrugs.

Voor de sporter ligt het ingewikkelder. De liefde in pilvorm staat op de dopinglijst. Toch zie ik vele toepassingsmogelijkheden in de liefdespraktijk van alledag. Wat een ordinaire verliefdheid kan bewerkstelligen heb ik uitgelegd. Maar ook in de fase die volgt op de roes liggen winstkansen. De partner van de atleet dient, met het oog op het agressieverwekkende hormoon vasopressine, stevig te flirten, ja zelfs de indruk van vreemdgaan te wekken. Agressie is macht in de sport. En zoals onze sportvrouwen hun maandelijkse cyclus met behulp van de pil afstemmen op het wedstrijdprogramma, zo kan men prestaties doen opbloeien door verliefdheden te agenderen. De wetenschap stelt dat de chemische liefdescyclus na vier jaar is voltooid. Dat is precies de tijdspanne die ligt tussen twee olympiades. Mooier valt met liefde niet te pieken.