Israëlische leger intensiveert actie tegen Palestijnen

Het Israëlische leger heeft zijn offensief op de Westelijke Jordaanoever en in de Gazastrook vanochtend uitgebreid, in overeenstemming met het kabinetsbesluit van gisteravond om de legeroperaties tegen Palestijnse terreur te intensiveren.

Het kabinetsbesluit kwam een dag na nieuwe Palestijnse aanslagen in de stad Netanya, waarbij twee doden vielen, onder wie een baby, en in Jeruzalem, waar elf Israëlische jongeren in een café de dood vonden. Gisteravond probeerde een Palestijn een aanslag te plegen in een feestzaal in de stad Ashdod, maar zijn wapen blokkeerde. De Aqsa-brigades, onderdeel van Yasser Arafats Fatah, en het moslim-extremistische Hamas eisten de aanslagen op.

De Israëlische premier Ariel Sharon deed tegelijk een nieuwe concessie aan de Palestijnen, met zijn mededeling nu bereid te zijn de Palestijnse leider Yasser Arafat weer bewegingsvrijheid in de Palestijnse gebieden te geven. Arafat staat de facto sinds 3 december onder huisarrest om hem te dwingen de moordenaars van de Israëlische minister van Toerisme, Rehavam Ze'evi, te arresteren.

Volgens Sharon heeft Arafat nu aan deze voorwaarde voldaan. Eerder trok Sharon zijn eis in dat er pas over een bestandsregeling kan worden gepraat na zeven geweldloze dagen.

De Amerikaanse bemiddelaar Anthony Zinni komt later deze week naar het gebied terug om te proberen een eind te maken aan het snel escalerende geweld. Volgens de Israëlische media komt Zinni met het voorstel een aantal Amerikaanse waarnemers in het gebied te stationeren in het geval van een bestand.

In een eerste reactie op de aanslagen van zaterdag verwoestte het leger gisterochtend met tientallen raketten Arafats hoofdkwartier in Gaza-stad, symbool van het Palestijnse streven naar soevereiniteit. Vannacht en vanochtend drongen Israëlische legereenheden Palestijnse gebieden in de Gazastrook en op de Westelijke Jordaanoever binnen. Daarbij vielen tot vanmiddag vier Palestijnse doden. Gisteren waren ook al verscheidene Palestijnen gedood bij Israëlische legeracties. Sinds het begin van de intifada, anderhalf jaar geleden, heeft zij nu zeker 1.021 Palestijnen en 333 Israëliërs het leven gekost.

Ongeveer 50 tanks en pantserwagens rolden onder dekking van helikopters de Palestijnse stad Qalqilya op de Westelijke Jordaanoever binnen. Van tevoren was de elektriciteit afgesloten. Op de Westelijke Jordaanoever bezette het leger ook het vluchtelingenkamp Deheishe bij Bethlehem. Er werd een uitgaansverbod afgekondigd, en alle mannen tussen de 15 en 45 jaar moesten zich melden voor ondervraging. Legereenheden trokken eveneens Palestijns gebied binnen op de Gazastrook, waaronder het vluchtelingenkamp Bureij, en bezetten onder andere posten van de Palestijnse veiligheidsdienst.

analyse/reportage: pagina 4

hoofdartikel: pagina 7