De Michael Jordan van Landsmeer

Sandra van Embricqs (33) is bezig aan de laatste maanden van een imposante basketbalcarrière. De enige Nederlandse die ooit prof in de Verenigde Staten was, speelde zaterdag voor een paar honderd toeschouwers een verloren bekerfinale met de Lions uit Landsmeer. ,,Alles in het leven is voorbestemd.''

Sandra van Embricqs is voor het nietige Lions, wat Michael Jordan voor de Washington Wizards is. In alles is de 33-jarige Van Embricqs vele malen grootser en beter dan haar internationaal onervaren ploeggenoten bij de basketbalclub uit het Noord-Hollandse dorp Landsmeer. De knieën van de beste Nederlandse speelster ooit mogen dan wel bijna versleten zijn, aan het voortijdig in de steek laten van de Lions denkt ze niet. Van Embricqs wil haar loopbaan afsluiten in stijl.

Zaterdagavond probeerde Van Embricqs haar ploeg aan de nationale beker te helpen, maar de center zag die missie vlak voor tijd stranden in de finale tegen het sterkere Amsterdam (59-55). ,,De Nederlandse beker zal ik dus nooit meer winnen'', zegt een glimlachende Van Embricqs na afloop op het veld van de Lions. ,,Het is niet anders. Dan moeten we dit jaar maar het kampioenschap winnen.''

Slechts een paar maanden geleden dacht Van Embricqs nog als professional van Ramat Hen een gooi te kunnen doen naar de nationale titel van Israël. Maar aan die ambitie kwam een plotseling einde toen ze bij de club had geklaagd over het feit dat ze in een hotelkamer moest leven zonder gasfornuis en ijskast. De clubleiding verweet haar vedetteneigingen. Ze kon direct vertrekken. Aan een imposante internationale loopbaan die haar via profcompetities in de Verenigde Staten, Spanje, België, Frankrijk en Griekenland naar Israël had gebracht, was abrupt een einde gekomen. ,,Ik had me het einde ook anders voorgesteld, maar zo gaan die dingen in het basketbal'', legt Van Embricqs uit in de kantine van de Lions. ,,Mannen begrijpen niet dat een vrouw zich niet thuis voelt in een hotel. Dat heeft met sterallures niets te maken. Ik ben in de eerste plaats vrouw en daarna pas basketbalster.''

Tijdens haar verblijf in Israël had Van Embricqs haar hartsvriendin en Lions-speelster Alice Felter telefonisch van haar problemen op de hoogte gebracht. Felter lichtte daarop coach Roy Leysner in over een mogelijke terugkeer van Van Embricqs naar Nederland. Eind vorig jaar sloten de speelster en de club uit Landsmeer verrassend een verbintenis tot het einde van het lopende seizoen. Felter: ,,Ik heb altijd de wens gehad om nog eens met Sandra samen te kunnen spelen, maar dat kon nooit. Het is heel gaaf dat dat nu gelukt is. Met haar erbij zijn we opeens weer titelkandidaat geworden.''

Ook Leysner is enthousiast over de plotselinge versterking voor zijn ploeg. ,,Ik ben sinds 1968 bij het Nederlandse basketbal betrokken. Ik heb nooit een betere speelster gezien dan Van Embricqs'', zegt de uit Suriname afkomstige Leysner. ,,Ik ben heel blij dat ze door omstandigheden bij ons terecht is gekomen. Het is uniek dat ze hier speelt. Daar ben ik echt trots op.''

Van Embricqs voelt zich zeker niet te groot voor de Nederlandse competitie, maar ze heeft de voorbije maanden wel aan het idee moeten wennen dat het spelen van basketbal in Nederland geen fulltime beroep is. Het grootste deel van haar inkomen verdient Van Embricqs sinds kort dan ook in de anonimiteit, als baliemedewerkster van de Rabobank in Amersfoort.

Van het geld dat Van Embricqs verdiende in de tijd dat ze in de internationale top van het basketbal speelde, kan ze niet rentenieren. ,,Was het maar waar'', zegt Van Embricqs lachend. ,,Als ik een man was geweest zou ik nu miljonair zijn. Maar ik ben trots op wat ik bereikt heb. Ik heb het ook niet gedaan om in de schijnwerpers te komen.''

De weg die Van Embricqs aflegde om de top te bereiken is geenszins eenvoudig geweest. Als jongste in een katholiek gezin van zes kinderen kwam ze in een volksbuurt in de Surinaamse hoofdstad Paramaribo ter wereld. Kort na haar geboorte kreeg haar vader een hersenbloeding. Toen Van Embricqs drie jaar oud was stierf hij. Moeder Adeline van Embricqs verdiende de kost als cipier van de gevangenis en als bewaakster bij het kantongerecht. Omdat ze geen toekomst in Suriname zag, stuurde ze haar oudere kinderen naar Nederland. Een paar jaar later maakte ze zelf ook de oversteek met de 6-jarige Sandra.

Van Embricqs groeide op in Soest. In navolging van haar oudere zus werd ze lid van de plaatselijke basketbalvereniging de Red Stars. Het was de tijd dat Van Embricqs de lengte in schoot. ,,Ze heeft echt het lichaam van haar vader'', zegt de nu 72-jarige moeder Van Embricqs. ,,En ze heeft ook het rustige van hem. Ik ben meer een woelwater. Sandra niet. Ze zei vroeger nooit veel, maar ze wist altijd precies wat ze wilde. Basketballen.''

Van Embricqs was op haar vijftiende het niveau van haar leeftijdgenoten al ruimschoots ontgroeid. In 1984 vierde ze haar debuut in de Nederlandse competitie als speelster van de Amsterdamse Canadians met het landskampioenschap. Na een jaar eredivisie ging Van Embricqs in op het aanbod van UCLA universiteit in Los Angeles om een studie te combineren met basketbal. In de Verenigde Staten studeerde ze Franse literatuur en in het basketbalteam van UCLA legde ze de basis voor een profloopbaan. Maar het was ook de tijd waarin ze haar broer Milton verloor. Hij zat aan boord van het SLM-vliegtuig dat in 1989 in Suriname verongelukte. Ook verloor Van Embricqs een zus door een aanrijding.

Ze is in de loop der jaren gaan geloven dat ,,alles in het leven is voorbestemd''. Zo ook de dag in 1991 dat Van Embricqs haar eerste profcontract bij de Spaanse basketbalclub Manresa sloot. Van Embricqs: ,,Het gaf een prachtig gevoel toen ik dat contract tekende. Ik was prof geworden. Ik verdiende geld met basketbal. Een droom was uitgekomen.'' Het Spaanse avontuur bleek het begin van een turbulente loopbaan waarin ze nooit langer dan twee seizoenen voor dezelfde club speelde.

Via Haaksbergen en de Belgische clubs St. Servais en Kortrijk kwam ze in 1997 terecht bij de Europese topclub Bourges uit Frankrijk. Ze werd Europees clubkampioen. Het hoogtepunt in haar carrière moest echter toen nog komen. In mei 1998 beleefde Van Embricqs haar finest hour toen ze een contract tekende bij de Los Angeles Sparks. Ze werd de eerste Nederlandse speelster die toetrad tot de Amerikaanse profcompetitie van de WNBA, het Mekka van het vrouwenbasketbal. De 1.88 lange Van Embricqs speelde in de Verenigde Staten wedstrijden voor duizenden toeschouwers en kreeg overal erkenning voor haar prestaties. In haar geboorteland Suriname, waar sommige wedstrijden van de Sparks rechtstreeks op de televisie werden uitgezonden, groeide ze uit tot een nationale ster. Volgens haar huidige coach Leysner is haar bekendheid daar ,,van het niveau Edgar Davids''.

In Nederland heeft vrijgezel Van Embricqs de status van beroemdheid nooit bereikt. Haar afscheidstournee door Nederland vindt de komende weken plaats in gemeentelijke sporthallen voor een handjevol toeschouwers. Zo ook zaterdag toen ze in Landsmeer de finale van de nationale beker speelde. De bokaal stond voor de wedstrijd pontificaal op een stoel achter de houten omheining geplaatst. Van Embricqs mocht aan het einde van de avond de foeilelijke trofee niet in haar armen sluiten. Ze berustte snel in de nederlaag. ,,Ach, winnen is niet meer het belangrijkste. Het gaat er vooral om dat die meisjes beter worden. Vandaag zat er niet meer in voor ze. Maar ze zijn nog jong'', stelt Van Embricqs. Na dit seizoen wil ze zich gaan inzetten voor de toekomst van het vrouwenbasketbal.

Het boegbeeld van het Nederlandse vrouwenbasketbal gaat de komende zomer in Zwolle een kamp organiseren voor talentvolle jeugdspelers. Daarbij laat ze Amerikaanse coaches overkomen die mogen beoordelen of er geschikte talenten zijn om mee naar de Verenigde Staten te nemen. ,,Het is belangrijk dat de jeugd een goed toekomstperspectief ziet'', zegt Van Embricqs. ,,Ik zie het als een soort missie om me daar voor in te zetten.'' Een leven zonder basketbal is voor Van Embricqs nauwelijks voor te stellen.